Matchfixing in de breedtesport komt vaker voor dan we denken

tennisspeler op gravelbaan met schaduwen

Bizarre uitslagen aan het einde van de competitie? Gelijkspelen omdat je dan allebei promoveert? Sport-gerelateerde matchfixing komt vaker voor dan we denken. Vaker ook dan de gok-gerelateerde matchfixing die we vooral in de topsport zien en waarover het meestal in de media gaat. In beide gevallen betreft het een oneigenlijke beïnvloeding van de sport. Hoe onschuldig het ogenschijnlijk ook kan lijken als beide partijen in een wedstrijd het op een akkoordje gooien, ook sport-gerelateerde matchfixing is in strijd met de Fair Play gedachte en brengt de geloofwaardigheid van de sport in gevaar.

Maar hoe vaak komt het eigenlijk voor, en hoe gaat het in zijn werk? ‘Want we denken bij matchfixing vaak aan gok-gerelateerde matchfixing en een ‘ver-van-mijn-bed-show’ maar dit is veel dichterbij en raakt ook aan de principes van wat nog sportief is,’ zegt hoogleraar Maarten van Bottenburg van de Universiteit Utrecht.

Onderzoeksrapport ‘Wedstrijdvervalsing in de breedtesport’

In het rapport ‘Wedstrijdvervalsing in de breedtesport’ doen wetenschappers van de universiteiten van Utrecht en Gent verslag van een enquête onder hockeyers en tennissers van het laagste tot het hoogste beoefeningsniveau. Deze enquête is in 2020 gehouden en onderdeel van een groot internationaal onderzoek naar matchfixing dat tegelijkertijd uitgevoerd is in zeven Europese landen (België, Frankijk, Kroatië, Nederland, Oostenrijk, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland) met voldoende respondenten om uitspraken te doen over zes takken van sport: voetbal, basketbal, handbal, tennis, hockey en cricket. Na de rapportages over de resultaten in de afzonderlijke landen zal een aanvullend rapport verschijnen met een internationale vergelijking die de gegevens voor Nederland in een breder perspectief kan plaatsen.

De centrale vraag die het rapport beantwoordt, is in hoeverre matchfixing voorkomt, wat de motieven en kenmerken van matchfixing zijn en hoe hierop wordt gereageerd. De onderzoekers bevroegen de respondenten onder meer op waar die vormen van matchfixing voorkomen, welke tegenprestaties worden aangeboden, of er sprake is van druk of bedreiging, in hoeverre op voorstellen tot matchfixing wordt ingegaan en hoe hierop wordt gereageerd door sportverenigingen.

Van de bijna duizend respondenten in tennis en hockey blijkt 12 procent iemand te kennen die weleens is gevraagd om een wedstrijd te beïnvloeden. 7 procent is zelf weleens benaderd, aldus het onderzoeksrapport. Van die 7 procent gaf een kwart gevolg aan de vraag om de wedstrijd te beïnvloeden. Geld of bedreiging speelden daarbij geen rol.

In een eerder onderzoek van Toine Spapens en Marjan Olfers uit 2013 kwam naar voren dat 8 procent iemand kende die weleens is gevraagd om een wedstrijd te beïnvloeden. Daaruit kan niet worden geconcludeerd dat matchfixing nu veel meer voorkomt dan toen. Aannemelijker is dat dit verschil wordt verklaard door de verschillende doelgroepen waaronder het onderzoek is verricht.

Uit het nieuwe onderzoek komen geen grote verschillen naar voren tussen tennis en hockey. Er is dan ook geen aanwijzing dat het verschil tussen een individuele sport en een teamsporten een bepalende factor is voor sport-gerelateerde matchfixing.

Bizarre uitslagen

‘Als je de resultaten ziet van de laatst competitierondes in vrijwel alle sporten, zitten daar bizarre uitslagen tussen,’ zegt Maarten van Bottenburg. ‘Dat betekent in ieder geval dat mensen het laten lopen, om wat voor reden dan ook. Misschien willen ze op vakantie, misschien zijn ze al op vakantie en is er een b-team ingezet, maar misschien spelen er ook andere zaken een rol. Dat haalt vaak de pers niet, omdat competities in de breedtesport soms minder belangrijk zijn, maar ik denk dat er een bredere discussie over gevoerd moet worden. Want we denken bij matchfixing vaak aan gok-gerelateerde matchfixing en een ‘ver-van-mijn-bed-show’ maar dit is veel dichterbij en raakt toch aan de principes van wat nog sportief is’.

‘De meeste aandacht gaat uit naar gok-gerelateerde matchfixing, terwijl sport-gerelateerde matchfixing vaker voorkomt. Het wordt alleen niet als zodanig herkend. Als je je allebei kunt kwalificeren door gelijkspel, dan kun je de bal een beetje rondspelen. Dat kan spontaan ontstaan en niet echt afgesproken zijn. Maar het voldoet niet aan Fair Play, het idee dat je probeert te winnen. En er is een kantelpunt waarop het onacceptabel wordt: als je bijvoorbeeld wel vooraf afspraken maakt, wordt het problematisch.’

Conclusies en aanbeveling

De resultaten van het onderzoek laten zien dat sportgerelateerde matchfixing op de meeste beoefeningsniveaus voorkomt, maar niet op grote schaal. Ook heeft het geen relatie met criminaliteit die de gok-gerelateerde matchfixing extra problematisch maakt. Het belangrijkste motief is om een andere speler of club te helpen door opzettelijk ondermaats te presteren; niet om hiermee geld te verdienen door het gokken op de betreffende wedstrijd.

Toch zijn leden van sportclubs in de breedtesport er ontvankelijk voor. Het gaat bij deze vorm van matchfixing vaak ‘maar’ om een kratje bier of een geste richting een bevriende speler of club. Ook kan een wederzijds sportief eigenbelang in competitieverband aan de basis liggen van een ‘deal’ over de uitkomst van een wedstrijd. Uit recent onderzoek blijkt dat dat een grijs gebied creëert waarin betrokkenen verschillend kunnen denken over de vraag of er sprake is van matchfixing.

De problematiek van sport-gerelateerde wedstrijdvervalsing vraagt volgens de onderzoekers om beleid dat in vergelijking met gok-gerelateerde matchfixing een sterker accent legt op voorlichting en bewustwording dan op controle en bestraffing. Het is binnen elke sport van belang te bespreken in welke mate en vormen sportgerelateerde matchfixing voorkomt, wat daarvan de achterliggende motieven zijn en waar geoorloofde tactiek omslaat in ongeoorloofde manipulatie.

Onderzoekers

De enquête in Nederland is uitgevoerd door Ineke Deelen, Stef van der Hoeven en Maarten van Bottenburg.

Contact

Heeft u vragen? Neem dan contact op Maarten van Bottenburg: m.vanbottenburg@uu.nl.