Beatrice de Graaf, ERC Consolidator Grant 2013

Wat zijn de grenzen van de rechtsstaat en hoe fluïde zijn die?
Prof. dr. Beatrice de Graaf
Prof. dr. Beatrice de Graaf

Internationale samenwerking binnen Europa

Historicus Beatrice de Graaf is bekend van radio en televisie, waar zij als onderzoeker commentaar geeft rond de thema’s terrorisme en veiligheid. Hete hangijzers. Buiten beeld is zij graag te vinden in archieven, waar ze oude documenten opdiept die inzicht geven in het veiligheidsbeleid door de eeuwen heen. Haar ERC-onderzoek richt zich op internationale samenwerking binnen Europa. Het gezamenlijke veiligheidbeleid begon eerder dan menigeen denkt: de hoogleraar en haar team onderzoeken de 19e eeuw.

"Tot nu toe wordt het begin van internationale samenwerking op veiligheidsgebied bij de aanvang van WO I gelegd", aldus De Graaf. "Wij bestuderen vormen van 19e-eeuwse internationale samenwerking tegen veiligheidsrisico’s, zoals de controle van de Rijn en de Donau, of campagnes tegen anarchisme en tegen piraterij. Het onderzoek richt zich ook op de Europese Commissie voor Syrië, die in de 19e eeuw een humanitaire missie op touw zette om de christenen daar te beschermen. Met een politiemacht, geleid door Europese én Osmaanse bestuurders."

Haar internationale onderzoeksteam put uit vele openbare - en privéarchieven. De Graaf toont foto's van de archieven van het Koninklijk Huis: "Kijk, hier is een brief van Willem I aan zijn moeder. We hebben ook documenten gevonden over de strijd tegen piraterij uit 1816-1818 en over het vervolgen van anarchisten, later die eeuw." De historicus maakt zich zorgen om het verlies van de 'kleine talen' in het wetenschappelijk onderwijs: "Wie kan het Ottomaans-Arabisch dadelijk nog vertalen? Of het Oud-Duits in de Pruisische archieven; daarvoor heb ik nu contact met een gepensioneerd echtpaar dat al die krulletjes kan ontcijferen. Maar daarna?"

Uiteenlopende opvattingen

Haar betrokkenheid bij het onderwerp conflict en veiligheid begon vroeg. De Graaf groeide op in Putten, waar in 1944 bijna 700 mannen werden afgevoerd naar Duitse concentratiekampen. "Later, bij mijn stage in een concentratiekampmuseum, zag ik als 19-jarige hoezeer de opvattingen over recht en onrecht uiteen liepen. Voor sommigen was de Duitse bevelhebber van de Wehrmacht, generaal Christiansen, een held, vooral vanwege zijn verdiensten in WOI. De meeste mensen wilden echter de nagedachtenis aan de omgekomen concentratiekampgevangenen in ere houden."

De Graaf onderzoekt hoe de overheid omgaat met dreiging en de bijbehorende angst. "Veiligheidsbeleid trekt lijnen, bijvoorbeeld tussen degenen die je beschermt en de buitenwereld, tussen ‘risicogroepen’ en ‘fatsoenlijke burgers’. Je hebt het over toepassing van het geweldsmonopolie door de overheid. Wat zijn de grenzen van de rechtsstaat en hoe fluïde zijn die?"

Perceptie van dreiging

"We schetsen een beeld van zowel het samenwerkingsnetwerk en de perceptie van de dreiging, als het ingrijpen van politie en het leger. Hoe leiden percepties van gevaar tot geïnstitutionaliseerde praktijken, welke normen en wetten worden zo verankerd? Ook de technologische ontwikkeling is van invloed; met de telegraaf, de fotografie of de dactyloscopie bijvoorbeeld kwam veel meer informatie beschikbaar." Deze brede opzet vergt afstemming. "Mijn onderzoeksteam heeft wekelijks overleg."

Verleden en heden, fundamenteel en toegepast onderzoek. Het loopt voor De Graaf in elkaar over. "Nadat ik jarenlang betrokken was bij het Centrum voor Terrorisme en Contraterrorisme, waar we vooral toegepast onderzoek deden, wilde ik graag weer omringd zijn door echte historici. Nu combineer ik het ERC-onderzoek met kleinere, actuele projecten. Bijvoorbeeld over ex-gedetineerden met een jihadistische achtergrond. Of vrouwelijke Syriëgangers. Juist de combinatie werkt. De actualiteit inspireert de wetenschapper, maar als je alleen toegepast onderzoek doet, droogt de creativiteit van fundamenteel onderzoek op een gegeven moment op. Je hebt voeding nodig."

Tekst: Youetta Visser