Medicijnafval
Diergeneesmiddelen zijn onmisbaar voor de gezondheid van onze huisdieren. Toch hebben ze, net als geneesmiddelen voor mensen, ook een impact op het milieu. Door bewuster om te gaan met het gebruik én het weggooien van diergeneesmiddelen, kunnen we samen bijdragen aan een schonere leefomgeving voor mens en dier.
Niet weggooien, maar inleveren
Wanneer een dier een diergeneesmiddel krijgt, wordt een deel daarvan weer uitgescheiden via urine of ontlasting. Deze resten kunnen in de bodem en het water terechtkomen. Ook kunnen diergeneesmiddelen in het milieu belanden wanneer ze door de gootsteen of het toilet worden gespoeld, of bij het restafval worden weggegooid. Hierdoor kunnen werkzame stoffen zich verspreiden in rivieren, meren en zelfs in drinkwaterbronnen. Hoewel de concentraties vaak laag zijn, kunnen ze toch schadelijk zijn voor planten en dieren in het ecosysteem. Zo kunnen bepaalde stoffen het gedrag of de voortplanting van vissen beïnvloeden en bijdragen aan antibioticaresistentie.
Daarnaast blijven veel diergeneesmiddelen ongebruikt. Dit kan bijvoorbeeld komen doordat een behandeling stopt, een dier herstelt of doordat verpakkingen groter zijn dan nodig. Wereldwijd blijft een aanzienlijk deel van de diergeneesmiddelen over, en een groot deel daarvan wordt niet op de juiste manier weggegooid.
Gelukkig kunt u als eigenaar een belangrijke bijdrage leveren aan het verminderen van deze impact. Door overgebleven diergeneesmiddelen niet weg te gooien, maar in te leveren bij uw dierenarts of de milieustraat, zorgt u ervoor dat diergeneesmiddelen op een veilige en milieuvriendelijke manier worden vernietigd en verkleint u hoeveel resten van diergeneesmiddelen in het milieu terechtkomen.
Minder, beter diergeneesmiddelgebruik en alleen als het echt nodig is!
Uw dierenarts speelt ook een belangrijke rol. Samen kunt u kijken naar een behandeling die effectief is én zo min mogelijk impact heeft op het milieu, bijvoorbeeld door alleen diergeneesmiddelen te gebruiken wanneer dat echt nodig is en in de juiste hoeveelheid. Daarnaast bestaan van verschillende diergeneesmiddelen meerdere varianten, waarvan het ene variant minder impact heeft op het milieu dan de andere variant, maar de werking hetzelfde is.
Diergeneesmiddelgroepen waarvan bekend is dat zij veel impact op het milieu hebben zijn:
Diergeneesmiddelen tegen wormen, teken en vlooien (antiparasitica):
- Deze groep diergeneesmiddelen worden heel langzaam afgebroken en blijven daardoor lang in het milieu. Niet alleen uit overgebleven diergeneesmiddelen tegen wormen, teken en vlooien belanden in het milieu, maar ook vanuit weggegooide tekenbanden of via de uitwerpselen.
- Deze groep diergeneesmiddelen zijn giftig voor waterorganismen en insecten. Niet alleen door het weggooien in het toilet of de gootsteen komen deze in het water terecht, maar ook door zwemmen en wassen van het dier dat behandeld is met deze diergeneesmiddelen.
Antibiotica:
- Deze groep diergeneesmiddelen kunnen in het milieu komen via urine en ontlasting.
- Deze groep diergeneesmiddelen kunnen door blootstelling via het milieu zorgen voor resistentievorming. Hoe meer in het milieu terechtkomen, hoe groter de kans.