Grote subsidie voor onderzoek naar wapenbezit, en kunstmatige intelligentie in gezin

Cultureel antropoloog Tessa Diphoorn en sociaal neurowetenschapper Ruud Hortensius hebben allebei een ERC Starting Grant verworven, een subsidie van 1,5 miljoen euro die door de Europese Unie verstrekt wordt. Met deze subsidie gaat Diphoorn analyseren hoe gemeenschappen rondom vuurwapens ontstaan en betekenis krijgen. Hortensius gaat met de toekenning de impact van kunstmatige intelligentie op de sociale dynamiek van gezinnen onderzoeken.

Tessa Diphoorn
Tessa Diphoorn

Het project van Diphoorn is gebaseerd op etnografisch veldwerk waarbij de onderzoekers zich zullen onderdompelen in groepen mensen waar vuurwapens centraal staan. Denk aan schuttersverenigingen en jachtclubs. Diphoorn: “Deze gemeenschappen kunnen binnen samenlevingen ontwrichtend zijn, en een enorme macht uitoefenen.” 

Rol van vuurwapens

Met haar onderzoek hoopt de Utrechtse onderzoeker vragen als ‘hoe ontstaan deze gemeenschappen, hoe verhouden deze gemeenschappen zich tot elkaar, en wat is hun maatschappelijke impact?’ te beantwoorden. Diphoorn zal zich daartoe richten op wereldwijde gemeenschappen (zoals internationale ontwapeningsorganisaties). Ook gaat ze drie PhD’s rekruteren om te kijken naar soortgelijke gemeenschappen in Brazilië, Duitsland en Zuid-Afrika. “Met mijn onderzoeksproject hoop ik onder meer te begrijpen wat de rol van vuurwapens is in uiteenlopende samenlevingen.” Met haar team gaat Diphoorn een nieuwe multisensorische methodologie ontwerpen om beter te begrijpen waarom vuurwapens zo belangrijk zijn voor bepaalde groepen mensen.

Ruud Hortensius
Ruud Hortensius

Kunstmatige intelligentie

Ruud Hortensius gaat zich met zijn project toeleggen op kunstmatige intelligentie binnen families. Hortensius: “We zien dat families steeds meer gebruikmaken van kunstmatige intelligentie, zoals virtuele assistenten Alexa en Google Home en ook fysieke robots. Maar we weten nog niet welke impact deze interacties hebben op de familiedynamiek”. Om dit te onderzoeken wil hij samen met een team van PhD’s en postdocs onder meer een nieuw mobiel laboratorium ontwikkelen. “Met dit laboratorium kunnen we bij mensen thuis onderzoeken hoe de belangrijkste mechanismen van sociale dynamiek, bijvoorbeeld vertrouwen, binnen families worden beïnvloed door langdurige interacties met virtuele assistenten. We meten dan zowel het gedrag als de hersenactiviteit van alle familieleden.”

Chronische ziekte

Ook wil Hortensius samen met families waarin één of meerdere kinderen kampen met een chronische ziekte onderzoeken hoe interacties met kunstmatige intelligentie ondersteuning kunnen bieden. Hortensius: “We denken dat kunstmatige intelligentie een hulpmiddel kan zijn om de sociale dynamiek binnen deze families, indien nodig, ten goede te veranderen.”

Naast Diphoorn en Hortensius krijgen nog vijf andere wetenschappers van de Universiteit Utrecht deze prestigieuze toekenning.