2 april 2019

Wie weet het beter? De docent of de centrale eindtoets?

Vmbo, havo of vwo? In groep 8 krijgen de basisschoolleerlingen te horen op welk niveau zij terecht komen als ze de overstap maken naar de middelbare school. Maar wie kan het best voorspellen welk niveau juist is? De docent of de centrale eindtoets? Statistici van de Universiteit Utrecht zochten het uit en hebben hun uitkomsten in het wetenschappelijk tijdschrift De Psycholoog gepubliceerd: “De centrale eindtoets schat beter in wie er op het vwo terecht komt. De docent weet beter wie drie jaar later op het vmbo zit.”

klas toets

De cijfers die statistici Kimberley Lek en Rens van de Schoot gebruikten, zijn afkomstig van het CBS. Van de Schoot: “We bekeken de docentadviezen en de cito-scores van 119.751 leerlingen die in het schooljaar 2014/2015 in groep 8 zaten. Die vergeleken we met het niveau waarop deze leerlingen drie jaar later daadwerkelijk terecht zijn gekomen. Zo krijgen we duidelijk antwoord op de almaar terugkerende vraag: wie of wat schat het best in op welk niveau een leerling terecht moet komen? Is de docent of de centrale eindtoets de beste raadgever?”

Geen van beide het best

Sinds het schooljaar 2014/2015 is het docentadvies leidend voor het niveau waarop de leerling terechtkomt. De eindtoets, die pas na dit advies afgenomen wordt, is een onafhankelijk tweede gegeven waarop de docent het advies enkel nog naar boven kan bijstellen. Lek en Van de Schoot tonen met hun onderzoek aan dat noch het docentadvies noch de eindtoets de beste voorspeller is. Lek: “Uit onze analyse blijkt dat de centrale eindtoets voor het vwo het best voorspellend is. Voor het vmbo zijn dat juist de docentadviezen. Docent of eindtoets: het beste kunnen we dus een combinatie maken van die twee.”

Nederland is ontzettend vroeg met het indelen van kinderen op onderwijsniveau.

Meervoudige adviezen

Als praktische oplossing geeft Lek aan dat we richting meervoudige adviezen kunnen gaan. “Laat het advies enkel bestaan uit vmbo/havo en havo/vwo. Nederland is ontzettend vroeg met het indelen van kinderen op onderwijsniveau. Als je brugklassen, en zelfs tweede klassen, laat bestaan uit leerlingen vmbo/havo en havo/vwo bied je laatbloeiers de kans om op het goede niveau terecht te komen. En kinderen die op de basisschool aardig scoorden in hun veilige omgeving, maar van wie de leerprestaties tegenvallen zodra ze de overstap maken naar de middelbare school, zadel je niet op met een niveau dat ze niet aankunnen.” 

Switchen van niveau

Naast deze uitkomsten en aanbevelingen concluderen de Utrechtse onderzoekers dat in het schooljaar 2014/2015 bij ruim de helft (56%) van de leerlingen het docentenadvies en centrale eindtoetsadvies hetzelfde was. Bij 29% lag het centrale eindtoetsadvies hoger en bij 15% lag dit lager. Ook blijkt dat leerlingen met een havo-advies relatief vaak van onderwijsniveau switchen. Als er geswitcht wordt van niveau voorspelt de eindtoets de opstromers het beste en de docent de afstromers.

Voor dit onderzoek is gebruikgemaakt van openbare data van het CBS. Het onderzoek maakt onderdeel uit van een project binnen NWO.