Universiteit Utrecht zet volgende stap in transparante duurzaamheidsrapportage
De Universiteit Utrecht (UU) heeft haar Duurzaamheidsjaarverslag 2025 gepubliceerd. Voor het eerst is dit opgesteld volgens de principes van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) en de bijbehorende European Sustainability Reporting Standards (ESRS).
Waar de UU sinds 2014 jaarlijks haar CO₂-voetafdruk publiceerde, brengt het duurzaamheidsjaarverslag nu de voortgang op de belangrijkste duurzaamheidsthema's samen in één rapport. Het laat niet alleen zien welke resultaten zijn bereikt, maar ook waar de universiteit nog niet op koers ligt of waar nog gegevens ontbreken. Juist die transparantie maakt het verslag waardevol.
Hoewel de UU nog niet verplicht is om volgens de CSRD-richtlijn te rapporteren, kiest de UU daar bewust voor. Deze aanpak maakt resultaten beter vergelijkbaar met andere organisaties, helpt de universiteit te leren en bereidt haar voor op toekomstige wetgeving.
Met dit duurzaamheidsjaarverslag zetten we een belangrijke stap. We laten zien wat we doen, wat we bereiken én waar we nog kunnen groeien. We zijn onderweg, maar nog niet klaar.
Voortgang op vijf duurzaamheidsthema's
De Universiteit Utrecht boekte in 2025 vooruitgang op alle vijf haar duurzaamheidsthema's: energie, biodiversiteit, circulariteit en afvalverwerking, klimaatadaptatie en klimaatmitigatie. Op energie werden de grootste resultaten behaald. Het aardgasverbruik daalde met bijna een kwart ten opzichte van een jaar eerder en de energiebesparingsdoelstelling werd vijf jaar eerder gehaald dan gepland. Tegelijkertijd investeert de universiteit verder in duurzame energie, onder meer met een zonnepark, 7.500 zonnepanelen en warmte-koudeopslag.
Ook op de andere thema's werden belangrijke stappen gezet. Zo bracht de UU voor het eerst haar biodiversiteitsvoetafdruk in kaart en nam de hoeveelheid bedrijfsafval verder af. Daarnaast werd een programma klimaatadaptatie voorbereid om de campus beter bestand te maken tegen hitte, droogte en wateroverlast. De uitstoot uit de eigen bedrijfsvoering daalde opnieuw, maar het terugdringen en monitoren van uitstoot in de keten blijft een uitdaging. Daarmee laat het verslag niet alleen zien wat al is bereikt, maar ook waar de belangrijkste opgaven richting 2030 liggen
Vooruitblik
In 2026 ligt de nadruk op het verder concretiseren van doelen, het verbeteren van de monitoring en het uitvoeren van de duurzaamheidsprogramma's. Tegelijkertijd vraagt de volgende stap om iets anders dat minstens zo belangrijk is: bewustwording en gedragsverandering. De universiteit ziet dat veel medewerkers en studenten gemotiveerd zijn om bij te dragen aan een duurzamere campus. Juist die gezamenlijke inzet is nodig om de ambities voor 2030 waar te maken.