10 oktober 2018

Opvoeder kan belangrijke rol spelen bij radicalisering

Het loont om vanuit de opvoeding naar radicalisering te kijken. Niet omdat ouders hun kinderen radicale idealen bijbrengen, maar omdat ouders op de achtergrond een belangrijke rol kunnen spelen bij radicalisering. Dat schrijft Elga Sikkens in haar promotieonderzoek. Sikkens promoveert 10 oktober aan de Universiteit Utrecht.

Volgens de Utrechtse promovenda kan radicalisering, of het nu om extreemlinkse, extreemrechtse of extreem religieuze idealen gaat, gezien worden als een normale ideaalontwikkeling die ontspoort. Sikkens: “Ouders kunnen de radicalisering van hun kinderen mogelijk sturen door met hun kinderen te praten over ingewikkelde kwesties als terroristische aanslagen, extremisme, discriminatie en onrecht. Ouders hoeven daarvoor geen kant en klare antwoorden te hebben, veel belangrijker is dat zij luisteren naar de frustraties van hun pubers, interesse tonen in hun ideeën en een tegengeluid laten horen wanneer nodig.”

Als jongeren bij ouders niet terecht kunnen met hun vragen en problemen, zoeken ze 'een thuis' buiten het gezin.

Een thuis

In haar onderzoek laat Sikkens zien dat, op basis van interviews met 73 (voormalig) radicale jongeren en 71 familieleden, ouders de radicalisering vaak niet herkenden of niet wisten hoe ze met de idealen van hun kind om moesten gaan. “Bovendien is er vaak van alles aan de hand in gezinnen waar radicalisering plaatsvindt. Denk aan vechtscheidingen, ziekte en andere problemen. Jonge mensen die opgroeien in een familiecontext waar zij niet bij hun ouders terecht kunnen, zoeken mogelijk antwoorden en ‘een thuis’ buiten het gezin.”
Sikkens stelt dat het daarom belangrijk is om ook docenten, jongerenwerkers en religieus werkers te betrekken in het bieden van morele kaders en steun aan jongeren in hun (ideaal)ontwikkeling.

Meer informatie
Persvoorlichting faculteit Sociale Wetenschappen, 030-253 4027, r.a.b.vanveen@uu.nl