Staken tegen ‘de kleine man’: laf en lui

Een opiniestuk van prof. dr. Joop Schippers

Zouden er bij de FNV ook sociologen en sociaalgeografen werken en zouden de bestuursleden wel eens in de bus zitten? Als dat niet het geval is, zou onwetendheid nog een argument kunnen zijn waarom (alweer) gestaakt gaat worden bij het openbaar vervoer. Maar helaas, er werken bij de vakbond tal van goedopgeleide mensen uit verschillende disciplines. En ze zitten ook wel eens in de bus. Dat maakt het moeilijk uit te leggen dat uit onvrede met de plannen rond de sociale zekerheid van het kabinet-Jetten het stakingswapen gericht wordt op het openbaar vervoer. Want wie reizen er in overwegende mate met dat ov? Dat zijn niet de Haagse besluitvormers, dat zijn niet de mensen met een topinkomen die volgens het links georiënteerde deel van het politieke spectrum meer zouden moeten bijdragen aan de financiering van collectieve uitgaven. Het zijn vooral jongeren, begin september net aan hun nieuwe school- of studiejaar begonnen, ouderen op weg naar hun zorgafspraak, mensen met een laag inkomen of een beperking die niet over alternatief vervoer beschikken en al die bijzondere ‘gewone’ mensen op weg naar hun werk in de zorg, in de winkel, op het gemeentehuis of waar dan ook die hun best doen om de samenleving een beetje draaiend te houden. Kortom, de mensen waarvoor de vakbeweging ooit is opgericht. Door Louis Davids zo trefzeker aangeduid als: “de kleine man”. 

Die ‘kleine man (v/m)’ staat betrekkelijk machteloos tegenover het machtige apparaat van de vakbond. Een enkeling zou zijn lidmaatschap kunnen opzeggen, maar de getroffen groep is zo groot en divers dat gezamenlijk een vuist maken weinig kans heeft. Dus laten de meeste getroffen reizigers de stakingen gelaten over zich heen komen. Morgen is het weer voorbij tot de vakbond er voor kiest een nieuw conflict met overheid of de werkgever – van dat laatste is nu geen sprake – over hun rug uit te vechten. Dat maakt de keuze voor de ov-reiziger als doelgroep van de stakingsacties in de eerste plaats laf: staken tegen een groep waarvan nauwelijks verzet en tegenstand te verwachten is en die part noch deel heeft aan het conflict. 

De weinig creatieve keuze om het ov als doelwit te kiezen, getuigt daarnaast van denkluiheid. Als je het oneens bent – en daar zijn goede argumenten voor aan te dragen - met de zeker nog nauwelijks uitgewerkte voornemens van het door drie partijen geschraagde minderheidskabinet zou je als vakbond je pijlen ook wat preciezer kunnen proberen te richten op je echte opponenten: demonstraties bij de partijbureaus van de coalitiepartners, een demonstratieve ring rond de Tweede Kamer of het eerstverantwoordelijke ministerie. En creatieve geesten – ook die heeft de FNV volop in zijn rangen - komen wellicht op nog veel aansprekender ideeën. Dan laat je echt zien waar het je om gaat en blijven de mensen die aan dit vooral in Den Haag gecreëerde conflict buiten schot. Het stakingsrecht is een te groot goed om het op zo’n laffe en luie en waarschijnlijk weinig effectieve wijze in te zetten.