9 mei 2017

Jan Luiten van Zanden reageert op ongelijkheidstheorie van Walter Scheidel

Triomf van de dood (circa 1562) - Pieter Bruegel de Oude. Bron: Wikimedia Commons
Triomf van de dood (circa 1562) - Pieter Bruegel de Oude. Bron: Wikimedia Commons

De Amerikaanse historicus Walter Scheidel poneert in zijn eerder dit jaar verschenen boek The Great Leveler: Violence and the History of Inequality from the Stone Age to the Twenty-First Century de these dat een radicale afname van ongelijkheid alleen mogelijk is na massaal geweld. Dat concludeert hij uit cijfers over vijf millennia. Prof. dr. Jan Luiten van Zanden (Economische en sociale geschiedenis) geeft zijn visie op Scheidels these in het NRC (5 mei).

Prof. dr. Jan Luiten van Zanden
Prof. dr. Jan Luiten van Zanden

Luiten van Zanden was onder de indruk van het onderzoek en de these van Scheidel: "Hij zet die overtuigend neer, met een indrukwekkende hoeveelheid literatuur." Toch plaatst de historicus ook enkele kanttekeningen: "Scheidel gaat niet goed in op het feit dat we er in delen van de wereld, bijvoorbeeld een groot deel van Europa, in zijn geslaagd om vrij lang na de Tweede Wereldoorlog tamelijk egalitaire verhoudingen in stand te houden." Ook meent hij dat Scheidel democratisering te veel reduceert tot een oorlogseffect, en daarmee de diepe wortels van democratie miskent en te weinig aandacht besteedt aan de ideologische dimensie.

Ongelijkheid op de agenda

Toch noemt Luiten van Zanden het bewijsmateriaal van Scheidel "verpletterend". Maar cynisch hoeven we om de uitslag van Scheidels onderzoek niet te worden, zegt hij: "Een aantal West-Europese landen laat zien dat je op basis van goed burgerschap wel degelijk een relatief stabiele samenleving kunt hebben met een lage ongelijkheid. En daar moet je zorgvuldig mee omgaan. Scheidel dwingt je hier veel beter over na te denken." Hij vindt het dan ook vooral positief dat het thema van ongelijkheid weer op de agenda staat.