Zes ERC Starting Grants voor Utrechtse onderzoekers
Zes onderzoekers van de UU en het UMCU ontvangen een ERC Starting Grant van 1,5 miljoen euro per stuk van de European Research Commission (ERC). Met deze beurs kunnen zij een eigen onderzoekproject opzetten, een onderzoeksteam samenstellen en wetenschappelijke ideeën uitwerken.
De zes onderscheiden onderzoekers zijn Olia Kanevskaia, Peter Koymans, Deni Mazrekaj, Yichen Rao, Kimberly Siletti en Evita Wiegers.
Over de laureaten en projecten
Dit onderzoek biedt een baanbrekend kader om te begrijpen hoe het economisch recht van de EU de wereldwijde handelspraktijken in politiek gevoelige regio's kan beïnvloeden.
Contesting Trade with Disputed and Conflicting Territories (ConTraDiCT)
De handel van de EU met conflictgebieden is tegenstrijdig. Terwijl de EU illegale bezettingen veroordeelt, blijft zij een belangrijke handelspartner van veel van deze regio's. We importeren goederen uit Israëlische nederzettingen en breiden handelsovereenkomsten met Marokko uit tot de Westelijke Sahara.
Het ConTraDiCT project onderzoekt hoe het begrip 'oorsprong' in het economisch recht van de EU opnieuw kan worden gedefinieerd om het verband te waarborgen tussen handelspraktijken en internationale rechtsverplichtingen. ConTraDiCT bestudeert de handel van de EU met betwiste gebieden en streeft drie onderling samenhangende doelstellingen na: (1) herziening van de toepassing van douaneregels in betwiste gebieden; (2) hoe consumenten kijken naar ‘oorsprong’ labels van goederen uit betwiste gebieden; en (3) het verband tussen ‘territorium’ en ‘oorsprong’ bij betwiste gebieden. Het project combineert juridische analyse met empirisch onderzoek. Het biedt een kader om te begrijpen hoe het economisch recht van de EU de wereldwijde handelspraktijken in politiek gevoelige regio's kan beïnvloeden.
Uiteindelijk levert dit een uitgebreide toolbox op waarmee we meer inzicht krijgen in de structuren van gehele getallen.
Class groups, Elliptic curves and Diophantine Equations
Binnen dit project ontwikkelt Koymans nieuwe technieken binnen de aritmetische statistiek. Dit jonge vakgebied versnelde na een doorbraak van Harvard-wiskundige Alexander Smith. Hij bewees in 2017 een deel van de Cohen-Lenstra-heuristieken met deze statistische technieken. Die aanpak inspireerde wiskundigen en leidde tot snelle progressie. Zo leverde Koymans samen met zijn collega het langverwachte bewijs voor het Stevenhagen-vermoeden.
Toch zijn de onderliggende technieken nog niet goed uitgedacht. Dat is precies wat Koymans in dit ERC-project wil doen: bestaande technieken verbeteren en nieuwe introduceren. Uiteindelijk moet dit een uitgebreider toolbox opleveren waarmee wiskundige vermoedens kunnen worden opgelost en meer inzicht ontstaat in de structuur van gehele getallen. Dit is niet alleen theoretisch van belang, maar uiteindelijk ook van praktisch nut voor toepassingen zoals veilige encryptie. Lees meer.
Met AFAM-GAP onderzoek ik het groeiende ‘jongensprobleem’ in het onderwijs: waarom jongens, vergeleken met meisjes, in vrijwel alle Europese landen achteropraken in het onderwijs, en welke rol gezinnen en gezinsbeleid spelen in het ontstaan van die kloof.
Atypical Family Arrangements and the Mechanisms of the Educational Gender Gap (AFAM-GAP)
Waarom lopen jongens in vrijwel alle Europese landen achter op meisjes in het onderwijs? Deze groeiende achterstand wordt ook wel het ‘boy problem’ genoemd. Met AFAM-GAP onderzoekt socioloog Deni Mazrekaj of een deel van het antwoord ligt in de manier waarop gezinnen zijn georganiseerd. Binnen dit project gebruikt Mazrekaj uiteenlopende gezinsvormen – waaronder gezinnen met twee vaders of twee moeders, gezinnen met een thuisblijvende vader of moeder, samengestelde gezinnen en gezinnen waarin grootouders of andere familieleden mee voor kinderen zorgen – als een ‘natuurlijk laboratorium’. Zo kan worden onderzocht welke rol ouderlijke genderrollen, tijd, middelen, broers en zussen, andere verzorgers en gezinsbeleid spelen in de schoolprestaties van jongens en meisjes. Mazrekaj combineert binnen zijn project bevolkingsregisters uit Nederland, Denemarken en Zweden met nieuwe enquêtes, interviews en quasi-experimentele methoden. “Het doel is te begrijpen welke gezinsmechanismen de onderwijskloof tussen jongens en meisjes vergroten of verkleinen, en welke beleidsmaatregelen die kloof kunnen helpen dichten.”
Met CHAINS onderzoek ik hoe de Chinese infrastructuren op het gebied van AI en e-commerce het mondiale kapitalisme veranderen door wereldwijd nieuwe manieren te creëren waarop mensen kunnen werken en in hun levensonderhoud kunnen voorzien.
How China’s AI Infrastructures Make Global Micro-Capitalists in Digital Supply Chains (CHAINS)
Chinese e-commerce- en AI-systemen worden in toenemende mate infrastructuren waarmee mensen over de hele wereld hun brood verdienen. CHAINS onderzoekt hoe platforms zoals Temu, Shein, AliExpress en TikTok Shop, samen met de daaraan gekoppelde AI-tools en logistieke systemen, het mondiale kapitalisme veranderen. Het project richt zich op ondernemers die Chinese digitale infrastructuren gebruiken om kansen te identificeren, werk te automatiseren, te profiteren van verschillen tussen markten en kleine bedrijven op te zetten. In plaats van mensen simpelweg afhankelijker te maken van grote technologieplatforms, kunnen deze infrastructuren mensen ook in staat stellen nieuwe vormen van economische autonomie en creativiteit na te streven – terwijl ze tegelijkertijd nieuwe vormen van afhankelijkheid en onzekerheid creëren. Door middel van etnografisch onderzoek op meerdere locaties onderzoekt CHAINS hoe deze spanningen niet alleen werk en ondernemerschap maar ook de wereldeconomie hervormen.
Ik hoop dat we over vijf jaar beter begrijpen hoe de enorme diversiteit aan zenuwcellen samenhangt met hun verbindingen.
ConStruct: Connectivity instructs neuronal diversification
Hoe ontstaan diverse typen zenuwcellen? Ons brein kent een enorme diversiteit aan zenuwcellen, elk met hun eigen kenmerken. Tijdens de ontwikkeling moeten deze cellen de juiste verbindingen maken. Zo ontstaan netwerken die belangrijk zijn voor ons gedrag en denkvermogen. Toch begrijpen we nog niet goed hoe het brein al deze verschillende cellen maakt en hoe ze de juiste verbindingen vormen.
Kimberly Siletti en haar onderzoeksgroep volgen daarom bij muizen hoe zenuwcellen en hun verbindingen tijdens de ontwikkeling veranderen. Ze bestuderen hiervoor cellen in het netvlies en in het hersengebied dat visuele informatie verwerkt. Door bepaalde verbindingen gericht te verstoren, onderzoeken ze wat dit doet met de ontwikkeling van zenuwcellen en welke moleculen daarbij een rol spelen. Het onderzoek kan nieuwe inzichten bieden in hoe het brein zich ontwikkelt. Die kennis kan op termijn ook relevant zijn voor onderzoek naar psychiatrische en ontwikkelingsstoornissen en aandoeningen waarbij zenuwcellen afsterven.
Deze studie levert veel mogelijkheden op voor gepersonaliseerde zorg: indien we de stofwisseling bij een patiënt tijdens of direct na een behandeling precies kunnen bekijken, kunnen artsen beter begrijpen hoe zijn/haar hersentumor groeit.
ECLIPSE: Unveiling Brain Tumor Metabolism with Advanced In Vivo MRI
Hersentumoren passen hun energiehuishouding aan om te groeien. Daarbij speelt lactaat een belangrijke rol. Deze stof ontstaat bij de omzetting van voedingsstoffen in energie. Met gewone MRI-scans kunnen artsen hersentumoren in beeld brengen, maar nauwelijks wat er in hun stofwisseling gebeurt. Evita Wiegers en haar onderzoeksgroep combineren daarom MRI-technieken om het ‘lactaatverkeer’ in de tumor in kaart te brengen. Daarmee kunnen artsen beter begrijpen hoe een hersentumor groeit en mogelijk ook eerder zeggen of een therapie werkt of niet. De methode kan ook interessant zijn voor andere vormen van kanker en neurologische aandoeningen waarbij een veranderde stofwisseling een belangrijke rol speelt.