Extramuraal onderwijs

Dierenartsen opleiden doen we samen

Voor een goede voorbereiding van toekomstig dierenartsen op de veterinaire praktijk is een gedegen kennismaking met de eerstelijns diergeneeskunde van groot belang. De intensieve samenwerking van de faculteit Diergeneeskunde met praktiserend dierenartsen is daarom van onschatbare waarde voor studenten Diergeneeskunde. Tijdens hun coschappen in de zogenoemde extramuraal onderwijspraktijken – ook wel EO-praktijken – doen studenten buiten de muren van de universiteit onmisbare ervaring op voor het verwerven van relevante competenties en een beroepsidentiteit.

Eerstelijns praktijkervaring opdoen en leren communiceren met patiënteigenaren maakt extramuraal onderwijs waardevol voor aankomende dierenartsen. Studenten waarderen vooral dat ze veel patiënten zien en overal bij betrokken worden. Ook praktiserend dierenartsen zijn enthousiast en geven aan voldoening te halen uit het begeleiden van gemotiveerde studenten en verwachten dat jonge startende dierenartsen straks beter zijn voorbereid op de praktijk.

Dierenartsenpraktijken in alle regio’s van Nederland begeleiden studenten bij het extramuraal onderwijs. Om het bestand van praktijken compleet te maken zijn we vooral op zoek naar praktijken op een reisafstand van ongeveer een uur (met OV) vanaf Utrecht CS. Heeft u interesse om als dierenartspraktijk mee te doen en ligt uw praktijk op deze reisafstand? Dan waarderen we het zeer als u contact opneemt met coördinator extramuraal onderwijs Annemarie Revet, via e-mail: extramuraalonderwijs.dgk@uu.nl.

Coschappen in het masterprogramma

Studenten volgen een deel van hun masteropleiding in de eerstelijns dierenartsenpraktijk. Om de aansluiting van de opleiding bij de beroepspraktijk verder te verbeteren is het extramuraal onderwijs in het in 2022 vernieuwde masterprogramma Diergeneeskunde uitgebreid. Het extramuraal onderwijs bestaat nu uit een junior extramuraal coschap (JECO) in het eerste jaar van de opleiding (5 weken) en een senior extramuraal coschap (SECO) in het derde jaar van de opleiding (10 weken). In april 2023 zijn de eerste studenten met het JECO gestart en vanaf september 2024 zullen de eerste studenten beginnen met het SECO.

Enquête alumni

Hoe ziet de ideale dierenarts eruit? Dat was de eerste vraag in de enquête over de herziening van de masteropleiding die in 2020 onder Diergeneeskunde-alumni werd verspreid. Zo’n driehonderd dierenartsen vulden de enquête in. Hun antwoord: de ideale dierenarts combineert theoretische kennis met een praktische instelling, is sociaal, empathisch en heeft uitstekende communicatievaardigheden. Naast theoretische kennis noemden alumni de stage en de coschappen in de universiteitsklinieken als zeer gewaardeerde onderdelen van de opleiding. Respondenten gaven ook aan graag nóg meer praktijkonderwijs in de master te zien. In de nieuwe master is hier ruimte voor gemaakt.

Junior extramuraal coschap (JECO)

Tijdens het junior extramuraal coschap komen studenten vroeg in de masteropleiding in contact met de eerstelijns diergeneeskunde in de veterinaire praktijk. Het biedt studenten de kans om te oefenen met het uitvoeren van handelingen zoals bloedafname, het toedienen van injecties, ontwormen en vaccineren. Daarnaast krijgen ze vroeg in de master al een goed beeld van de eerstelijnspraktijk door opdrachten uit te voeren omtrent onder andere consultvoering, verslaglegging en verwijzen, apotheekbeheer en anesthesieprotocollen. Studenten volgen dit coschap aan het einde van het eerste jaar van de masteropleiding. Zij hebben hun basiscoschappen in de richtingen paard, landbouwhuisdieren en gezelschapsdieren dan al gevolgd en daarnaast al een differentiatie gekozen in een van deze richtingen. U krijgt een student met dezelfde differentiatie als die van uw praktijk.

Senior extramuraal coschap (SECO)

Het senior coschap is inhoudelijk vrijwel gelijk aan het externe onderwijs uit het oude masterprogramma. Studenten die hiervoor naar uw praktijk komen volgen het laatste jaar van de master Diergeneeskunde.

Doelstellingen van het extramuraal onderwijs

Voor de masteropleiding Diergeneeskunde zijn verschillende Entrustable Professional Activities (EPA’s) geformuleerd die voor elke algemeen bevoegd dierenarts van belang zijn. Deze EPA’s vormen een belangrijke basis voor het praktijkonderwijs tijdens zowel de intramurale als de extramurale coschappen.

  • Doen van een anamnese, uitvoeren van het (lichamelijk) onderzoek en opstellen van een geprioriteerde differentiële diagnoselijst.
  • Ontwikkelen van een diagnostisch plan en interpreteren van de resultaten.
  • Ontwikkelen en implementeren van een management-/behandelplan.
  • Herkennen van een patiënt die spoedzorg nodig heeft en deze adequaat behandelen.
  • Formuleren van relevante vragen en vervolgens wetenschappelijk bewijs vinden om de zorg te verbeteren.
  • Uitvoeren van veel voorkomende chirurgische procedures op stabiele patiënten, inclusief pre- en postoperatieve zorg.
  • Onder anaesthesie brengen van een stabiele patiënt inclusief monitoring en ondersteunende behandeling.
  • Formuleren van aanbevelingen voor preventieve gezondheidszorg.

Als extramuraal onderwijspraktijk:

  • Draagt u een steentje bij aan een gezonde arbeidsmarkt voor dierenartsen;
  • Komt u in een vroeg stadium in contact met toekomstige collega’s;
  • Volgt u de gratis leergang ‘Docentprofessionalisering extramuraal onderwijs’;
  • Wordt u ondersteund door onze Coördinator Extramuraal Onderwijs;
  • Wordt u onderdeel van een groep enthousiaste EO-praktijken waarmee u ervaringen kunt uitwisselen;
  • Krijgt u met uw solis-id gratis toegang tot literatuur van de Universiteitsbibliotheek Utrecht.

In de leergang voor docenten Extramuraal Onderwijs:

  • Maakt u kennis met de onderwijsfilosofie van het masterprogramma;
  • Leert u hoe u een veilige leeromgeving kunt creëren;
  • Maakt u kennis met de didactische principes van het leren op de werkplek;
  • Ontwikkelt u de vaardigheden die dat van u vraagt;
  • Leert u competenties en vaardigheden bij studenten te beoordelen, en te verwerken in het digitale portfolio van de faculteit Diergeneeskunde.

Kwaliteitscriteria ‘Docent Extramuraal Onderwijs en Onderwijspraktijk’

Om te blijven voldoen aan de internationale accreditatie van de opleiding Diergeneeskunde, zijn er kwaliteitscriteria ‘Docent Extramuraal Onderwijs en Onderwijspraktijk’ opgesteld. Per praktijk is het van belang dat er per diersoortrichting ten minste één docent extramuraal onderwijs is die de leergang heeft gevolgd. Wordt het extramurale onderwijs binnen een praktijk overgedragen aan een andere collega, dan is het van belang dat deze collega de leergang gaat volgen. In november 2017 is de leergang vernieuwd en heeft in 2024 een update gekregen. Heeft u de leergang voor 2017 gevolgd, dan kunt u zich opnieuw aanmelden om de leergang te volgen. Dit is zeker aan te raden, maar niet verplicht.

Vergoeding EO-onderwijs

De coschappen zijn een onderdeel van opleiding en de nadruk ligt op leren en ervaring opdoen in de praktijk. Studenten hebben tijdens hun coschap geen recht op een tegemoetkoming voor onkosten. Binnen onze visie op samen opleiden is een vergoeding voor EO-praktijken voor begeleiding van studenten wel passend. De faculteit betaalt EO-praktijken een tegemoetkoming van 250 euro voor het junior coschap (5 weken) en 500 euro voor het senior coschap (10 weken).

Veel gestelde vragen

Contact

Heeft u naar aanleiding van bovenstaande informatie nog vragen over het extramuraal onderwijs, dan kunt ons bereiken via e-mail: extramuraalonderwijs.dgk@uu.nl.