Doel & onderzoeksvragen

Wereldwijd maken veel jongeren de scheiding van hun ouders mee, in Nederland zijn dit naar schatting 86.000 thuiswonende kinderen en jongeren per jaar. Zij hebben een verhoogde kans op verscheidene problemen vergeleken met jongeren van wie de ouders bij elkaar zijn. De mate waarin ze problemen ontwikkelen na een scheiding kan echter enorm verschillen van kind tot kind. Dit hangt bijvoorbeeld af van de conflicten tussen ouders, de ouder-kind relatiekwaliteit en kenmerken van het kind zelf. Deze factoren worden echter nog vaak apart onderzocht en er zijn ook gezinsprocessen waar veel minder onderzoek naar is gedaan bij gescheiden gezinnen.
 

  • Wat is bijvoorbeeld de rol van de broer/zus-relatie na een scheiding? Werken conflicten of onenigheid tussen ouders door in de ouder-kind relatie?
  • Waarom is het betrekken van kinderen in het ouderlijk systeem ongewenst en hoe heeft dit impact op het welzijn van kinderen en de relatie met hun ouder(s)?
  • Zijn er bepaalde kinderen gevoeliger voor bepaalde gezinsprocessen vergeleken met andere kinderen?

Dit zijn allerlei vragen die we proberen te beantwoorden middels het project 'Gezinsrelaties na scheiding', de gegevens van heel veel eerdere studies (meta-analyse), en al verzamelde data uit het onderzoeksproject 'Scholieren & Gezinnen'. Want hoe meer zicht we krijgen op hoe een gezin zich aanpast na een scheiding, des te beter kunnen we uitspraken doen over wat kinderen en ouders kan helpen tijdens deze soms moeilijke periode. Dit kan mogelijk bijdragen aan de verbetering en ontwikkeling van bestaande en nieuwe ondersteuningsprogramma’s.

Op deze site vindt u meer informatie over de onderzoeksprocedure en de onderzoeksgroep. Ook worden er op deze site bevindingen beschreven van de (deel)studies op basis van 'Gezinsrelaties na Scheiding' en die van de overige studies.