12 mei 2014

Concrete bewijzen voor inslagwinter van 66 miljoen jaar geleden

Meteorietinslag veroorzaakte wereldwijde duisternis en kou

Paleoklimatologen van de Universiteit Utrecht, de Vrije Universiteit Amsterdam en het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) hebben de eerste concrete bewijzen gevonden voor de wereldwijde afkoeling die het gevolg was van de meteorietinslag zo’n 66 miljoen jaar geleden. Hun resultaten werden op 12 mei 2014 gepubliceerd in het toonaangevende Proceedings of the National Academy of Sciences.

Massale ondergang

In wat nu Mexico is verwoestte een enorme meteorietinslag zo’n 66 miljoen jaar geleden ongeveer de helft van alle dier- en plantensoorten op aarde. Dat betekende niet alleen het einde van de dinosauriërs, maar ook van het Krijt tijdperk. Deze Chicxulub-inslag, vernoemd naar het plaatsje dat midden in de krater ligt, was het begin van het Paleogeen tijdperk en van een decennialange temperatuurdaling.

Zonblokkade

Door de inslag werd een grote hoeveelheid stof en aerosolen de atmosfeer in geblazen. Zonlicht werd tijdelijk geblokkeerd waardoor de Aarde in korte tijd flink afkoelde. Deze temperatuurdaling wordt een inslagwinter genoemd. Voorheen was nog niet concreet bewezen of de inslagwinter daadwerkelijk had plaatsgevonden, maar promovendus Johan Vellekoop van de Universiteit Utrecht vond het bewijs in Texaanse gesteentes.

De goede plek

Samen met zijn collega’s vond hij in deze gesteentes marine sedimenten die even oud waren als de inslag. “De laag zand en schelpen die we vonden is afkomstig van de tsunami’s die veroorzaakt werd door de meteorietinslag”, vertelt Vellekoop. “Net boven de laag vonden we hoge concentraties iridium, afkomstig van de meteoriet zelf. Zo wisten we dat we op de goede plek aan het meten waren.”

Minimale schatting

Op basis van bepaalde vetten van eencelligen die bewaard gebleven zijn in de gesteentes konden de onderzoekers de toenmalige temperatuur van het zeewater bepalen. Hun reconstructie toont aan dat het zeewater direct na de inslag minimaal 7°C afkoelde. “En dat is nog maar een minimale schatting; het was waarschijnlijk veel meer”, vertelt Vellekoop. “Door stormen zijn de sedimenten na de tsunami helemaal door elkaar gewoeld.”

Eerste concrete bewijzen

Deze resultaten vormen de eerste concrete bewijzen voor een inslagwinter na de Chicxulub-inslag. Deze periode van kou en duisternis duurde waarschijnlijk enkele decennia en moet één van de belangrijkste oorzaken zijn geweest van het massale uitsterven aan het einde van het Krijt.

Publicatie

De publicatie Rapid short-term cooling following the Chicxulub impact at the Cretaceous-Paleogene boundary door Johan Vellekoop (UU), Appy Sluijs (UU), Jan Smit (VU), Stefan Schouten (UU/NIOZ), Johan W. H. Weijers (UU), Jaap S. Sinninghe Damsté (UU/NIOZ), en Henk Brinkhuis (UU/NIOZ) verscheen op 12 mei 2014 in Proceedings of the National Academy of Sciences.

Meer informatie

Tom de Kievith MA, persvoorlichter faculteit Geowetenschappen, Universiteit Utrecht, T.deKievith@uu.nl, +31 30 253 5593
Johan Vellekoop MSc, Promovendus Marine Palynologie, Universiteit Utrecht, J.Vellekoop@uu.nl, +31 30 253 2402