14 mei 2018

‘Urban Agenda for the EU biedt unieke kans om te experimenteren’

Met de zogeheten Urban Agenda for the EU heeft de Europese Unie goud in handen, maar beleidsmakers kunnen het potentieel van het nieuwe initiatief nog veel beter benutten door meer in te zetten op experimenteren. Dat concluderen onderzoekers van de Urban Futures Studio van de Universiteit Utrecht in een uitgebreide studie naar de praktische uitwerking van deze nieuwe Europese werkwijze.

Door de Urban Agenda for the EU is het voor steden in Europa voor het eerst mogelijk om door middel van partnerschappen direct invloed te hebben op EU-beleid en –regelgeving. Een goed initiatief, want steden zijn doorgaans daadkrachtige actoren en komen bij complexe vraagstukken (zoals de vluchtelingenproblematiek of de circulaire economie) met innovatieve en creatieve oplossingen. Om de kracht van steden beter te benutten werd in 2016, onder het Nederlands voorzitterschap van de EU, de Urban Agenda for the EU in het leven geroepen. Hierdoor gaan partnerschappen van steden, landelijke overheden en Europese instituten op structurele basis met elkaar om de tafel zitten om problemen op te lossen.

Steden krijgen niet altijd genoeg ruimte en steun om te experimenteren en te innoveren. Daar is nog veel winst te behalen.
Projectleider "Experimenting with Cities" van Urban Futures Studio

Onderzoekers van de Urban Futures Studio deden een half jaar lang onderzoek naar de werking van de de Urban Agenda. In hun onderzoeksrapport ‘Learning to Experiment. Realising the potential of the Urban Agenda for the EU’ bepleiten de auteurs dat de EU beter kan inspelen op experimenten in steden. “Steden cultiveren bij uitstek het concept van experimental governance, het besturen door middel van experimenteren. Maar daar krijgen ze niet altijd de ruimte voor”, zegt Suzanne Potjer, eerste auteur en onderzoeker aan de Urban Futures Studio. Een voorbeeld: één van de partnerschappen constateerde dat pogingen in steden om de circulaire economie op te starten sterk worden gehinderd door strikte Europese regelgeving op het gebied van afvalwerking.

Leergemeenschappen

Potjer: “In steden bestaat een veelvoud aan experimenten, waar burgers, ondernemers, overheden en kennisinstellingen aan nieuwe ideeën en oplossingen werken. Maar uit ons onderzoek blijkt dat de Urban Agenda beter gebruik kan maken van de nieuwe inzichten die uit deze experimenten voortkomen. Daarnaast krijgen steden niet altijd genoeg ruimte en steun om te experimenteren en te innoveren. Daar is nog veel winst te behalen.”

Maarten Hajer, hoogleraar Urban Futures aan de Universiteit Utrecht, vult aan: “De vernieuwende kracht van de Urban Agenda is dat het informele leergemeenschappen creëert tussen mensen van verschillende overheidslagen. Het leren zit hem in de methodiek – dat je per thema consequent kijkt naar waar de regels in de weg zitten, op elk bestuursniveau. Dat sommige steden en andere partners het meeste werk doen, maar dat iedereen mee kan liften.”

 

Als de Europese Commissie niet reageert op een aantal suggesties, zakt het geheel als een souffle in elkaar.

Kantelpunt

Er komen belangrijke tijden aan voor de Urban Agenda, stipt Hajer aan. “Het is cruciaal dat er binnen niet al te lange tijd vanuit de Europese Commissie wat wordt gedaan met de aanbevelingen uit de Urban Agenda. Als de Europese Commissie niet reageert op een aantal suggesties, zakt het geheel als een souffle in elkaar. Als de Commissie de meerwaarde erkent, ontstaat er energie in het netwerk.”

Nicolaas Beets, speciaal gezant voor de Urban Agenda, onderstreept de urgentie van de aanbevelingen uit het rapport. “We zitten op een kantelpunt. De eerste actieplannen van de partnerschappen zijn aangeboden en behandeld. Nu moeten we gaan van theorie naar acties, naar werkelijke veranderingen.”