Drs. Henk Vrins over het Olaf Schuiling Fonds

In gesprek met initiatiefnemer alumnus drs. Henk Vrins
Henk Vrins

Het initiatief voor het instellen van het Olaf Schuiling Fonds komt van drs. Henk Vrins. Hij studeerde in de jaren zestig scheikunde aan de Universiteit Utrecht, waarna hij carrière maakte bij Koninklijke Hoogovens (later Corus, nu Tata Steel). Zes vragen over zijn studententijd aan de Universiteit Utrecht en zijn motivatie om decennia later dit fonds in te stellen.

Het Olaf Schuiling Fonds ondersteunt onderzoek op het gebied van geochemie. Vanwaar de keuze voor dit specifieke vakgebied?

De Universiteit Utrecht bood destijds, en naar ik hoop nog steeds, een grote diversiteit aan colleges in deelgebieden van de chemie, waaronder ook mineralogie. Ik heb daar voor mijn kandidaatsexamen dankbaar gebruik van gemaakt. Mijn hoofdvak voor het doctoraalexamen werd theoretische chemie, maar daarnaast heb ik als tegenwicht bewust gekozen voor een down-to-earth bijvak als geochemie. Mede daardoor kon ik een paar jaar later, inmiddels bezig aan een weer theoretisch getint promotieonderzoek, een aanbod van Hoogovens om aan het werk te gaan in een exploratieproject in de tropen niet weerstaan. Geochemie mocht dan mijn bijvak zijn, het is bepalend gebleken voor mijn carrière.

En Olaf Schuiling dus ook?

Jazeker. Hij heeft mijn interesse gewekt voor de geochemie en mij de eerste stappen leren zetten in dat destijds nieuwe vakgebied. Ik heb ook na mijn studietijd contact met Olaf gehouden, onder andere over zijn huidige onderzoek en publicaties.  

U heeft uw promotieonderzoek destijds afgebroken. Heeft u er ooit over nagedacht dat toch nog een keer af te maken?

De intentie was dat mijn werk voor Hoogovens tijdelijk zou zijn, en dat ik na een jaar of drie terug zou keren naar de universiteit om alsnog te promoveren. Dat is er niet meer van gekomen. Daardoor ontstond wel een gevoel dat ik nog iets recht te zetten had met de wetenschap. Het instellen van een Fonds op Naam dat huidig onderzoek financieel ondersteunt is voor mij de ideale manier om dat ook inderdaad te doen.

U heeft er bij het instellen van het fonds voor gekozen om alleen fundamenteel onderzoek te ondersteunen. Waarom juist fundamenteel onderzoek en niet ook toepassingsgericht onderzoek?

Allereerst hoort toepassingsgericht onderzoek mijns inziens op een wetenschappelijke universiteit als die van Utrecht minder thuis. Daar hebben we in Nederland technische universiteiten voor. Daarbij komt dat toepassingsgericht onderzoek gemakkelijker financiering aantrekt omdat het potentiële sponsoren doorgaans vanzelf meer aanspreekt. Zelfs de Nederlandse overheid is steeds meer geneigd om vooral onderzoek te bevorderen dat gericht is op het oplossen van ‘maatschappelijke vraagstukken’. Een wetenschappelijke universiteit is er echter vooral op gericht om door middel van fundamenteel onderzoek kennis en inzicht te ontwikkelen, wat het resultaat uiteindelijk ook moge zijn. 

Een wetenschappelijke universiteit is er vooral op gericht om door middel van fundamenteel onderzoek kennis en inzicht te ontwikkelen, wat het resultaat uiteindelijk ook moge zijn.
Henk Vrins
Drs. Henk Vrins
Alumnus en initiatiefnemer Olaf Schuiling Fonds

Waar is het extra geld dat het fonds biedt voor nodig?

Utrecht heeft inmiddels een sterke en ook internationaal vermaarde geochemie-afdeling, met veel meer studenten dan in mijn tijd. De stroom onderzoeksvoorstellen is dan ook vaak groter dan waar het reguliere budget in kan voorzien, waardoor zelfs kwalitatief uitstekende projecten buiten de boot vallen. Dat kunnen bijvoorbeeld onderzoeken zijn waarbij zeer geavanceerde, maar ook erg dure en soms niet in Utrecht beschikbare analyseapparatuur nodig is. Studenten kunnen bij het fonds een verzoek indienen voor een bijdrage in de kosten voor het gebruik daarvan, wat de kwaliteit van hun onderzoek ten goede komt.

Wat is uw rol in het fonds nu?

Als lid van de bestedingscommissie kijk ik vooral of een voorstel beantwoordt aan de doelstelling van het fonds. Tot nu toe ben ik aangenaam verrast door de kwaliteit en de wetenschappelijke relevantie van de projecten waar de huidige generatie studenten geochemie aan werkt. Ik zou alle overige alumni uit het vakgebied willen uitnodigen om ook aan het Olaf Schuiling Fonds bij te dragen – aan onderzoeksprojecten die het ondersteunen waard zijn is geen gebrek.