Sinds 2009 is vastgelegd dat elke hbo-student binnen zijn of haar opleiding onderzoekend vermogen moet ontwikkelen (Vereniging Hogescholen, 2013).  Concreet betekent dit dat studenten een onderzoekende houding ontwikkelen, kennis uit onderzoek van anderen leren  toepassen en zelf ook onderzoek leren uitvoeren in hun beroepspraktijk. Het onderzoek van hbo studenten moet aansluiten bij het beroepsproduct dat in de opleiding centraal staat. Maar hoe ziet dat beroepsspecifieke onderzoeksproces er precies uit? En wat wordt in dat proces van de docent verwacht? En hoe kun je de ontwikkeling van onderzoekend vermogen begeleiden en beoordelen? 

Inhoud

De cursus is gericht op docenten van een specifieke HBO-opleiding of opleidingscluster die studenten begeleiden bij het afstuderen. De cursus bestaat uit een reeks bijeenkomsten. De cursus speelt in op de problemen die de deelnemende docenten binnen een opleiding  ervaren. Daarnaast oefenen de docenten binnen de cursus met het opstellen van een onderzoeksplan. Parallel daaraan voeren de docenten begeleidingsactiviteiten uit met afstudeerders in hun eigen onderwijspraktijk. 

Programma

Het onderstaande programma is op hoofdlijnen uitgewerkt, en wordt op basis van de ingebrachte concerns van de deelnemers verder uitgewerkt. Belangrijke onderdelen binnen de cursus zijn begeleiding bij het onderzoeksproces en de beoordeling daarvan. Deelnemers ontwikkelen zelf een onderzoeksplan. Hierdoor krijgen ze inzicht in het proces dat studenten doorlopen. Daarnaast reflecteren ze op uitgevoerde begeleidingsgesprekken met eigen studenten en beoordelingen. Op deze activiteiten krijgen de deelnemers intensieve (schriftelijke) feedback van de cursusleider en natuurlijk de medecursisten.

  • Dagdeel 1: introductie:
    • Bespreking van de eigen concerns en die van studenten in de afstudeerfase & hoe in de cursus daarop ingespeeld gaat worden. 
    • Werken aan gezamenlijke visie op wat onderzoekend vermogen is in de context van het beroepsproduct van de eigen opleiding, en hoe het zich onderscheidt van andere soorten onderzoek.
  • Dagdeel 2 en 3: methodologie van praktijkgericht onderzoek. Toegespitst op het ontwerpen van een eigen onderzoeksplan (met aandacht voor: van praktijkvraag naar onderzoeksvraag, kiezen methode, consistent en samenhangend schrijven).
  • Dagdeel 4 en 5: de didactiek van het begeleiden. Aan de hand van gespreksopnames van deelnemers worden thema’s besproken als: doelgericht feedback geven (schriftelijk/mondeling) en bevorderen zelfstandigheid. 
  • Dagdeel 6 en 7: het beoordelen van onderzoekend vermogen. Door het samen beoordelen van afstudeerwerken en discussie daarover wordt de eigen beoordelingsvaardigheid ontwikkeld, maar ook de onderlinge afstemming verbeterd. 

Doelstellingen

Na afloop van de cursus:

  • bent u beter in staat om een onderzoeksproces te begeleiden en beoordelen
  • kunt u zelf een onderzoeksplan opstellen passend bij het beroepsproduct binnen uw opleiding
  • heeft u inzicht in het onderzoeksproces dat doorlopen moet worden om het beroepsproduct binnen de eigen opleiding tot stand te brengen

Doelgroep

De cursus is bedoeld voor hbo-docenten die studenten begeleiden in de afstudeerfase.

In het scholingstraject wordt aangesloten bij de visie van de opleiding  op de ontwikkeling en het eindniveau van het onderzoekend vermogen van studenten. 
Vanuit het unieke profiel van een opleiding wordt gewerkt aan het verwerven, uitbouwen en aanscherpen van kennis en vaardigheden die een hbo docent nodig heeft voor het aanleren en beoordelen van onderzoekend vermogen. Daartoe is het belangrijk dat deelnemers zelf daadwerkelijk studenten begeleiden bij onderzoek gedurende de looptijd van het traject, en over tijd beschikken om de praktijkopdrachten uit te voeren.

Met een voortraject kan het opleidingsmanagement ondersteund worden bij het helder krijgen van de visie op de ontwikkeling van onderzoekend vermogen en de vertaling daarvan naar de lespraktijk.

Certificaat

De deelnemers ontvangen een certificaat indien zij actief hebben deelgenomen aan alle cursusbijeenkomsten en alle praktijkopdrachten hebben uitgevoerd.

Aantal bijeenkomsten en studiebelasting

De cursus bestaat uit zeven bijeenkomsten van één dagdeel. Houd daarnaast rekening met 42 uur zelfstudie (voorbereiding en uitvoering individuele praktijkopdrachten). De cursus kan zowel op de Universiteit Utrecht als op de betrokken opleiding plaatsvinden.

Data

De data worden in overleg met de opleiding vastgesteld, het betreft maatwerk. Er is ook een open inschrijving variant van deze cursus.

Kosten

De kosten zijn afhankelijk van maatwerkafspraken met de deelnemende instelling.

Adviseurs/trainers

Samenwerking

Dit scholingstraject is ontwikkeld in samenspraak met het Lectoraat Methodologie van Praktijkgericht Onderzoek van de Hogeschool Utrecht. Het lectoraat is ook betrokken bij het op maat maken en de evaluatie van dit scholingstraject.

Meer informatie en aanmelden

Secretariaat Onderwijsadvies & Training
T 030 253 4473
E onderwijsadviesentraining@uu.nl