20 december 2016

Eerste integrale welvaartsindicator van Nederland gelanceerd

Economische groei vertaalt zich niet in welvaart Nederlandse huishoudens

© iStockphoto.com/olaser

De welvaart van Nederlandse huishoudens is amper gestegen ondanks de economische groei de afgelopen jaren. Dit blijkt uit de vandaag gepresenteerde Brede Welvaartsindicator van de Rabobank en de Universiteit Utrecht. Deze indicator is een integrale graadmeter die inzicht geeft over de ontwikkeling van brede welvaart in Nederland.

Anders dan het BBP, meet en weegt deze indicator niet alleen de economische situatie van Nederlanders, maar ook andere factoren die het welzijn bepalen, zoals werkgelegenheid, baanzekerheid, onderwijs, gezondheid, milieu, huisvesting, veiligheid, politieke participatie en geluk. De welvaartsindicator blijkt zich, vooral tijdens en na de financiële crisis van 2008, heel anders te ontwikkelen dan het BBP per hoofd van de bevolking. Zo is vorig jaar slechts een beperkt herstel van de bredere welvaart ingezet.

Het eerste exemplaar van deze Brede Welvaartsindicator wordt vandaag aangeboden aan André Knottnerus, voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR): “Deze indicator bevat een belangrijke boodschap voor de komende regeerperiode: kijk niet alleen naar economische groei maar ontwikkel een breder beleidsperspectief op welvaart”.

Infographic welvaartsindicator

Nieuw instrument

Tot nu toe wordt vaak het concept bruto binnenlands product (BBP) gebruikt om de welvaart van mensen te meten. Het BBP geeft  echter een eenzijdig beeld, omdat welvaart zich niet alleen laat uitdrukken in de financiële situatie van Nederlanders. Vaak groeit volgens het BBP de economie in ons land, maar zien we die groei nog niet terug in de welvaart van huishoudens. De Brede Welvaartsindicator is een nieuw instrument dat integraal inzicht geeft in de ontwikkeling van brede welvaart in Nederland.

Grafiek brede welvaartsindicator

Brede Welvaartsindicator versus Bruto Binnenlands Product

In de periode tot aan de grote financiële crisis van 2008, ontwikkelden het BBP per hoofd van de bevolking en de BW zich ongeveer gelijk. Daarna treden er duidelijke verschillen op.

In 2009 daalde het BBP sterk, terwijl de BW nagenoeg gelijk bleef. In die periode hielden veel bedrijven nog vast aan hun werknemers en bleven de lonen stijgen, waardoor de dimensies materiële welvaart en banen maar licht daalden. Tegelijkertijd bleven andere dimensies, zoals gezondheid en veiligheid, in de jaren na 2009 gewoon door stijgen. Pas in 2013 daalde ook de BW. In dat jaar steeg de werkloosheid hard. Tegelijkertijd daalde in dat jaar de dimensie subjectief welzijn, vooral doordat de tevredenheid met het leven afnam.

Sommige dimensies in de BW indicator zijn verbeterd…

Drie dimensies hebben zich opvallend positief ontwikkeld over de afgelopen twaalf jaar: milieu, gezondheid en veiligheid. Zo is de emissie van onder meer fijnstof (pm10), die erg schadelijk is voor de gezondheid (RIVM, 2002), sterk teruggelopen. Daarnaast is de biodiversiteit, gemeten door het Wereld Natuur Fonds en het Compendium voor de Leefomgeving, toegenomen. Ook nam vrijwel elk jaar de levensverwachting toe, waardoor de dimensie gezondheid sterk is gestegen. Bovendien daalden het aantal moorden en het aantal gewelddadige misdrijven, waardoor de dimensie veiligheid verbeterde.

…andere dimensies juist gedaald

Op twee dimensies zijn de scores de afgelopen twaalf jaar sterk gedaald: wonen en banen. De dimensie wonen is gedaald omdat mensen aangeven minder tevreden te zijn met hun woning. Vooral in de jaren na de crisis, werden mensen minder tevreden over hun woonsituatie. Het meest negatief heeft echter de dimensie banen bijgedragen aan de BW indicator. Tussen 2003 en 2015 liep de werkloosheid op van 4,8 procent tot 6,9 procent. Een ander reden voor de sterke daling van deze dimensie is de toegenomen flexibilisering van de arbeidsmarkt. Die beïnvloedt het welzijn van mensen negatief, omdat dit leidt tot meer onzekerheid. 

Besteedbaar inkomen nauwelijks toegenomen

Verder is het zorgwekkend dat het besteedbaar inkomen van huishoudens in de afgelopen twaalf jaar nauwelijks is toegenomen. De economische groei komt dus maar mondjesmaat bij huishoudens terecht. Ook zijn mensen ondanks de economische groei wat minder tevreden over hun leven dan twaalf jaar geleden.

Conclusie

De BW-indicator is vooral na 2012 hard gedaald en in 2015 is slechts beperkt herstel ingezet. De ontwikkeling van de onderliggende dimensies verschilt sterk in de afgelopen twaalf jaar. De dimensies wonen en banen zijn sterk gedaald. Tegelijkertijd laten dimensies als veiligheid en gezondheid juist een significante stijging zien over de afgelopen twaalf jaar.
De BW-indicator laat zien dat niet alleen economische groei bepalend is voor de welvaart van Nederlanders. Het is daarom van belang dat beleidsmakers een duidelijke visie ontwikkelen om de bredere welvaart te verhogen en zich daarbij niet blindstaren op een indicator die slechts een klein deel daarvan vangt.

Meer informatie en contact

De cumulatieve ontwikkelingen van de Brede Welvaartsindicator meet en weegt 11 dimensies in de periode 2003-2015 die het (economische) welzijn van Nederlanders indexeert. Deze dimensies zijn: veiligheid, milieu, gezondheid, subjectief welzijn, balans tussen werk en privé, wonen, onderwijs, materiële welvaart, civiel, gemeenschap, banen. Zie het persbericht voor een infographic over o.a. de resultaten, achtergrond en methodiek achter de welvaartsindicator.

Instituties voor Open Samenlevingen

De Brede Welvaartsindicator is een initiatief van onderzoeksthema Instituties voor Open Samenlevingen (IOS) van de Universiteit Utrecht in samenwerking met RaboResearch Nederland. Vanuit de Universiteit Utrecht zijn bij het onderzoek betrokken dr. Auke Rijpma, prof. dr. Jan Luiten van Zanden, prof. dr. Bas van Bavel en promovendus Michail Moatsos.

Economische groei vertaalt zich niet naar welvaart huishoudens