Vogelbingo

Ga je graag vogelspotten? Toekijken als ze hoog vliegen, elkaar achterna zitten, plagen, spelen en zingen? Nou, dan ben je niet de enige. Terwijl we allemaal de dag dicht bij huis doorbrengen, is vogelspotten populair geworden om de tijd te doden. De Vogelbescherming heeft het nooit drukker gehad.

Het perfecte moment om dit hemelse Vogelbingo te spelen. Leer meer over de vogels in je omgeving en win een leuk cadeau terwijl je daarmee bezig bent.

De regels van Vogelbingo

Download één van de Bingokaarten door op één van de onderstaande knoppen te klikken. Tijd om naar buiten te gaan en wat vogels te spotten. Als je een vogel spot die op de bingokaart staat, maak daar dan een foto van. Als je een vogel spot die niet op de kaart staat, maak dan ook een foto omdat deze mee kan tellen voor één van de 'mystery bird' boxen onderaan de kaart. Als je graag creatief bent, kun je ook een illustratie van de vogel in kwestie maken op de kaart en die afvinken.

Bingo!

...als je alle 6 vogels hebt gespot (of geïllustreerd). Stuur je set vogelfoto's of -illustraties naar greenoffice@uu.nl vóór vrijdag 29 mei middernacht. Als je dit doet, ontvang je een schitterend cadeau!

Let op: het is niet nodig om de bingokaart af te drukken. Voeg simpelweg zes foto's (bestandsnamen moeten de namen van de vogels zijn) toe aan de e-mail.

Bird Bingo kaart
Bird Bingo kaart (zwart/wit)

Gierzwaluw

swift
Gierzwaluw - Apus apus

Gierzwaluwen zijn geheel zwart met alleen een lichte plek bij hun keel om hun verenkleed wat vrolijker te maken, een korte, puntige snavel en zeer korte poten. Ze hebben karakteristieke sikkelvormige vleugels, waardoor het silhouet van een vliegende gierzwaluw iconisch en makkelijk te herkennen is. In de lucht zijn ze snel en zijn ze meestal in grote groepen te zien. Gierzwaluwen gedijen op een dieet van kleine insecten en zijn gespecialiseerd in het vangen van insecten tijdens het vliegen, waardoor ze al hun eten in de lucht kunnen vangen. Daarvoor zoeken ze meestal naar de luchtstromen waar op dat moment de meeste insecten in zitten, wat ze soms naar indrukwekkende hoogten leidt. Gierzwaluwen brengen de meeste tijd in de lucht door maar nestelen tijdens het broedseizoen. Hiervoor zoeken ze naar rotslandschappen vol met spleten waar ze in kunnen nestelen, wat huizen, kantoorgebouwen, kerken en andere gebouwen heel aantrekkelijk maakt. Oude gebouwen, vaak in stadscentra, zijn vooral populair.

Groenling (mannetje)

greenfinch
Groenling - Chloris chloris

Mannelijke groenlingen zijn heldergroen, met opvallende gele randen op hun vleugels en buitenste staartveren waardoor ze goed zichtbaar zijn in de lucht, terwijl de vrouwtjes een meer doffe grijsgroene kleur hebben. Groenlingen zien eruit als energieke vogeltjes en hebben een harde kegelvormige snavel. Ze doen hun naam eer aan met de verschillende tinten groen in hun verenkleed, dat misschien is ontstaan omdat groenlingen oorspronkelijk voorkwamen in bosranden en halfopen beddingen met plantengroei. Hun natuurlijke habitat is vandaag de dag helaas zeldzamer, waardoor de groenling zich vooral bevindt in gecultiveerde landschappen waar ze zich ophouden in dikke bosjes, en zaden en vruchten eten. Ze schillen fruit door het rond te draaien in hun snavel voor ze het opeten.

Huismus

house sparrow
Huismus - Passer domesticus

Mannelijke en vrouwelijke huismussen verschillen veel van elkaar; mannetjes zijn veel donkerder van kleur. Ze hebben ook een zwarte “baard” of plek onder de snavel, die groter is dominante mannetjes dan bij mannetjes die lager in de hiërarchie staan. Het vrouwtje is te herkennen aan een redelijk uniform lichtbruin verenkleed, met een opvallende wenkbrauwstreep achter elk oog en een meer gelige snavel. Zowel het mannetje als het vrouwtje hebben korte, leverkleurige poten. Deze vogels komen voor in verschillende habitats en zijn heel bekende broedvogels in steden. Hun dieet bestaat uit granen, vruchten en zaden, maar ze voeden hun kuikens ook met insecten. Ze bouwen nesten met interessante materialen, zoals papier en textiel of wat ze verder kunnen vinden. Huismussen zijn op hun hoede voor roofdieren, en kunnen 's avonds laat bovenin bomen worden gezien om zich te beschermen tegen katten en andere wezens.

Koolmees

great tit
Koolmees - Parus major

Koolmezen hebben een gele buik met een zwarte streep in het midden die doorgaat tot in de staart, een groenachtige rug, blauwgrijze vleugels met witte strepen en een glanzend zwarte kop met grote witte wangen. Koolmezen zitten graag in bosjes en in kleine bossen met veel open plekken. Hun dieet bestaat vooral uit kleine insecten, spinnen en rupsen in warmere seizoenen, waarin ze broeden, en zaden in de winter, waarin insecten schaars zijn. Van koolmezen is zelfs bekend dat ze andere vogels eten in harde tijden. Deze vogelsoort is gemakkelijk te observeren omdat ze luidruchtig zijn, niet bang zijn voor mensen en meestal op goed zichtbare takken staan.

Merel

Blackbird
Merel - Turdus merula

De merel is een middelgrote vogel met een lange staart en een geel-oranje snavel. De mannetjes zijn helemaal zwart en de vrouwtjes zijn donkerbruin, met een iets lichtere borst met bruine strepen. Jonge merels lijken veel op volwassen vrouwtjes, maar zijn vaak zo donzig dat ze eigenlijk groter lijken dan hun ouders! Merels vliegen laag in bosjes, struiken en heggen, en huppen in het rond als ze op de grond zijn. Ze zijn daarom gemakkelijk te zien in parken en tuinen. De melodie van hun gezang is karakteristiek, als een fluit die verschillende korte stanza's speelt met een scherpe toon aan het eind. Vergeleken met andere vogels beginnen merels vroeg in het jaar met zingen; je kunt hun gezang horen tegen het einde van de winter.

Pimpelmees

Blue tit
Pimpelmees - Cyanistes caeruleus

Pimpelmezen hebben een opvallend blauwe "muts" en vleugels, waar hun naam vandaan komt, een gele borst en smalle zwarte oogstrepen. De mannetjes zijn feller gekleurd dan de vrouwtjes en jongen. Ze zijn van origine bosvogels die zich hebben aangepast aan meer door mensen gebouwde omgevingen. Ze broeden graag in vogelhuisjes en komen dicht bij huizen in de winter, vooral voor de vetbollen en pinda's. Koolmezen kunnen zelfs op de dunste takken naar eten zoeken en eisen niet veel van hun leefomgeving, waardoor ze vaak te vinden zijn in tuinen en parken.

Turkse tortel

Turkish turtle dove
Turkse tortel - Streptopella decaocto

Turkse tortels hebben een tenger postuur en hun verenkleed is lichtbeige-grijs, met een zwart-witte nekband en donkerrode irissen die met de rest in contrast staan. Als ze vliegen, vallen de lichtgekleurde vleugels en buitenste staartveren op. Ze worden bijna altijd alleen of in paren gezien, hoewel grote zwermen kunnen ontstaan op plekken waar genoeg voedsel beschikbaar is. In tegenstelling tot soortgelijke vogels zijn deze vogels heel gewend geraakt aan stedelijke omgevingen. Hun dieet bestaat vooral uit zaden, loten en insecten. Ze kunnen worden gezien terwijl ze zich voeden in parken en in de tuinen van huizen, hoewel de hoogste concentraties van deze soort vooral te vinden zijn op boerderijen. Daar eten ze graan dat wordt geoogst of als veevoer wordt gebruikt.

Staartmees

Long tailed tit
Staartmees (Aegithalos caudatus)

Deze vogels zijn de sociale verwanten van de echte mezenfamilie  en leven altijd in groepen buiten het broedseizoen. Ze hebben een herkenbare witte kop met brede zwarte strepen langs de zijkanten die samenkomen op hun rug. Zoals de naam suggereert, is hun lange staart hun meest opvallende eigenschap. Deze staart is zelfs langer dan hun lichaam. Ze worden het vaakst gezien in bossen, parken en tuinen met genoeg beschutting, aangezien ze veel bomen en struiken nodig hebben om kleine insecten en rupsen te vangen. Staartmezen zijn over het algemeen honkvast omdat ze niet te ver weg gaan van het gebied waarin ze zijn geboren. De enige uitzondering hierop is in de winter, waarin ze kilometers afstruinen op zoek naar de zaden die ze eten om de koudste maanden te overleven.

Roodborstje

Robin
Roodborstje - Erithacus rubecula

Roodborstjes zijn kleine bruine vogels met een karakteristieke oranje-rode borst en gezicht, terwijl jongere vogels lichtbruin gespikkeld zijn. Ze zijn territoriale individuen en leven zelfs tijdens migratie en in de winter in isolatie, waarbij ze nooit andere roodborstjes toelaten in het gebied om hen heen. Deze soort is dol op bossen, bosjes, struiken en heggen. In steden zijn ze gemakkelijk te vinden in tuinen en parken, in het rond huppend op de grond op zoek naar insecten om te eten. Roodborstjes zingen graag en staan daarvoor meestal op boomtoppen in de winter of tijdens het broedseizoen. Hun gezang klinkt modieus, terwijl hun geroep onregelmatig is. Hoewel ze de hele dag door zingen en roepen, staan ze vroeg op en zingen ze vooral graag 's morgens vroeg.

Starling

Starling
Spreeuw - Sturnidae

Spreeuwen zijn te herkennen aan hun zwarte verenkleed, met een paarsgroen parelmoereffect en opvallende witte spikkels (net sterren tegen de achtergrond van de ruimte!). Spreeuwen zijn heel sociale vogels en vormen tijdens het vliegen grote groepen die spreeuwenwolken worden genoemd, vooral na het broedseizoen. Ze staan ook bekend om hun luidruchtigheid en hun imitatievermogen - het nadoen van de kreten van andere vogels in het wild. Hun puntige snavel is geel tijdens het broedseizoen, en wordt donkergrijs/zwart buiten het broedseizoen. Spreeuwen bouwen graag nesten in gaten maar zijn gemakkelijk te zien in parken en tuinen, waar ze graag openlijk planten eten. Hoewel spreeuwen afkomstig zijn uit Europa en Azië, komen ze nu ook veel voor in de Verenigde Staten. Ze zijn daar naartoe gebracht door ‘Shakespearefans’ die wilden dat alle vogels die genoemd worden in de werken van de beroemde schrijver vertegenwoordigd zijn in Amerika.

Vink

Chaffinch
Vink - Fringilla coelebs

Vinken hebben een korte, kegelvormige snavel Het mannetje heeft tijdens het broeden een blauwgrijze “muts”, een oranje-rode borst en oranje-rode wangen. De staartveren zijn zwart, op de witte buitenste staartveren na. Het vrouwtje is minder opvallend en wordt soms aangezien voor een vrouwelijke huismus, dus pas op! Het meest opvallende kenmerk van de vink is de twee witte strepen op de vleugels. Vinken zijn dol op groene gebieden en komen het meest voor in bossen, bosrijke tuinen en parken, waar ze bij de zaden en bladknoppen kunnen die ze graag eten. Ze komen meer voor in het noorden van Nederland, maar komen relatief veel voor waar ze een groene omgeving kunnen vinden.

Winterkoning

Wren
Winterkoning (Troglodytes troglodytes)

De winterkoning is een kleine, bruine vogel met lichte wenkbrauwstrepen, een kleine puntige snavel en dunne poten. Door hun altijd rechtopstaande staart die altijd in beweging is, maken ze een nerveuze indruk. Winterkoningen vliegen laag boven de grond van bosje naar bosje met snelle vleugelslagen. Winterkoningen komen vooral veel voor in beboste gebieden of hoger gelegen zanderige gebieden, maar zijn tevreden in elk gebied met beschutting die dik genoeg is. Ze komen daarom ook veel voor in stadscentra met parken die genoeg gebladerte hebben. Ze bouwen hun nesten daar waar genoeg beschutting is en ze zijn één van de meest voorkomende broedvogels in Nederland. Ondanks de Nederlandse naam “winterkoning”, zijn deze vogeltjes niet bepaald bestand tegen koude winters. Met hun fijne snavel zijn ze gespecialiseerd in het eten van kleine insecten, rupsen, spinnen, larven en zaden. Ze kunnen ook meerdere soorten proteïnerijke dieren uit kleine spleten in boomschors halen.