4 april 2017

Saskia Pieterse op De Groene Amsterdammer over Jeroen Dijsselbloem en Nederlandse botheid

Jeroen Dijsselbloem - Wikimedia Commons/Rijksoverheid.nl
Jeroen Dijsselbloem - Wikimedia Commons/Rijksoverheid.nl

Jeroen Dijsselbloem maakte geen vrienden in Zuid-Europa toen hij zei dat je niet eerst je geld aan "drank en vrouwen" kunt opmaken om daarna de hand op te houden voor financiële steun. Zijn verklaring was dat zijn uitspraak toe te schrijven zou zijn aan 'calvinistische directheid'. Dr. Saskia Pieterse (Nederlandse taal en cultuur) biedt op de website van De Groene Amsterdammer (31 maart) een kleine cultuurgeschiedenis van de Nederlandse botheid, en gaat na waar die calvinistische directheid eigenlijk vandaan komt.

Dr. Saskia Pieterse
Dr. Saskia Pieterse

Cultureel en economisch zelfbeeld

Via een economisch en een cultureel spoor, die beide beginnen in de vroege zestiende eeuw, laat Pieterse zien dat de Nederlandse botheid door Erasmus nog als een 'culturele doofheid' werd gezien die zich in economische zin al snel tot een deugd ontwikkelde.

Met het volgen van de historische lijn tot de eenentwintigste eeuw, waarbij ze uitgebreid aandacht heeft voor de manieren waarop het Nederlandse cultureel-economische zelfbeeld verweven is met het koloniale verleden, brengt Pieterse beide sporen bij elkaar: "En zo is het Nederlandse zelfbeeld een self-fulfilling prophecy. Want of Nederlanders nu al sinds de Bataven écht zo direct (dan wel bot) zijn als het nationale cliché veronderstelt: duidelijk is dat Nederlanders zich tot op vandaag sterk met de notie eerlijkheid identificeren. Veel ruimte voor een kritisch perspectief van buiten is er daarbij niet, laat staan voor een gelijkwaardig gesprek."