Marcel van Assen

De faculteit Sociale Wetenschappen verwelkomt regelmatig nieuwe hoogleraren. Wie zijn ze en wat komen ze doen?

Bijzonder hoogleraar Marcel van Assen bedrijft mathematische sociologie, en zou die kennis ook wel eens willen gebruiken om bordspelletjes te maken.

Prof. dr. Marcel van Assen werkt sinds vorig jaar één dag per week als bijzonder hoogleraar bij de afdeling Sociologie, waar hij bijdraagt aan de onderzoekslijn Cooperation in Social and Economic Relations. Daarnaast werkt hij aan de Tilburg University bij het departement Methoden en Technieken. Op 8 september houdt hij zijn oratie.

Waarover gaat je onderzoek?

"In Tilburg maak ik deel uit van een groep wetenschappers die ‘meta-onderzoek’ beoefent. We houden ons bezig met vragen als ‘Hoe wordt onderzoek gedaan?’ en ‘Hoe worden onderzoeksvragen beantwoord?’. Het blijkt dat onderzoekspraktijken verre van optimaal zijn. Een voorbeeld is dat onderzoek en de rapportage erover vooral gericht is op statistisch significante resultaten. Daardoor geeft de literatuur een verkeerd en scheef beeld over de onderzochte fenomenen. Onze meta-onderzoeksgroep houdt zich ook bezig met hoe onderzoek beter ingericht zou kunnen worden. Ikzelf hou me daarbij in het bijzonder bezig met replicatieonderzoek, meta-analyse en ‘publication bias’.

Hier in Utrecht richt ik me meer op de mathematische sociologie. Mathematische sociologie heeft in principe geen eigen inhoud; het is een manier van kijken naar of bestuderen van een sociologisch probleem. Deze ‘manier van bestuderen’ houdt in dat er een model wordt gemaakt van het sociologisch probleem, waarbij dat model formeel dan wel wiskundig van aard is. Een voordeel van deze manier van kijken is dat het aannames en denkstappen in een onderzoek expliciet maakt; een nadeel is dat elk model zijn beperkingen kent. Zonder een goed model – of het nu wiskundig is of niet – vaart geen enkel onderzoek wel. In september zal ik hier in mijn oratie Het belang van een goed model in de sociale wetenschappen uitgebreid op ingaan."

Waarom ben je hoogleraar geworden?

"In een hogere functie kun je meer voor elkaar krijgen. Dat is heel fijn als je denkt dat iets beter kan. Ook vind ik het leuk richting te geven aan onderzoeken van een onderzoeksgroep, en denk ik ook dat ik dat goed kan."

Welk onderzoek van jou had de meeste maatschappelijke impact?

"Ik heb meegewerkt aan een onderzoek waarin 100 psychologische onderzoeken uit 2008 zijn overgedaan. Wat bleek? De gevonden effecten in de replicaties vielen gemiddeld veel lager uit dan in de oorspronkelijke onderzoeken, of leken zelfs niet te bestaan. Maar wat betekent dat voor de wetenschap in het algemeen, en voor die 100 onderzoeken in het bijzonder? Dat is een zeer lastige vraag, met mogelijk antwoorden met verstrekkende gevolgen. Science plaatste het artikel hierover en kranten pikten het op."

Wat zou je doen als je geen hoogleraar zou zijn?

"O, dan heb ik nog heel wat opties! Ik zou het leuk vinden om bordspelletjes te ontwikkelen en testen. En daarbij dan meteen analyseren; wat zijn de beste strategieën, hoe maak je het spel gebalanceerd? Daarnaast ben ik ook een sportfanaat, en zou ik het best leuk vinden om over sport te schrijven en sportstatistiek te bedrijven."

Wie bewonder je?

"Niet zozeer speciale mensen. Wel eigenschappen van mensen. Ik bewonder mensen die zeggen waarop het staat, maar niet als het doel is anderen te beledigen. Ik houd er niet van als mensen zoals politici vertellen wat mensen willen horen. Ook heb ik grote bewondering voor bijvoorbeeld sporters die zonder noemenswaardig inkomen 40 uur per week trainen, puur gedreven door interne motivatie."