Neurodiversiteit in de klas: hoe ga je daarmee om als docent?

Docent kijkt betrokken naar kinderen in de klas

ADHD, autisme en dyslexie: het zijn allemaal vormen van neurodiversiteit. In elke klas zitten er wel een aantal neurodiverse kinderen. Hoe houd je als leerkracht rekening met neurodiversiteit zonder dat het extra werkdruk oplevert? Anne Smit-van Beveren en Mateusz Platos onderzoeken dit op verschillende manieren en geven advies

Anne Smit-van Beveren erkent dat het niet makkelijk is om altijd stil te staan bij neurodiversiteit: “In ons onderzoek merkten we dat veel docenten inclusief onderwijs belangrijk vinden, maar bang zijn dat het in de praktijk meer werkdruk en nare ervaringen oplevert. Een docent vertelde me: ‘Ik heb echt het gevoel dat ik alle leerlingen elke dag tekort doe.’ Terwijl het idee achter inclusief onderwijs juist is dat door een paar kleine aanpassingen, het onderwijs toegankelijker wordt voor iedereen.”

Academische behoeften

Jongen kijkt vrolijk naar buiten vanaf zijn stoel in de klas

Mateusz Platos onderzoekt wat scholen kunnen doen om het onderwijs inclusiever te maken: “We kunnen dit op drie niveaus bekijken: academisch, sociaal en emotioneel. Op academisch vlak kunnen we kinderen ondersteunen in structuur en duidelijkheid. Neurodivergente kinderen voelen zich vaak overweldigd door de hoeveelheid informatie.” Het tempo in de klas kan best hoog liggen. “Dan is het extra belangrijk voor de leerling om prioriteiten te stellen. Vooral kinderen met autisme hebben hier moeite mee, want ze willen het heel graag goed doen. Kinderen met ADHD hebben vaak moeite met plannen. Het kan helpen om als docent een grote opdracht in stukjes te hakken en feedback te geven na elke stap.”

In haar eigen onderwijs probeert Smit-van Beveren ook inclusief les te geven, bijvoorbeeld door het visueel maken van de planning. “Die structuur lokt hopelijk uit dat studenten begrijpen waar we precies mee bezig zijn. Ik geef dat nu zelf vorm in een cursus op de universiteit, maar dit kan je ook prima bij een basis- of middelbare school aanbieden.”

Functie van gedrag

Anne tipt leerkrachten om goed te kijken waar gedragsproblemen vandaan komen. “Een collega had bijvoorbeeld een leerling die altijd een paar minuten te laat kwam. De docent kwam in een gesprek met de leerling erachter dat hij het drukke moment tussen de lessen heel vervelend vond. Als je gaat begrijpen: te laat komen heeft een functie - normaal door de gang kunnen lopen - ga je heel anders naar dat gedrag kijken.” 

Als je gaat begrijpen: te laat komen heeft een functie - normaal door de gang kunnen lopen - ga je heel anders naar dat gedrag kijken.

Neem de klachten serieus

Kind staat vooraan in de klas te stralen naast de meester

Daarnaast stipt Anne het belang aan om de ervaringen van jongeren serieus te nemen. “De jongere die stelselmatig een paar minuten te laat de klas binnenkomt, heeft het recht om te kiezen voor een aanpak die voor deze leerling werkt. Dus bekijk de leerling niet vanuit een gemarginaliseerde positie: ‘alle leerlingen kunnen dit en jij niet, dus je past je maar aan.’ Maar probeer na te denken hoe jullie samen tot een oplossing komen. Je kan in gesprek gaan, of bij jongere leerlingen is het misschien een betere optie om goed te observeren wat er gebeurt op het moment dat het uit de hand loopt. Dan kan een eerste stap zijn om na te denken: ‘Wat ging daaraan vooraf?’”

Sociale behoeften

“Niet alleen academische, maar ook sociale behoeften zijn belangrijk,” begint Mateusz. “Neurodivergente kinderen voelen zich niet altijd welkom in de klas en hebben soms het gevoel dat ze anders zijn.” Probeer strategieën te bedenken die het minst stigmatiserend zijn en niet voor negatieve aandacht zorgen. Een voorbeeld daarvan is het ‘inschakelen van kinderen’. Voor kinderen die moeite hebben met sociale situaties kan het helpend zijn om deze voor hen te structureren. “Zet ze naast een kind dat vriendelijk is. Vraag of dit kind een beetje kan helpen en begeleiden.” “Als een kind erg beweeglijk is, kun je dat kind een speciale taak geven, bijvoorbeeld door te vragen om iets voor de leerkracht te halen. Op deze manier geef je het kind een speciaal gevoel, in plaats van een negatief gevoel.”

Als een kind erg beweeglijk is, kun je dat kind een speciale taak geven, bijvoorbeeld door te vragen om iets voor de leerkracht te halen. Op deze manier geef je het kind een speciaal gevoel, in plaats van een negatief gevoel.

Universitair docent Ontwikkeling en Klinische Psychologie

Emotionele en sensorische behoeften

Neurodiverse kinderen kunnen meer last hebben van sensorische stress veroorzaakt door harde geluiden, scherp licht of sterke geuren. “Wat scholen zouden kunnen doen is het maken van aparte ruimtes voor studenten (en misschien ook wel leraren) waar ze even tot rust kunnen komen." Een rustruimte waar iemand helemaal alleen kan zitten, met zachte materialen en kleuren, waar je misschien zelfs even een dutje kan doen. “Dat kan heel behulpzaam zijn voor het verwerken van al die sensorische en emotionele prikkels.”

Kortom, let als docent op academische, sociale en emotionele behoeften van de leerling. Op academisch niveau kan je structuur bieden, kijken wat de functie van iemands gedrag is of observeren waar gedrag vandaan komt. Op sociaal vlak kan het helpen om kinderen in te schakelen, zodat ze zich speciaal voelen. En daarnaast kan een rustruimte hepen om bij te komen van overprikkeling. Maar het allerbelangrijkste, noemt Platos: “Inclusiviteit start met het uitvragen wat de behoeften zijn van verschillende leerlingen. Praat met de student over deze behoeften. Soms kan dat al een groot verschil maken.”

Diverse Minds

Doe jij onderzoek naar neurodiversiteit? Of heb je hier interesse in? Kom dan naar één van de Diverse Minds meetings. De eerstvolgende keer is op woensdag 3 december. Marijke Achterberg zal vertellen over hoe zij onderzoek doen naar sociaal spelgedrag in diermodellen, waaronder een diermodel voor autisme.  De editie daarna is op 14 januari. Dan vertellen Em la Feber en Lara Renner over onbeperkt studeren. Iedereen die nieuwsgierig is naar neurodiversiteit is welkom om deel te nemen aan het gesprek.