3 september 2019

Laureaten krijgen ieder anderhalf miljoen euro

Negen ERC Starting Grants voor Utrechtse onderzoekers

Negen Utrechtse onderzoekers krijgen dit jaar een ERC (European Research Council) Starting Grant van anderhalf miljoen euro. Deze Europese beurs voor vijf jaar wordt toegekend aan veelbelovende onderzoekers die bewezen hebben dat ze onafhankelijke onderzoekersleiders kunnen worden.

Bij de faculteit Geesteswetenschappen krijgen dr. Marjolijn Bol en dr. Hanno Sauer een ERC Grant dit jaar. Bij de faculteit Geowetenschappen zijn dit dr. Lennart de Groot en dr. Oliver Plümper.  Bij de faculteit Diergeneeskunde deed dr. Karin Strijbis een succesvolle aanvraag en prof. dr. Anna Gerbrandy bij de faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie. En bij het UMC zijn dit dr. Aniek Jansen, dr. Pieter Vader en dr. Ynte Ruigrok.
 

portret marjolijn bol

Dr. Marjolijn Bol, DURARE

Hoe lang kan een kunstwerk overleven? Deze vraag wordt typisch beschouwd als een probleem van het behoud van cultureel erfgoed - het fysieke probleem van hoe kunst zo lang mogelijk kan worden bewaard in zijn oorspronkelijke conditie. Dit onderzoeksprogramma onderzoekt het probleem van de duurzaamheid in de kunst op een geheel nieuwe manier. Het richt zich tot de opdrachtgevers en kunstenaars uit het verleden en hun ambities voor kunst die lang kan duren.

Hoe hebben ambachtslieden gezocht naar manieren om objecten duurzaam te maken? Wat bepaalde de wens van opdrachtgevers om duurzame kunstobjecten te bezitten? Welke sociale praktijken en instituten zijn ontworpen om een object te laten overleven? Dynamics of the Durable: A History of Making Things Last in the Visual and Decorative Arts (DURARE) is de eerste synthetische studie naar de impact van deze ambities voor duurzaamheid op de ontwikkeling van Europese kunsttradities.

DURARE onderzoekt de wortels van waarom in het Westen cultureel erfgoed bevroren wordt in de tijd. Het laat zien hoe ambachtelijke kennis over de stabiliteit en veroudering van materialen fundamentele kennistradities buiten de kunstgeschiedenis heeft beïnvloed. En dit onderzoeksprogramma werpt een nieuw licht op de vraag waarom, als reactie op de veronderstelde duurzaamheid van kunst uit het verleden, hedendaagse kunst vaak “efemeer” is geworden.

Dr. Hanno Sauer

Dr. Hanno Sauer, PROGRESS

Samenlevingen veranderen. Maar gaan ze ook vooruit? Tweehonderd jaar geleden was bijna iedereen in de wereld arm, waren de voeten van miljoenen Chinese meisjes gebonden, bloeide de Amerikaanse economie op slavernij, mochten vrouwen niet stemmen, werd homoseksualiteit als misdaad beschouwd en werd het idee dat dieren humaan behandeld moesten worden belachelijk gemaakt. Tegenwoordig is algemeen kiesrecht gemeengoed in de meeste ontwikkelde landen, zijn de rechten van homoseksuelen in sommige landen stevig verankerd, is er al decennialang geen sprake meer van voetbinding, is de roerende slavernij al lang afgeschaft en komt de beweging voor de rechten van dieren in een stroomversnelling.

Velen zouden deze ontwikkelingen beschouwen als een vorm van morele vooruitgang, maar ons begrip van wat morele vooruitgang is en onder welke voorwaarden deze kan worden bevorderd, ondersteund of versneld, blijft zwak. Dit project ontwikkelt een theorie over morele vooruitgang, de obstakels die men daarin tegenkomt, de instellingen die nodig zijn om die te bevorderen en de meta-ethische implicaties. Het neemt een empirisch geïnformeerd en filosofisch perspectief aan en zal innovatieve oplossingen ontwikkelen voor het probleem van wat morele vooruitgang is en hoe het werkt.

Oliver Plümper

Dr. Oliver Plümper, NanoEARTH

Dit onderzoeksproject onderzoekt hoe interacties tussen mineralen en water diep in de aarde invloed hebben op grote, geologische processen. Die interacties spelen zich af op nanoschaal, maar hebben op zulke grote schaal effect dat ze onder andere bergketens hun stabiliteit geven. Wanneer een mineraal diep in de aarde in aanraking komt met water wordt er een minuscuul transportsysteem gecreëerd dat het water door enorme hoeveelheden gesteente kan brengen. Kennis over deze processen diep in de aarde komt ten goede aan het verbeteren van onder andere geothermie, grondstofwinning en opslag van kernafval en koolstof.

Lennart de Groot portret

Dr. Lennart de Groot, MIMATOM

Het verleden van het aardmagnetisch veld ligt opgeslagen in de magnetische eigenschappen van mineralen in vulkanisch gesteente. Deze informatie is belangrijk als we willen onderzoeken hoe dat magnetisch veld ons in de toekomst blijft beschermen tegen schadelijke straling van de zon. De Groot ontwikkelde van een revolutionaire manier om die magnetische eigenschappen nauwkeuriger dan ooit te kunnen bepalen: Micro-Magnetic Tomography.

Niet elk aards mineraal is even geschikt om het verleden van het aardmagneetveld uit te reconstrueren. Sommige mineralen kunnen de meetresultaten zelfs vertroebelen, waardoor op dit moment de magnetische informatie in ruim 80% van al het gesteente onbruikbaar is. De nieuwe methode meet in één monster van elk mineraal afzonderlijk de magnetische eigenschappen. Alleen de meest betrouwbare mineralen worden dan gebruikt om het gedrag van het aardmagneetveld te bepalen, de aanwezige mineralen met slechte magnetische eigenschappen worden genegeerd. Deze methode geeft niet alleen veel betrouwbaardere resultaten, maar zorgt er ook voor dat de magnetische informatie in voorheen ongeschikt materiaal nu wel toegankelijk wordt.

Dr. Karin Strijbis, Bac2MUC

Darmbacteriën zijn belangrijk voor de gezondheid maar kunnen ook darmontstekingen zoals de ziekte van Crohn of voedselvergiftiging veroorzaken. Hoe verschillende bacteriën invloed uitoefenen op het lichaam is voor een groot deel onbekend. Wel is bekend dat de darmbacteriën contact maken met het lichaam in de slijmlaag van de darm. In deze slijmlaag zitten specifieke eiwitten (transmembraan mucines) die  bacteriën kunnen waarnemen en signalen doorgeven naar het lichaam. Met de ERC starting grant gaat Karin Strijbis met een team van vier mensen onderzoeken hoe die specifieke eiwitten bijdragen aan darmontsteking en darmgezondheid van mens en dier. Dit onderzoek kan leiden tot nieuwe therapieën tegen darminfecties en innovatieve toepassingen om darmgezondheid te bevorderen. 

Prof. dr. Anna Gerbrandy, MOBI

MOBI gaat over de macht van grote technologiebedrijven. Deze grote technologie-ondernemingen – zoals Google, en Facebook, en Amazon - hebben invloed vanwege hun marktmacht maar ook vanwege hun digitale macht. Ze verzamelen immers grote hoeveelheden data, en vervullen een belangrijke functie in samenleving en economie. Deze combinatie is een nieuw soort macht: ‘Modern Bigness’, die de markt én onze democratie raakt. Gerbrandy onderzoekt of het mededingingsrecht bij ‘Modern Bigness’ beide soorten negatieve gevolgen zou moeten aanpakken.

portret Aniek Janssen

Dr. Aniek Janssen, CHROMREP

Janssen onderzoekt hoe cellen zich beschermen tegen DNA-schade. DNA-schade kan ontstaan door biologische processen in ons lichaam, zoals de stofwisseling, en door invloeden van buitenaf, zoals UV-straling van de zon. Het DNA is verpakt in de celkern. Sommige stukken DNA zijn daar meer compact verpakt dan andere stukken DNA. CHROMREP richt zich op de vraag of de mate van ‘DNA-dichtheid’ een effect heeft op de reparatie van DNA-schade. Of er bijvoorbeeld andere processen nodig zijn om ‘compact DNA’ te repareren dan ‘open DNA’. Jansen bestudeert dit met behulp van fruitvliegen, waarbij in elke cel één breuk kan worden aangebracht óf in compact DNA óf in open DNA.  Zo wordt met levend weefsel gekeken hoe DNA wordt gerepareerd en of er verschillen zijn tussen verschillende stukken DNA. Op de lange termijn zal het onderzoek bijdragen aan een beter begrip hoe DNA-schade tot kanker kan leiden. Om daarmee in de toekomst mogelijk betere behandelingen tegen kanker ontwikkelen.

portret Pieter Vader

Pieter Vader, OBSERVE 

Vader werkt in het Laboratory of Clinical Chemistry and Haematology & Department of Experimental Cardiology aan wat hij “lichaamseigen RNA-koeriers” noemt. RNA is onderdeel van onze genetische code en kan als medicijn ingezet worden voor allerlei toepassingen en ziektebeelden. Zo kan RNA-medicatie cellen in ons lichaam activeren om beschadigd weefsel te herstellen. En datzelfde RNA kan ook ingezet worden om ons immuunsysteem te activeren om kankercellen in een tumor aan te vallen. De grote vraag is hoe je dit RNA veilig en doeltreffend op de juiste plek krijgt.
RNA loopt het risico afgebroken te worden in ons lichaam en niet spontaan de zieke cel te kunnen binnendringen. Ze moeten dus beschermd getransporteerd en afgeleverd worden. Synthetische nanodeeltjes lijken daarvoor een goede optie, maar die hebben als nadeel dat ze door het lichaam als vreemd worden gezien. OBSERVE onderzoekt of we de natuurlijke membraanblaasjes kunnen gebruiken voor de afgifte van RNA-medicatie. Eerste toepassing: het hart.

portret Ynte Ruigrok

Ynte Ruigrok, PRYSM

Ruigrok zoekt naar slimme manieren om risicofactoren te vinden voor een aneurysma in het hoofd. Drie procent van de bevolking heeft zo’n plaatselijke verwijding of uitstulping van een bloedvat. Als een aneurysma in een hersenbloedvat knapt, leidt dat tot een beroerte met ernstige gevolgen. Ongeveer een derde van de patiënten overlijdt en van de overlevers heeft een groot deel zo’n grote hersenbeschadiging dat ze niet meer de oude worden.

Tot nu toe zijn de mogelijkheden om een aneurysma tijdig op te sporen beperkt en gebeurt dit alleen bij een kleine groep mensen waarbij het in de familie voorkomt. PRYSM zet machine learning in om te kijken of de zogeheten cirkel van Willis aanwijzingen bevat. De cirkel van Willis is de vaatkring van slagaders die de hersenen van bloed voorzien. Met machine learning wordt onderzocht of er op de MRI verschillen in de cirkel te zien zijn tussen mensen waarbij een aneurysma wel en niet is gevonden. De resultaten van dit onderzoek wil Ruigrok combineren met genetische gegevens en zo van iedereen een ‘genetische MRI-scan’ maken. Om uiteindelijk te komen tot een voorspelmodel waarmee hoog-risicopatiënten tijdig herkend kunnen worden.