Beter proefdieronderzoek
Onderzoek, en dus ook proefdieronderzoek, wordt beter door Open Science. Open Science houdt in dat onderzoeksdata in een zo vroeg mogelijk stadium vrij toegankelijk (Open Acces) worden gemaakt. Maar ook dat onderzoeksmethoden en data worden gedeeld.
Dit kan leiden tot betrouwbaarder, efficiënter en relevanter onderzoek waarbij minder proefdieren worden gebruikt. De Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht promoten en ondersteunen Open Science als onderdeel van hun visie op verantwoord onderzoek. Daarom hebben beide instellingen in 2008 de Code Openheid Dierproeven ondertekend.
Je kunt als onderzoeker verschillende stappen nemen om Open Science toe te passen op proefdieronderzoek. De stappen worden hieronder gevisualiseerd en kort toegelicht in de tekst die volgt.
De voorbereidingen voor een onderzoek vormen de eerste stap op weg naar ethisch en wetenschappelijk verantwoord onderzoek. Elke fase van het onderzoeksproject moet worden beschreven, besproken, geëvalueerd en gecommuniceerd met alle betrokkenen. Op deze manier kan er geen twijfel bestaan over praktische zaken, zoals de verantwoordelijkheden voor de verschillende fasen, de verdeling van werk en kosten en de communicatie over de resultaten van het onderzoek. Deze moeten worden afgerond voordat het onderzoek begint.
PREPARE is een onmisbaar hulpmiddel om dit te realiseren. Het bestaat uit richtlijnen voor het plannen van dierproeven op een gestructureerde manier, om zo de basiskwaliteit te garanderen.
Alle onderzoekers die een projectvergunning krijgen, moeten voldoen aan de wettelijke verplichting om een niet-technische samenvatting (NTS) te schrijven. Alle NTS-en worden gepubliceerd in een centrale database, het AnimaL Use Reporting EU System (ALURES). Dit is om een lekenpubliek te bereiken en het onderzoek op een transparante en controleerbare manier uit te leggen.
De Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht hebben er daarnaast voor gekozen om de projectvergunningen van de afgelopen vijf jaar openbaar beschikbaar te maken.
Let op de volgende zaken
- Schrijf de NTS in het Nederlands
- Gebruik de toelichting van de CCD.
- Bedenk een eenvoudige titel.
- Wees beknopt (maximaal 850 woorden)
- Gebruik korte zinnen
- Gebruik spellingscontrole
- Let op samenstellingen die je in het Nederlands aaneen schrijft
- Gebruik geen jargon, maar eenvoudige spreektaal
- Gebruik voor het vinden van synoniemen of uitleg VanDale.nl, Wikipedia, synoniemen.net of Google (zoek op “ betekenis”)
- Noem geen namen van personen, instituten of afdelingen. Laat een leek proeflezen om de begrijpelijkheid te controleren
Samenstellingen
Losse woorden die in het Engels bij elkaar horen, worden in het Nederlands vaak samenstellingen die aan elkaar geschreven worden (bijvoorbeeld: bloedafname).
Combinaties met een afkorting of eigennaam krijgen een verbindingsstreepje (MS-medicijn, Alzheimer-onderzoek). Dit streepje mag je ook toepassen in samenstellingen die zonder streepje lastig leesbaar zouden zijn (leukemie-overlevingskans).
Worden samenstellingen lang of ingewikkeld, draai de combinatie dan om (het afnemen van bloed, een medicijn tegen MS, onderzoek naar Alzheimer, de kans dat iemand leukemie overleeft).
Verantwoord proefdiergebruik vereist een rigoureus ontwerp van experimenten met een goed statistisch analyseplan. Er zijn gratis online tools beschikbaar zoals NC3Rs Experimental Design Assistant, en via het Education and Training Platform for Laboratory Animal Science (ETPLAS), het Enhancing Quality In Preclinical Data (EQIPD)-consortium en de Responsible Research in Practice-website. Zowel UU als UMC Utrecht stellen daarnaast handige tools zoals G-Power en RandoMice in hun software center beschikbaar.
Het maken van een Data Management Plan (DMP) is een volgende stap in de lijst van voorbereidingen voordat een onderzoek met proefdieren van start gaat. Met behulp van DMP Online (DMPonline 2023) kunnen onderzoekers de verschillende sjablonen gebruiken en begeleiding krijgen bij het invullen.
Een goed DMP is geschikt om de veiligheid te garanderen en moet voldoen aan de FAIR-principes: Findable, Accessible, Interoperable, Reusable. De voordelen van goed datamanagement komen zowel het lab dat zijn datamanagement op orde heeft, als de (dier)wetenschap in het algemeen ten goede.
Preregistratie - het registreren van een onderzoeksprotocol voor de start van de experimenten - verankert transparantie vroeg in het onderzoeksproces. Bij het registreren van hun onderzoeksprotocollen tonen onderzoekers a priori hun hypotheses, onderzoeksopzet en analyseplan (in een open bron). Dit verhoogt de betrouwbaarheid van de gerapporteerde resultaten en vermindert vertekeningen in de rapportage (bijvoorbeeld selectieve rapportage van uitkomsten), dubieuze onderzoekspraktijken (bijvoorbeeld het creëren van een hypothese nadat de resultaten bekend zijn, p-hacking) en publicatiebias, en maakt gegevensuitwisseling mogelijk. Dit helpt ook om onnodige herhaling van dierproeven te voorkomen.
Er bestaan twee platforms voor preregistratie van protocollen voor dierstudies: preclinicaltrials.eu en de animal study registry. Er is ook een video over dit onderwerp.
Aanvullend is het concept registered reports in opkomst. Ook hier registreer je een studie vooraf, maar dan bij het tijdschrift waarin je wilt publiceren (bekijk info en deelnemende tijdschriften). De studie ondergaat peer-review alvorens hij wordt uitgevoerd. Hierbij geven de reviewers ook al suggesties op het ontwerp. Dit geeft publicatiegarantie mits de studie volgens de opzet wordt uitgevoerd, ongeacht de uitkomst. Het voorkomt ook dat achteraf nog extra studies of dieren nodig zijn als gevolg van het reviewproces. Dit betekent wel dat het langer duurt voordat je kunt beginnen en gebonden bent aan het journal ongeacht de impact.
Meewerken aan registered reports vraagt om betrokkenheid en flexibiliteit van de Instantie voor Dierenwelzijn, die we graag bieden hiervoor. Vermeld het dus bij een WP-aanvraag als het experiment onderdeel zal uitmaken van een registered report en ga hierover in overleg.
Door contact te leggen met journalisten en deel te nemen aan het publieke debat via online en offline media, kunnen waardevolle onderzoeksinzichten en moeilijke ethische overwegingen niet alleen worden gedeeld met geïnteresseerde individuen, maar ook met professionals in de gezondheidszorg, patiëntenorganisaties, dierenbeschermers en beleidsmakers. Dit kan vervolgens leiden tot het ontvangen van nuttige inzichten van partners in de samenleving en het maakt de wetenschap opener, omdat het de deur opent naar nieuwe contacten en samenwerkingen, nieuwe input en ideeën, waardevolle feedback en de mogelijkheid om te leren van kritische standpunten. Voor deze aanpak kun je ondersteuning vragen van de persvoorlichter of communicatieafdeling van je organisatie, zodat je in contact kunt komen met journalisten of kunt deelnemen aan het publieke debat.
Naast het contact met het publiek en het delen van informatie en gegevens met je collega's, stimuleren we ook het delen van surplus-dieren, weefsel en fysieke materialen. Dit creëert de mogelijkheid om proefdieren en materialen optimaal in te zetten. Hierdoor zijn er in het algemeen minder proefdieren nodig en dragen we bij aan duurzaamheid. Om vraag en aanbod van proefdieren en dierlijke organen en weefsels bij elkaar te brengen, initieerden het 3Rs Centre Utrecht en de Instantie voor Dierenwelzijn Utrecht het webgebaseerde uitwisselingsplatform voor dieren en weefsels ATEX. Het werkt voor levende proefdieren en verse of geconserveerde organen en weefsels.
We hebben een video gemaakt die het gebruik van ATEX uitlegt (in het Nederlands, Engels ondertiteld). Heb je vragen of opmerkingen over het platform, neem dan contact met ons op. Het streven is dit platform landelijk in te gaan zetten. Voor incidenteel gebruik of het uitvoeren van een 3V-pilot heeft de IvD een CCD-vergunning voor het gebruik van weefsels.
Voor de duurzame inzet van overige labmaterialen hebben Utrecht Life Sciences en Utrecht Science Park LABEX beschikbaar gesteld. Via deze marktplaats kunnen instrumentaria, chemicaliën, disposables en andere labmaterialen een tweede leven krijgen.
Het delen van gegevens is een belangrijk aspect van onderzoekstransparantie en -integriteit. Het stelt andere onderzoekers in staat om je werk in een onbewerkt format te zien.
De eenvoudigste manier om je gegevens te delen is door gebruik te maken van een gegevensopslagplaats, zowel vakspecifiek als algemeen. Sites zoals Re3data of FAIRsharing kunnen helpen bij het vinden van dergelijke repositories.
Transparante en nauwkeurige rapportage is een hoeksteen van open wetenschap. Als een dierstudie invloed moet hebben op toekomstig onderzoek, beleid en de praktijk, is het essentieel dat deze voldoende gedetailleerd wordt gerapporteerd zodat de betrouwbaarheid en methodologische kwaliteit kunnen worden beoordeeld en de methoden kunnen worden gereproduceerd. Het volgen van de ARRIVE-richtlijn verbetert de kwaliteit van een publicatie zodat deze goed gebruikt kan worden door anderen, als referentie, maar ook voor systematische reviews en meta-analyses. De ARRIVE-richtlijn (2.0) bevat tien noodzakelijke en elf aanbevolen aandachtspunten voor publicaties.
Publicatie van mislukte onderzoeken of anderszins negatieve of neutrale resultaten zijn voor de wetenschappelijke gemeenschap net zo waardevol als de publicatie van positieve resultaten. Dit kan helpen om het onnodige gebruik van proefdieren te voorkomen, maar kan ook bijdragen aan de kennis van specifieke biologische verschijnselen.
Voor elke onderzoeker geldt dat je wetenschappelijk onderzoek op integere wijze moet doen, maar misschien geldt dat nog wel meer voor onderzoekers die dierproeven doen. Het laatste wat je wilt is proefdieren verspillen door slecht opgezet onderzoek, foute conclusies of beïnvloeding door belanghebbende partijen.
In Nederland geldt de Nederlandse gedragscode wetenschappelijke integriteit 2018 (pdf). Hierin zijn de principes neergelegd die iedere wetenschapsbeoefenaar in acht moet nemen: eerlijkheid, zorgvuldigheid, transparantie, onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid.
Goede bedoelingen zijn geen garantie
Ga er niet zonder meer van uit dat je met goede bedoelingen altijd volgens die principes zult handelen. Inzicht in de valkuilen is noodzakelijk om alert te zijn op onbedoelde misstappen. Lees daarom de gedragscode grondig door.
Vertrouwenspersoon
Voor advies en het melden van twijfels over wetenschappelijke integriteit binnen je eigen onderzoek of dat van anderen, kun je terecht bij een Vertrouwenspersoon. Deze is te vinden op het intranet van je organisatie.
Voor de omgang met dieren binnen de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht is er een apart Meldpunt Professioneel Handelen en Dierenwelzijn.