NWD 2026

Handouts NWD 2026

Klik hier om het programma van NWD 32 te bekijken.

Programma van de dagen

vrijdag 27 maart 2026 
09:00 uurIncheckbalie opent
11:00 uurOpening
11:30 uurPlenaire lezing 1
12:30 uurlunch
13.45 – 14:30/14:45 uurblok 1
15:15 – 16:45 uurblok 2
17:00 – 18:00 uurBorrel
18:15 uurDiner
20:15 – 21:15 uurPlenaire lezing 2
21:30 – 0:30 uurAvondprogramma
zaterdag 28 maart 2026 
7:00 uurFunrun
7:30 – 9:00 uur       Ontbijt
9:00 – 09:45/10.00 uurblok 3
10:15 – 11:00/ 11:15 uurblok 4: Semi-plenair
11.45 – 12.30 uurPlenaire lezing 3
12:30 – 13:00 uurSluiting
13:00 uurLunch

Plenaire lezingen

Peter Kuijpers Munneke
Universiteit Utrecht en NOS      
De wiskunde achter het weerbericht

Weerman Peter Kuipers Munneke laat op tv een kaart zien met wat getallen en symbolen. Ook de weerapp op je telefoon probeert het weer van de komende uren of dagen in een tabelletje weer te geven. Het maken van een weersverwachting lijkt bedrieglijk simpel, maar achter die paar getallen en symbolen gaat een duizelingwekkend veelzijdige wereld van wiskunde schuil. Dat begint al bij het weermodel, een enorme verzameling gekoppelde differentiaalvergelijkingen die in de tijd geïntegreerd worden om een toekomstige toestand van de atmosfeer te bepalen. Voor zo'n model zijn randvoorwaarden nodig, die worden met data-assimilatie uit miljoenen actuele meetgegevens gehaald. Zogenaamde ensembleverwachtingen helpen vervolgens in te schatten hoe groot de onzekerheid van de weersverwachting is. Al die informatie wordt ten slotte door de weerman of -vrouw vertaald naar een verhaal waarmee al die wiskunde onzichtbaar wordt. Daarom is het tijd voor een ode aan de wiskunde achter het weerbericht!

Micky Piller, Kristoffel Lieten
De kunst van M.C. Escher en de wiskunde

M.C. Escher (1898-1972) was een vrijdenker en een van de eerste kunstenaars in de tweede helft van de vorige eeuw die blijmoedig toegaf gefascineerd te zijn door wiskundige patronen. Hij was verwonderd door de wetmatigheden in de natuur en dat bracht hem in de buurt van de wiskunde. “Kristallografen en mathematici,” zo schreef hij, hadden hem “naar de poort van een prachtig domein gebracht en die poort geopend, maar zijn zelf niet naar binnen gegaan om het raadselachtige achter die poort te ontdekken.” Hij deed dat wel en liep er ‘moederziel alleen rond’.
Het was toen nog in de kunstwereld ongebruikelijk en zelfs ongewenst om je met wiskunde bezig te houden. De combinatie exacte wetenschap en artistieke vrijheid riep grote weerzin op in een tijd dat iedereen ‘maar wat aan rotzooide’ (Karel Appel). Het grote gebaar op grote doeken met veel verf, dat was nieuw, opruiend, Amerikaans en in de mode.
Een graficus die geconcentreerde, weloverwogen composities maakt op klein formaat, vaak niet groter dan een A4, valt dan buiten het kunstidioom van dat moment. Maar toch werd het werk van M.C. Escher  sinds zijn begintijd altijd gezien, gekocht en gewaardeerd, eerst mondjesmaat en vervolgens  met groeiende, zelfs internationale, belangstelling. 

De vraag die Micky Piller en Kristoffel Lieten in hun lezing op de openingsavond beantwoorden is: Hoe vond Escher de weg naar de wiskunde en wat fascineerde hem daarin? Piller en Lieten vertellen over de invloed van Eschers oudste broer, professor Berend Escher,  geoloog en kristallograaf. Hij zorgde voor de wetenschappelijke onderbouwing die M.C. Escher gebruikte bij het uitwerken van zijn vlakvullingen. 
Tijdens de voorbereidingen van hun boek M.C. Escher Anders Bekeken (Spectrum 2025) ontdekten ze een tweede belangrijke link die Escher op het terrein van de wiskunde bracht. De bekende wiskundige N.G. (Dick) de Bruijn speelde hierin een belangrijke rol. In alle literatuur wordt gewezen op de invloed van H.S.M. Coxeter en de wetenschappers  Lionel en Roger Penrose, maar zonder De Bruijn hadden zij het werk van Escher niet ontdekt. De wisselwerking tussen hen en Escher leidde tot wereldberoemde prenten als Waterval, waar het water omhoog stroomt, Klimmen en Dalen, waar mannen eindeloos op de trappen rondom een binnenplaats marcheren en de prachtige Cirkellimieten waarin Eschers eindelijk een vorm vond voor eeuwigheid en oneindigheid: tijd en ruimte.

Willemien Kets  - Universiteit Utrecht 
Denk jij wat ik denk dat jij denkt? 

Of denk je wat ik denk dat jij denkt dat ik denk? Hoewel we misschien soms te veel nadenken over wat anderen over ons denken is er wiskundig gezien een hoop te ontdekken op dit gebied. Als we bijvoorbeeld een verzameling willen definiëren die alle mogelijke manieren bevat waarop mensen over elkaar kunnen denken lopen we al snel tegen een interactieve versie van Russell's paradox aan. Nog een hersenkraker: Iets hardop zeggen wat iedereen al weet kan rare gevolgen hebben. Wat deze twee resultaten met elkaar gemeen hebben is dat ze alles te maken hebben met dekpunten: Punten die invariant blijven onder een afbeelding of operatie. Daarmee is denken over wat anderen denken dat je denkt mogelijk interessanter dan ik denk dat je denkt.