28 april 2017

Hoe leuk vinden we schoolvakken? En elkaar? Onze hersengolven geven het antwoord

Een team neurowetenschappers heeft scholieren in een klaslokaal, met behulp van EEG-headsets, onderzocht. Wat blijkt? Aan de synchronisatie van de hersengolven van deze leerlingen is te zien hoe leuk ze het schoolvak vinden en elkaar.  Dr. Suzanne Dikker, verbonden aan het Utrecht Institute of Linguistics en New York University, maakt deel uit van het team. “Hoe meer onze hersengolven synchroniseren met anderen lijkt een goede voorspeller te zijn van hoe goed we het met elkaar kunnen vinden en hoe betrokken we zijn”, aldus Dikker, eerste auteur van het artikel in Current Biology waarin de resultaten bekend zijn gemaakt.

Draagbare EEG-headsets

De wetenschappers maakten gebruik van een nieuwe methode om hersenactiviteit te meten. Hersenonderzoek wordt met name in het laboratorium uitgevoerd, meestal onder individuen of maximaal twee personen tegelijk. Dit team voerde groepsmetingen uit, in een natuurlijke omgeving; namelijk een middelbare schoolklas. Zij maten in elf sessies de hersenactiviteit van een groep van 12 scholieren en hun docent, verspreid over één semester. De metingen werden uitgevoerd tijdens de biologieles, gebruik makend van draagbare EEG-headsets.

De onderzoekers vergeleken de EEG-metingen van leerlingen met elkaar en keken vervolgens naar de factoren die wellicht een rol konden spelen om gesynchroniseerde hersenactiviteit te verklaren. Naast de EEG-meting kregen de leerlingen vragenlijsten waarin onder meer gevraagd werd wat ze van verschillende onderwijsstijlen vonden en hoe geconcentreerd ze waren van dag tot dag.

Classroom EEG Study, New York City High School (courtesy of Micah Schaffer)

Op dezelfde golflengte

De resultaten lieten een positieve correlatie zien tussen de beoordelingen van het schoolvak en de docent en de hersensynchroniteit met klasgenoten. Met andere woorden: het schoolvak en de onderwijsstijl van de docent werden positiever beoordeeld als leerlingen meer op dezelfde golflengte zaten.

Daarnaast werd onderzocht of hogere hersensynchroniteit iets zei over de waardering van de scholieren voor elkaar. Leerlingen moesten aangeven in hoeverre ze een persoonlijke band voelden met hun klasgenoten. Het bleek dat leerlingen die een betere onderlinge band hadden meer synchrone hersenactiviteit vertoonden, maar alleen als ze voor de aanvang van de klas persoonlijk contact hadden gehad. Tevens bleek dat een hogere waardering voor groepsactiviteiten leidde tot meer synchroniteit met klasgenoten.

Het onderzoek werd gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de Amerikaanse National Science Foundation.

Luister hier naar een interview met Suzanne Dikker op BNR Nieuwsradio (28 april 2017). 

Dr. Suzanne Dikker. Foto Thaddeus Rombauer
Dr. Suzanne Dikker. Foto Thaddeus Rombauer

Over Suzanne Dikker

Dr. Suzanne Dikker combineert als linguïst cognitieve neurowetenschap, educatie en performancekunst om de neurologische basis van menselijke sociale interactie te onderzoeken. Voor haar onderzoeksproject (NWO VENI beurs) meet Dikker hersengolven met draagbare EEG-headsets om erachter te komen welke hersenmechanismen cruciaal zijn voor succesvolle communicatie.  Dikker is als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Utrecht en New York University. Daarnaast is ze curator van the Annual Art & Science: Insights Into Consciousness Workshop en ontwikkelt ze samen met Matthias Oostrik interactieve kunst/herseninstallaties.