6 november 2018

Studium Generale

De laatste slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog

Komende zondag is het precies 100 jaar geleden dat de Eerste Wereldoorlog tot een einde kwam. Het was een van de meest bloedige conflicten ooit uitgevochten op Europese bodem. Meer dan 9 miljoen militairen en naar schatting 8 miljoen burgers verloren het leven. Deze week worden de slachtoffers van ‘De Grote Oorlog’ herdacht. De gestorven burgers voelen als zinloze doden, maar de meningen over de gestorven militairen verschillen. Zij vochten voor hun land of vrijheid. Is dat niet een waardige, nuttige manier om te sterven? Maar hoe zit het met de soldaten die sneuvelden in de laatste minuten van de oorlog? Hoe zinvol is het om te sterven in de strijd, als er eigenlijk niets meer is om voor te strijden?

Sneuvelen in de laatste minuten

Op maandagochtend 11 november 1918, iets over 5 uur, werd de wapenstilstand ondertekend. Naar schatting eiste de laatste en 1568ste dag van de Eerste Wereldoorlog nog meer dan 10.000 gesneuvelde, gewonde en vermiste slachtoffers. Voor een aantal soldaten duurde De Grote Oorlog een uur, een kwartier, of een minuut te lang. Zij stierven in de allerlaatste momenten van de oorlog. Een bitter besef. In EOS Wetenschap worden de verhalen verteld van een aantal van deze tragische, laatste slachtoffers.

Neem de Amerikaanse soldaat Henry Gunther. Hij sneuvelde in de laatste minuut van de oorlog, toen hij oog in oog kwam te staan met Duitse soldaten. Ze schreeuwden naar hem dat de oorlog teneinde liep, maar Gunther geloofde of begreep hen niet. Schietend liep hij op ze af. Noodgedwongen vuurden de Duitsers terug.

Gunther kreeg de onfortuinlijke eer toebedeeld de laatste gesneuvelde soldaat van de Eerste Wereldoorlog te zijn. Maar zelfs nadat de wapenstilstand ingegaan was, zijn er aan beide zijden van het front nog doden gevallen. De Duitse luitenant Erwin Thormä werd bijvoorbeeld drie kwartier na het ingaan van de wapenstilstand nog doodgeschoten door Amerikaanse soldaten, die door een defecte telefoonverbinding niet op de hoogte geweest waren van het ingaan van de wapenstilstand.

Herdenken

Deze soldaten zijn dan misschien zinloos gestorven, maar ze zijn wel zinvol voor de herdenking van de oorlog. Schrijver Jan Paul Schutten vertelt tijdens zijn Herdenkingslezing bij Studium Generale dat persoonlijke verhalen een gezicht en een stem geven aan het grote aantal doden, aan de koude cijfers. “Er zal echter een dag komen dat niemand ons meer kan vertellen hoe de Eerste Wereldoorlog was, en dat geldt ook voor de Tweede Wereldoorlog”, stelt hij. De verhalen zoals die over Gunther en Thormä maken de tragiek en de ellende voelbaar. Schutten: “Zolang verhalen blijven bestaan, doven de herinneringen niet maar groeien ze juist.”