Overheid moet discriminatie structureel bestrijden en voorkomen
Discriminatie en racisme zijn geen incidenten, maar structurele problemen. Iedereen in Nederland heeft direct of indirect te maken met discriminatie en racisme. Ook de overheid discrimineert. In haar eindrapport Discriminatie doorbreken. Naar een overheid die discriminatie bestrijdt en voorkomt heeft de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme een actieagenda gepresenteerd om discriminatie door de overheid in Europees en Caribisch Nederland aan te pakken. De commissie belicht oorzaken van de structurele discriminatie door de overheid, en pleit voor een fundamentele koerswijziging, waarvoor zij concrete acties voorstelt. Opdat de overheid niet alleen stopt met discrimineren, maar het voorkomt en actief bijdraagt aan gelijkheid en gelijkwaardigheid.
Veel mensen in Nederland hebben direct of indirect te maken met discriminatie op gronden die onder artikel 1 Grondwet vallen, zoals godsdienst, geslacht, handicap of seksuele gerichtheid. Discriminatie en racisme zijn geen incidenten, maar structurele problemen die diep verankerd zijn in instituties, werkwijzen en aannames en vaak onzichtbaar doorwerken,
zegt commissievoorzitter Joyce Sylvester. Ook de overheid discrimineert. Het eindrapport van de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme maakt duidelijk waarom de huidige aanpak van discriminatie tekortschiet. Hoewel discriminatie in Nederland verboden is op grond van artikel 1 Grondwet, blijft het in de praktijk een hardnekkig probleem. Discriminatie en racisme komen voor op de arbeidsmarkt, in de zorg, op de woningmarkt, in het onderwijs en ook binnen de overheid zelf.
De aanpak van discriminatie en racisme vraagt om het voorkomen van ongelijke behandeling, moreel bestuurlijk leiderschap, ambtelijke moed en sturing én het actief betrekken van de brede diversiteit aan inwoners.
Discriminatie beschadigt mensenlevens en kost de samenleving miljarden, zoals de toeslagenaffaire heeft laten zien. Discriminatie doorbreken is geen eenmalige opgave. Het is een blijvende verantwoordelijkheid van ons allen. De aanpak van discriminatie en racisme in Europees en Caribisch Nederland vraagt om het voorkomen van ongelijke behandeling, moreel bestuurlijk leiderschap, ambtelijke moed en sturing én het bij beleid en wetgeving actief betrekken van de brede diversiteit aan inwoners die ons land kent. In haar laatste rapport presenteert de staatscommissie daarom een agenda met tien concrete acties om discriminatie en racisme in Nederland structureel te bestrijden en te voorkomen,
aldus Joyce Sylvester, die naast voorzitter van de staatscommissie als Academic Fellow verbonden is aan de faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie van de Universiteit Utrecht.
Samenhangende verklaringen en oplossingsrichtingen
Ondanks de ernst van het probleem blijft de voortgang in het bestrijden van dieper verankerde vormen van discriminatie en racisme door de overheid achter. De staatscommissie signaleert hiervoor drie samenhangende verklaringen:
- Wetgeving en beleid worden vaak ontwikkeld vanuit een beperkt perspectief. Overheidsorganisaties vormen nog onvoldoende een representatieve afspiegeling van de bevolking. Daarnaast worden mensen die direct geraakt worden door discriminatie onvoldoende structureel betrokken.
- De aanpak van discriminatie en racisme is reactief en gericht op incidenten.
Het stelsel van rechtsbescherming en toezicht is voornamelijk gericht op een aanpak achteraf, niet op preventie vooraf. Doordat monitoring ontbreekt, blijven structurele patronen van discriminatie en de impact ervan buiten beeld. Bovendien maakt deze reactieve benadering het moeilijk om te anticiperen op nieuwe vormen van discriminatie in een veranderende samenleving.
- Overheid en politiek houden zich afzijdig.
Politici en bewindspersonen stellen zich geregeld terughoudend of ontkennend op bij het benoemen van discriminatie en racisme. Deze afzijdigheid beperkt zich niet tot woorden; ook in daden vermijdt de overheid bindende keuzes en structurele sturing.
Voor een samenhangende aanpak hiervan, presenteert de staatscommissie een actieagenda met vijf oplossingsrichtingen en tien specifieke acties. Die zijn gericht op de versterking van maatschappelijke betrokkenheid, kennisontwikkeling, bestuur, wetgeving en toezicht. Hierin is met name de overheid aan zet, maar ook voor de samenleving is een belangrijke rol weggelegd:
- Neem meerstemmigheid als uitgangspunt
- Organiseer structurele monitoring en inzicht
- Pak de regie en voorkom discriminatie
- Stop profilering en vernieuw de non-discriminatiewetgeving
- Draag bij aan gelijkheid en gelijkwaardigheid
De tien specifieke acties die hieruit voortvloeien zijn onderling verbonden: kennis voedt beleid, preventie ondersteunt handhaving en meerstemmigheid vormt hierin een rode draad.
Concrete voorstellen en instrumenten
Deze concrete voorstellen richten zich onder andere op betere monitoring van discriminatie, via de toepassing van de Discriminatietoets, het stoppen van datagedreven profilering, het versterken van wetgeving en toezicht en het actief betrekken van inwoners bij beleid en wetgeving. Ook vraagt de commissie nadrukkelijk aandacht voor gelijkheid en gelijkwaardigheid in Caribisch Nederland.
Discriminatietoets
De staatscommissie biedt overheid en samenleving concrete instrumenten om aan de slag te gaan. Met de Discriminatietoets die de staatscommissie ontwikkelde, kunnen overheidsorganisaties zelf risico's op discriminatie in beleid en dienstverlening preventief opsporen en aanpakken.
Daarnaast heeft de commissie voorgesteld om geleidelijk een wettelijke Gelijkheidsplicht Publieke Sector (GPS) in te voeren, waarmee overheidsinstanties verplicht worden gelijke behandeling vanaf het begin mee te nemen in beleid en uitvoering, naar voorbeeld van het Verenigd Koninkrijk en Ierland waar zo’n plicht al langer bestaat. Toepassing van de discriminatietoets kan langs die weg verder geborgd worden. Op die manier kan de overheid krachtiger werk maken van gelijke behandeling.
Einde aan de staatscommissie
De staatscommissie benadrukt dat het bestrijden van discriminatie en racisme niet alleen een taak van de overheid is, maar dat de overheid, instituties én de samenleving gezamenlijk dienen te bouwen aan een gelijkwaardige samenleving. Joyce Sylvester: Discriminatie doorbreken is geen eenmalige opgave. Het is een blijvende verantwoordelijkheid van ons allemaal.
Volgens de commissie is de strijd tegen discriminatie en racisme een kwestie van lange adem.
Discriminatie doorbreken vergt moed, moreel leiderschap, maatregelen, middelen, meerstemmigheid en voortdurende inzet
Met Discriminatie doorbreken. Naar een overheid die discriminatie bestrijdt en voorkomt brengt de staatscommissie haar laatste rapportage uit. De staatscommissie werd in 2022 ingesteld op verzoek van de Tweede Kamer en beëindigt deze zomer haar werkzaamheden omdat de afgesproken termijn van vier jaar er dan op zit.
Om te waarborgen dat de gewenst koerswijziging daadwerkelijk wordt ingezet, roept de staatscommissie het kabinet op om een Borgings- en monitoringscommissie op te richten om de implementatie van de acties van de staatscommissie aan te jagen en te bewaken.
Wetenschappelijke bijdrage vanuit de Universiteit Utrecht
Naast voorzitter Joyce Sylvester bestond de Staatscommissie onder andere uit Mirko Noordegraaf (vicevoorzitter) en Alexandra Timmer. Emma Pullen en student-assistenten Myrthe Zwiers en Valentijn Dankers werkten aan een deeladvies over Caribisch Nederland. Meerdere studenten van de departementen Bestuurs- en Organisatiewetenschap en Rechtsgeleerdheid liepen stage bij de Staatscommissie, ten dienste van hun scripties. Daarmee droeg de Universiteit Utrecht prominent bij aan de wetenschappelijke onderbouwing van het werk van de commissie.
Het is eervol en waardevol om vanuit de bestuurs- en organisatiewetenschap actief te zijn in deze Staatscommissie,
zegt Mirko Noordegraaf, vicevoorzitter en hoogleraar Publiek Management en hoofd departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO) daarover. Tussen politiek, beleid, samenleving en kennis in kunnen wetenschappers een belangrijke bijdrage leveren aan het doorgronden en aanpakken van het indringende vraagstuk discriminatie. Vooral het besef dat de overheid op allerlei manieren oneigenlijke onderscheidingen maakt, vaak impliciet of onbewust, en daar wat aan doen, dat is impactvol.
Alexandra Timmer, universitair hoofddocent mensenrechten (departement Rechtsgeleerdheid) voegt daaraan toe: Ik vond het enorm inspirerend om lid te zijn van de staatscommissie, omdat het een unieke kans bood om wetenschap, praktijk en politiek met elkaar te verbinden. We zijn met heel veel mensen in gesprek gegaan.
Ook geeft ze aan dat de staatscommissie met haar rapport over de Gelijkheidsplicht Publieke Sector (GPS) vernieuwend onderzoek verricht heeft en concrete aanbevelingen heeft gedaan om discriminatie door de overheid beter te voorkomen. Samen met de publicatie Samen voor gelijkheid. Een toekomstvisie op het non-discriminatierecht, ontwikkeld met wetenschappers en maatschappelijke partners, vormt dit een krachtig pleidooi voor een fundamentele herbezinning op het non-discriminatierecht — iets waar ik trots op ben.
Meer informatie
Wilt u meer weten? Lees dan het volledige rapport Discriminatie doorbreken. Naar een overheid die discriminatie bestrijdt en voorkomt.
Of neem contact op met: Renée Schut-Verkuijlen, woordvoerder Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme via renee.schut@minbzk.nl of 06 18 67 22 07.