Kinderen als gids in het gesprek over eenzaamheid
Hoe doorbreek je eenzaamheid in de klas? En op welke manier praten kinderen hier zelf graag over? Onderzoekers van de Universiteit Utrecht zochten in samenwerking met Stichting Koninklijke Nederlandse Kinderpostzegels naar antwoorden. Marlies Maes is enthousiast over de gesprekken met kinderen uit groep 6, 7 en 8: “Kinderen kunnen heel goed uitleggen wat ze belangrijk vinden als eenzaamheid in de klas wordt besproken.”
In de klas bespreken
De onderzoekers spraken met kinderen en leerkrachten. Op basis van de interviews doen de onderzoekers een aantal aanbevelingen: “Het thema moet in algemene termen besproken worden, dus zonder een specifieke leerling of een specifieke situatie te benoemen of aan te wijzen. Creatieve werkvormen kunnen helpen om het onderwerp luchtig te houden. En sommige leerlingen geven aan dat het fijn kan zijn om eenzaamheid eerst in kleinere groepjes te bespreken en daarna klassikaal. De uitkomsten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het rapport Doorbreek samen eenzaamheid in de klas.
Individuele gesprekken met leerlingen
Wat kinderen in een gesprek niet willen, is stigmatiseren. Zeg dus niet tegen een kind: ‘Jij bent eenzaam.’ Ook noemen de kinderen dat ze geen adviezen willen die ze al geprobeerd hebben, dat iemand de schuld krijgt, of dat de leraar pusht om het gevoel van eenzaamheid in de groep te delen.
Een van de adviezen die Maes is bijgebleven, is dat je tegen kinderen beter niet kunt zeggen ‘ik zal erop letten’. “Het ‘erop letten’ is op zich niet slecht, maar door het op deze manier te zeggen, voelt het voor kinderen alsof je er op een snelle manier vanaf probeert te komen, en alsof de kinderen niet serieus worden genomen.” Een leerzaam inzicht voor Maes: “Ik zou zelf misschien ook zoiets kunnen zeggen.” Maar wat moet je dan zeggen als doent? Maes legt uit dat er niet een simpele, alternatieve zin is. “Het gaat vooral om kinderen zien en horen. Bespreek bijvoorbeeld met kinderen wat ze nodig hebben en wat jij daarin kan betekenen, en vraag of ze het goed vinden als je er over een tijdje nog eens op terugkomt.”
Eenzaamheid herkennen

En hoe herken je eenzaamheid dan in de klas? Volgens de leerlingen kan een eenzaam kind verdrietig kijken en in een hoekje ergens gaan zitten, maar het kan ook zijn dat kinderen zich anders gaan gedragen. Zo noemde een leerling uit groep 6: “Sommige kinderen gaan echt helemaal aandacht trekken. Bijvoorbeeld de hele tijd langs je heen lopen, met stenen gooien zodat er echt naar hen gekeken wordt. Ik denk dat ze dit doen, omdat ze eenzaam zijn, eigenlijk op zoek zijn naar contact.” Maar daarnaast zijn leerkrachten en leerlingen het erover eens dat eenzaamheid vaak onzichtbaar blijft.
En juist daarom is het belangrijk om dit onderwerp bespreekbaar te maken. Niet alleen voor nu, maar ook voor de toekomst, noemt Marlies Maes: “Als kinderen nu leren dat je over eenzaamheid kunt praten, dan is het makkelijker om er later ook over te praten. Als het over eenzaamheid gaat, heb je het over hoe je met elkaar omgaat, hoe je zorg kunt dragen voor elkaar, en over hoe verschillende kinderen verschillende zwaarte van ‘ballast’ met zich meedragen.”
Transdisciplinaire samenwerking
Maes is zowel over de inhoud van het onderzoek, als over de transdisciplinaire samenwerking enthousiast: “Iedereen in het team had echt een eigen unieke rol en als één daarvan zou missen, zou het onderzoek lang niet zo geslaagd zijn geweest. Zo kon ik samenwerken met mijn collega, Jaco Smit, die ongelooflijk veel van kwalitatief onderzoek weet. Daarnaast bracht de samenwerking met Kinderpostzegels, Stichting Join Us en Stichting De Kindertelefoon veel praktische inzichten. En dan waren er nog fantastische student-assistenten, Michelle Jonker, Mark van der Groef, en Santusha Filipa, die ons hielpen met de gesprekken, het aanscherpen van de interviewleidraad en het analyseren van de data.”
Met de kennis uit dit onderzoek zijn er materialen ontwikkeld waarmee kinderen en leerkrachten uit de bovenbouw eenzaamheid kunnen bespreken. “Door middel van groepsspellen en een gespreksleidraad, leren de klassen erover, herkennen ze signalen en krijgen ze handvatten om het onderwerp veilig en open te bespreken. Op dit moment loopt er in een aantal scholen een pilot geleid door Young Academy of Life om de materialen uit te testen. Dit najaar wordt het hopelijk in de praktijk gebracht.”