5 september 2017

Promotie Rik Ensing

Nieuw protocol vermindert problemen met medicatie na ziekenhuisontslag

Onvolledige informatieoverdracht tussen eerste- en tweedelijns zorgverleners en onvoldoende voorlichting aan de patiënt leiden regelmatig tot geneesmiddelgerelateerde problemen. Dat kan tot gevolg hebben dat patiënten onnodige bijwerkingen ondervinden of geneesmiddelen blijven gebruiken waarmee ze eigenlijk moeten of mogen stoppen. Eerder onderzoek op dit gebied richtte zich vooral op problemen bij een ziekenhuisopname, maar over de problemen bij het ontslag uit het ziekenhuis is minder bekend. Promovendus Rik Ensing deed onderzoek naar de rol van apothekers na ontslag uit het ziekenhuis. Hij promoveert op 25 oktober op zijn onderzoek.

Uit het onderzoek van Ensing bleek dat openbaar apothekers bij 9 van de 10 ontslagrecepten uit het ziekenhuis een geneesmiddelgerelateerd probleem tegenkwamen. In sommige gevallen werden deze problemen veroorzaakt door onduidelijkheid over de geneesmiddelen die de patiënt moest gebruiken of juist stoppen, of bij gebrek aan kennis bij de patiënt. Andere gevallen hadden een administratieve achtergrond, bijvoorbeeld een geneesmiddel dat niet vergoed wordt of niet beschikbaar is.

HoMeCome-programma

Deze hoge mate van problemen benadrukt de noodzaak om meer aandacht te besteden aan de overgang van het ziekenhuis naar huis. Hiervoor ontwikkelde Ensing het HomeCoMe-programma, een protocol dat bestaat uit twee onderdelen. Het programma houdt ten eerste in dat het ziekenhuis bij ontslag van een patiënt een volledige overdracht van geneesmiddeleninformatie geeft aan de openbare apotheek. Ten tweede schrijft het programma voor dat de openbaar apotheker een huisbezoek brengt aan de patiënt nadat deze is ontslagen uit het ziekenhuis, om problemen op het gebied van medicatie te identificeren en op te lossen.

Huisbezoek

Tijdens een test van het programma bleek dat apothekers tijdens het huisbezoek gemiddeld vijf geneesmiddelgerelateerde problemen per patiënt identificeerden, meestal gebrek aan kennis over geneesmiddelen en therapieontrouw. Tijdens het huisbezoek besprak de apotheker meestal de praktische problemen van de patiënt. Apothekers ervoeren meer moeite met het bespreken van hun zorgen rondom geneesmiddelen. Om het huisbezoek breder te kunnen implementeren, signaleerde Ensing dat er behalve tijd en een adequate vergoeding ook behoefte is aan het aanpassen van de dagelijkse routine van de apotheker.