3 maart 2017

Jaap Verheul in Historisch Nieuwsblad over katholicofobie in de Verenigde Staten

Rellen in Philadelphia op 7 juli 1844 / Villanova University’s Digital Library: Pennsylvaniana Collection
Rellen in Philadelphia, V.S. op 7 juli 1844 (creative commons)

Rond 1850 kwamen er veel arme, katholieke migranten naar Amerika. Velen vreesden dat de nieuwkomers de Amerikaanse waarden en identiteit bedreigden, vertelt dr. Jaap Verheul (Cultuurgeschiedenis) in Historisch Nieuwsblad.

Dr. Jaap Verheul
Dr. Jaap Verheul

"Voor veel gevestigde Amerikanen was deze stroom van nieuwkomers minstens zo angstaanjagend als de immigratiegolf uit Syrië voor veel Europeanen nu", zegt Verheul. Dat gevoel werd versterkt doordat de republiek sterk in beweging was door een opleving van het protestantse geloof, hervormingsbewegingen die zich stortten op onderwijs, drankmisbruik, misdaad en sociale misstanden en het slavernijvraagstuk.

Door de politieke versplintering ontstond er ruimte voor nieuwe anti-katholicismebewegingen. Deze anti-katholieke partijen verlieten echter ook alweer snel de politieke arena toen de politieke aandacht zich rond 1856 volledig op de slavernijkwestie ging concentreren. Verheul schetst de context waarbinnen deze partijen floreerden.