De kwaliteitszorg van de Utrechtse opleidingen is op verschillende niveaus georganiseerd.

Intern buigen het college van bestuur, decanen, docenten en studenten zich in verschillende verbanden over de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast worden alle opleidingen extern getoetst door een visitatiecommissie. Verder meet het college van bestuur periodiek de resultaten van het onderwijs met verschillende  instrumenten, zoals opleidingsvisitaties, enquêtes onder studenten, alumni en medewerkers en kwantitatieve gegevens over in-, door- en uitstroom.

Interne beoordeling

Het college van bestuur toetst iedere nieuwe opleiding in planvorm. Na goedkeuring worden de opleidingen (programma's) opgenomen in het Universitair Register van Opleidingen (URO), een voorwaarde voor registratie in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO).

Opleidingscommissie

Iedere opleiding heeft een eigen opleidingscommissie. De opleidingscommissie brengt, mede op basis van de resultaten van onderwijsevaluaties, advies uit over de kwaliteit van het onderwijs, stelt eventuele knelpunten aan de orde en adviseert over de ontwikkeling en uitvoering van het onderwijsbeleid. Een opleidingscommissie bestaat uit studenten en docenten.

Examencommissie

In een examencommissie zitten leden van de wetenschappelijke staf die onderwijs verzorgen voor de opleiding. De examencommissie heeft een wettelijke taak om toezicht te houden op de kwaliteit van diploma's, tentamens en andere toetsvormen. De examencommissie stelt richtlijnen op voor de beoordeling en vaststelling van de uitslag en beoordeelt aanvragen voor keuzevakken en vrijstellingen. De examencommissie is verplicht om een jaarverslag te maken. Hierin staan aanbevelingen die vervolgens weer moeten worden opgenomen in het proces van de interne kwaliteitszorg van de opleiding.

Medezeggenschap en inspraak

De studenten zijn de afnemers van het onderwijs. Zij weten als geen ander waar goed onderwijs aan moet voldoen. In elke laag van de organisatie van de Universiteit Utrecht denken studenten en medewerkers mee over het beleid en geven zij adviezen om de kwaliteit van onderwijs en onderzoek te verbeteren, en beslissen zij mee over de vormgeving van het systeem van interne kwaliteitszorg. Op universitair niveau is er de universiteitsraad, op facultair niveau faculteitsraden, op opleidingsniveau zijn er opleidingscommissies. 

De studentgeleding van de universiteitsraad 2014-2015 heeft een adviesrapport geschreven over studentbetrokkenheid aan de Universiteit Utrecht. 

Externe beoordeling

Een externe visitatiecommissie van (inter)nationale experts en studenten beoordeelt alle opleidingen om de zes jaar. Vervolgens accrediteert de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO) alle bachelor- en masteropleidingen van de Universiteit Utrecht

Instroom, doorstroom en uitstroom

Instroom

Van binnenkomende studenten is het belangrijk om te weten wie ze zijn en waarom ze voor een bepaalde opleiding van de Universiteit Utrecht kiezen. Met matchingstrajecten wordt hier onderzoek naar gedaan.

Doorstroom

Onder de huidige studenten verzamelt de Nationale Studenten Enquête meningen en ervaringen over het onderwijs en de bijbehorende voorzieningen. Verder organiseert de universiteit ook eigen onderzoeken, zoals eenmalige enquêtes of focusgroeponderzoeken.

Naast de universiteitsbrede onderzoeken voeren faculteiten en/of opleidingen ook eigen onderzoeken uit. De belangrijkste hiervan zijn cursus- en curriculumevaluaties.

Uitstroom

Om het oordeel van alumni te achterhalen neemt de Universiteit Utrecht deel aan de tweejaarlijkse landelijke WO-monitor. Ook organiseert de universiteit een ‘vertrekkersonderzoek’ onder studenten die de universiteit verlaten zonder diploma.