13 maart 2018

Eleni Braat over de reacties op de sleepwet

Hoe voeren we een constructief debat over de sleepwet?

© iStockphoto.com
© iStockphoto.com

De Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv), ook wel bekend als de Sleepwet, roept nogal wat reacties op. Een centraal onderdeel van dit debat is de manier waarop zowel burgers als politiek reageren op geheimhouding, constateert dr. Eleni Braat (Geschiedenis van de internationale betrekkingen), want geheimhouding en democratie staan met elkaar op gespannen voet. Hoe komen we nu tot een echt constructief debat over de gevolgen van de Wiv? Daar schreef Braat over in iBestuur en Justitiële verkenningen.

Burger ziet geheime dienst als James Bond

Het huidige debat over de sleepwet wordt vertroebeld door exotische associaties en mythen over geheime diensten, stelt Braat. Er hangt een James Bond-aura rond de geheime diensten: schimmige organisaties die opereren in een schaduwwereld, met avontuurlijke en gewapende medewerkers. De geheimhouding waar geheime diensten zich op moeten beroepen, leidt tot nog meer argwaan en wantrouwen. Door dit beeld van de geheime diensten vergeten critici de wet te beoordelen op de daadwerkelijke inhoud ervan, terwijl dat juist zo belangrijk is voor een constructief debat, zegt Braat.

De kiezer kan zich beter concentreren op de wat droge, minder sensationele, maar democratisch belangrijke hamvraag van het referendum: vindt u dat de bestaande en toegenomen bevoegdheden in voldoende mate aan toezicht worden onderworpen?
Eleni Braat
Dr. Eleni Braat
Dr. Eleni Braat

Parlement en geheime dienst

In Justitiële verkenningen analyseerde Braat parlementaire reacties op de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) tussen 1975-1996. Op basis van de vier typen reacties die ze onderscheidt (verwerping, kritiek, verwaarlozing en loyaliteit), laat ze zien onder welke omstandigheden een constructief parlementair debat kan ontstaan over inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Ze concludeert dat het huwelijk tussen de diensten en de parlementariërs harmonieus is als de diensten op eigen initiatief, en niet alleen op expliciet verzoek, responsief zijn ten opzichte van parlementaire zorgen en vragen. Een tweede vereiste is dat parlementariërs zowel kritisch als loyaal op de diensten reageren in plaats van te kiezen voor slechts een van de vier soorten reacties.