15 februari 2019

Integratie niet af te dwingen in sportverenigingen

Michel van Slobbe: Onder Ons

Het ‘onder ons’ willen zijn, is een niet te onderschatten sociale behoefte. In bijzonder bij sportverenigingen, waarin leden zich vrijwillig verenigingen en zich inzetten voor de leden uit de eigen groep. In zijn proefschrift Onder ons laat onderzoeker Michel van Slobbe van de Universiteit Utrecht echter zien wat er gebeurt als de overheid integratie van verschillende groepen wil afdwingen. Hij doet dat in een etnografische beschrijving van de ontwikkelingen bij een amateurvoetbalclub in het multiculturele Utrechtse Overvecht. Om de noodlijdende vereniging en haar maatschappelijk functie te versterken, drong de gemeente aan op het integreren van etnische groepen onder de bestaande leden van de vereniging. Hoe goed bedoeld ook, zette dat de verhoudingen tussen de verschillende groepen binnen de vereniging en in de wijk op scherp.

Van Slobbe stelt dat het voor overheidssturing in de sociaal maatschappelijke verhoudingen tussen etnische groepen in de samenleving goed zou zijn om oog te hebben voor het ‘gevestigden-buitenstaanders’ perspectief. De machtsbalans tussen de verschillende groepen in een vrijwilligersorganisatie is een precair evenwicht en ambitieuze interventies van de overheid kunnen die eenvoudig verstoren, met alle gevolgen van dien. Dit roept volgens de onderzoeker dan ook de vraag op of het naast elkaar laten bestaan van verschillende ‘onder ons associaties’ en die faciliteren niet een betere optie is dan geforceerde integratie.  

‘Onder ons associaties’ uitermate belangrijke sociale verbanden

‘Onder ons associaties’ zijn uitermate belangrijke sociale verbanden waarin mensen zich thuis kunnen voelen en op een laagdrempelige manier hun streven naar zelfwaardering kunnen verwezenlijken. Een fysiek eigen ‘thuis’ als materialisatie van deze associaties zoals een vereniging, helpt daarbij. Als ‘onder ons associaties’ onder druk komen staan en uiteenvallen heeft dat een ontwrichtende uitwerking op de maatschappelijke verhoudingen tussen groepen onderling. De angst voor en het daadwerkelijk uiteenvallen van de eigen groep wordt namelijk in de schoenen geschoven van andere groepen. Dit versterkt wederzijdse stigmatisering groepen en verslechtert daarmee de maatschappelijke verhoudingen.

Een geslaagde interventie?

In het geval van voetbalvereniging ‘Onder Ons’ in het Utrechtse Overvecht constateert Van Slobbe dat de gemeente en de clubbestuurders zich onvoldoende bewust waren van de implicaties van machtsverschuivingen. Door formalisering en professionalisering van de organisatie kwamen de ongelijke verhoudingen tussen groepen leden meer aan het licht en werden deze op scherp gesteld.

De gemeentelijke interventie in de noodlijdende voetbalvereniging heeft er wel voor gezorgd dat de voetbalvereniging als sportaccommodatie in de wijk kon blijven voortbestaan. Daarmee is een geslaagde ‘onder ons associatie’ van voormalige buitenstaanders mogelijk gemaakt. Tegelijkertijd betekende dit dat de al kwetsbare ‘onder ons associatie’ van gevestigde leden uiteen is gevallen en zij met wrok zijn vertrokken.

Onderzoeker Van Slobbe stelt vast dat interventies in vrijwilligersorganisaties zoals sportverenigingen, onbedoeld de maatschappelijke verhoudingen kunnen verslechteren. Het ingrijpen op de verhoudingen tussen etnische groepen in de voetbalvereniging en daarmee in de wijk was goed bedoeld, maar uiterst ingewikkeld en ambitieus.

Michel van Slobbe is als docent/onderzoeker verbonden aan het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO) van de Universiteit Utrecht.

Promotie

Op vrijdag 15 februari 2019 om 10.30 uur zal Michel van Slobbe zijn proefschrift Onder Ons. Een etnografische studie naar gevestigden-buitenstaanders relaties in een sportvereniging en het ingrijpen van de overheid daarop verdedigen aan de Universiteit Utrecht, Academiegebouw, Domplein 29.

Meer informatie

Onder ons. Een etnografische studie naar gevestigden-buitenstaanders relaties in een sportvereniging verschijnt bij uitgeverij Parthenon, Almere.

Heeft u vragen? Neem dan contact op met Michel van Slobbe.