Energie

Voor de universiteit is energie nodig om onderwijs en onderzoek uit te voeren. De opwekking van deze energie zorgt voor CO2 uitstoot.

De Universiteit Utrecht heeft een energiestrategie die uitgaat van de principes van de Trias Energetica (zie figuur): (1) beperk de energievraag (2) gebruik duurzame energie en (3) gebruik fossiele brandstoffen zo efficiënt en schoon mogelijk. Door deze strategie uit te voeren werkt de universiteit aan CO2-reductie, op weg naar een klimaat neutrale organisatie in 2030 (Strategisch Plan 2016-2020).

Indicatoren

De universiteit berekent het jaarlijkse energiegebruik op basis van de elektriciteits-, gas- en warmtemeters in alle gebouwen en bepaalt het aandeel hernieuwbare energie daarvan.

KPI’s voor het meten van duurzaamheid van energie(gebruik)

Het energiegebruik wordt sterk beïnvloed door de buitentemperatuur. 2019 was - net als de voorgaande jaren 2017 en 2018 - een jaar met een relatief zachte winter*.

4.1 Energiebesparing - gebruik

Het eerste principe van de Trias Energetica is energiebesparing. De Universiteit Utrecht gebruikt energie in de vorm van gas, elektriciteit, en warmte en koudeopslag (WKO).

In totaal gebruikte de Universiteit Utrecht afgelopen jaar 6,9% minder energie dan in basisjaar 2017, namelijk 472.939 gigajoule (GJ)**. Dat is vergelijkbaar met het gebruik van zo’n 8.250  Nederlandse huishoudens***. Ten opzichte van 2018 was de besparing zelfs 8,3%.

De afgelopen jaren heeft de universiteit actie ondernomen om het energiegebruik te verlagen. Met maatregelen zoals isolatie, ventilatie, beheer en ICT. Een mooi voorbeeld is de aanpak van de parkeergarage Cambridgelaan (zie ook Activiteiten 2019). Uiteindelijk worden deze inspanningen zichtbaar op de energiemeters van de gebouwen. In 2019 was daarnaast ook sprake van een milde winter, waardoor minder gas voor verwarming nodig was.

4.2 Hernieuwbare energie

Het tweede principe van de Trias Energetica is hernieuwbare energie. Het doel van de Universiteit Utrecht is om zoveel mogelijk energie lokaal en hernieuwbaar op te wekken. Met de indicator Hernieuwbare Energie meten we welk % van het totale energiegebruik lokaal en hernieuwbaar is opgewekt.

Op dit moment wekt de universiteit 3,35% van het totale energiegebruik op met zonnepanelen en warmtekoude-installaties (WKO). Dat is ongeveer gelijk aan 2018. In 2019 zijn er nieuwe plannen gemaakt en voorbereidingen getroffen voor het inzetten van meer zonnepanelen op korte termijn. In 2020 wordt er naar verwachting zowel diverse nieuwe PV-installaties gerealiseerde als een nieuwe WKO-installatie.

4.2.1 Warmte-Koude Opslag (WKO)

Energie uit warmte-koude opslag is net als in 2018 ruim 2,5% van het totale energiegebruik. De huidige WKO-installatie werkt nog steeds niet optimaal (de potentie is 6% van het totale huidige energiegebruik). Het is een complex systeem dat door het team van beheerders en onderhoudsmonteurs continu wordt verbeterd. Daarnaast is het gebruik van het WKO afhankelijk van de inzet van het WKC en wordt de inzet deels vastgelegd in de huisvestingsplannen van het vastgoed.

4.2.2 Hernieuwbare energie plus inkoop/compensatie

Als alternatief voor lokale hernieuwbare energie, koopt de Universiteit Utrecht windenergie en Vertogas (groen gas) in. Inclusief deze inkoop is 25,01% van het totale energiegebruik hernieuwbaar opgewekt. Dat is bijna 5% minder dan in 2018. De oorzaak daarvan is dat de universiteit in 2019 zelf meer warmte (en dus elektriciteit) opwekte in de warmtekrachtcentrale op de campus en er daardoor minder elektriciteit is ingekocht. In 2019 kocht de universiteit 2 miljoen m3 groen gas in; dat wordt 8 miljoen m3 in 2020.

 

    Zonnepanelen en windmolens

    4.2.3 Zonne-energie

    De Universiteit Utrecht had in 2018 in totaal 4.832 zonnepanelen met een totaal vermogen van 1.308 kilowattpiek. In 2019 zijn er geen zonnepanelen bijgeplaatst. Deze panelen leverden in 2019 ruim 2% van het elektriciteitsverbruik en 0,8% van het totale energiegebruik.

    De komende jaren breidt de universiteit dit vermogen fors uit: de geschatte potentie is circa 35% van het totale huidige elektriciteitsverbruik. Een deel van de resterende geschikte vrije daken worden in 2020 en 2021 vol gelegd. Andere daken worden in latere jaren vol gelegd in combinatie met vernieuwing van de dakbedekking. Er komen zonnepanelen boven parkeerplaatsen en in 2020 onderzoekt de universiteit de mogelijkheden voor veldopstellingen in de weilanden rond USP.

    4.3 Efficiënt gebruik fossiele brandstoffen

    De derde stap van de Trias betreft het efficiënt gebruiken van fossiele bronnen. De warmtekrachtcentrale (WKC) van de Universiteit Utrecht gebruikt aardgas en wekt daarmee zowel warmte als elektriciteit op. Dit geeft hoger rendement dan conventionele, gescheiden productie van warmte en elektriciteit en is dus de meest verantwoorde manier van energieomzetting. Daarnaast wordt de universiteit vanuit wet- en regelgeving verplicht tot deze vorm van opwekking. In 2019 was het rendement van de WKC 84%. Ter vergelijking: het gemiddelde fossiele rendement bij elektriciteitsopwekking lag in Nederland op 56,4%****.

    Activiteiten 2019

    • In de parkeergarage aan de Cambridgelaan zijn sensoren, een dimfunctie en ledverlichting geïnstalleerd: sinds december 2019 is het elektriciteitsverbruik afgenomen met 15.000 à 20.000 kWh. Dat staat gelijk aan het elektriciteitsverbruik van 70 Nederlandse huishoudens en is per jaar zo’n 720 Gigajoule.
    • In diverse gebouwen hebben de monteurs van de afdeling Onderhoud en Beheer zuinige ledverlichting geïnstalleerd, bijvoorbeeld in het Educatorium, Janskerkhof 15 en het David de Wiedgebouw.

    Vooruitblik 2020

    • In de Universiteitsbibliotheek op het Utrecht Science Park zal vervanging van ventilatoren en optimalisering van luchtregeling zorgen voor een besparing van zo’n 200.000 kWh per jaar. Daarnaast levert verbetering van de verwarmingsinstallatie een aanvullende besparing van 2.000 GJ per jaar op.
    • In de historische Universiteitsbibliotheek aan de Drift wordt de helft van het enkel glas vervangen door hoogwaardig isolatieglas.
    • In 2020 neemt de universiteit een nieuwe warmte-koudeopslag in gebruik, voor het centrumgebied van het Utrecht Science Park, waar allereerst het David de Wied gebouw op wordt aangesloten.
    • De universiteit zal in 2020 alle onderhoudsmaatregelen die duurzaamheidswinst opleveren kwantificeren, waardoor nog beter inzichtelijk wordt hoeveel besparing iedere ingreep oplevert.
    • Op het USP zullen resterende geschikte daken op de Tolakker en het Jeanet Donkervoet gebouw worden voorzien van zonnepanelen. De parkeerplaatsen Jenalaan en Sorbonnelaan krijgen een eerste pilot met respectievelijk 12 en 10 met solarcarports (overkapte parkeerplaatsen).
    • In de binnenstad worden de platte daken van de universiteitsbibliotheek en het Universiteitsmuseum van zonnepanelen voorzien.

     

    *     Graaddagen de Bilt: 2017) 2685,17, 2018) 2675,54 en 2019) 2648,36.

    **    Door alle onderdelen te converteren naar gigajoule primair energiegebruik ontstaat er één vergelijkbaar getal. Hierin worden ook verliezen meegenomen die optreden bij lokale opwekking.

    ***   Bron: Milieucentraal, gemiddelde Nederlands huishouden verbruikt 1.340m3 gas en 2.830kWh elektriciteit, dat staat gelijk aan (47,1 + 10,2 = 57,3 gigajoule.

    **** Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2020/08/rendement-en-co2-emissie-elek…