Dode bruinvis bij Elburg had gebroken wervels

Fotograaf: Linde van Schalkwijk (Universiteit Utrecht)

De bruinvis die gisteren dood werd aangetroffen op een boothelling in Elburg was een volwassen vrouwtje van ruim anderhalve meter lang en is vermoedelijk overleden na een harde botsing. Dat blijkt uit de sectie die is uitgevoerd door onderzoekers van de faculteit Diergeneeskunde (Universiteit Utrecht).

De eerste en meest opvallende bevindingen waren enkele gebroken wervels, wat wijst op een harde botsing met bijvoorbeeld een boot of ander object. De bruinvis had daarnaast veel parasieten, onder andere in de maag, longen en oren. Dat wijst op een verminderde gezondheid. De onderzoekers konden daarnaast zien dat de bruinvis zeer recent een kalf heeft gehad. Er waren geen duidelijke aanwijzingen dat de bruinvis levend was gestrand.

Mysterie

Onderzoeker Lonneke IJsseldijk: “Gezien de eerste bevindingen van het pathologisch onderzoek achten we het niet waarschijnlijk dat de bruinvis levend op de boothelling gezwommen is. Hoe de bruinvis daar wel terecht gekomen is, is vooralsnog een mysterie. Als er mensen zijn die meer weten, kunnen ze dat bij de gemeente van Elburg melden.”

Jong kalf

De piek in het geboorteseizoen van bruinvissen in de zuidelijke Noordzee ligt tussen midden mei en midden juni. Pasgeboren bruinvissen zijn ten minste enkele maanden moeder afhankelijk en zogen melk. Het is dan ook onwaarschijnlijk dat het kalf nu nog leeft. Een kalf is niet gezien op de locatie waar de bruinvis gevonden werd.

Aanvullend onderzoek

Op de faculteit Diergeneeskunde wordt aanvullend microbiologisch onderzoek en weefselonderzoek ingezet om eventuele ziekten op te sporen en bovenstaande conclusies te bevestigen. Daarnaast waren enkele prooiresten aanwezig in de maag en volgt dieetonderzoek bij Wageningen Marine Research in Den Helder. “De resultaten uit dit onderzoek kunnen wellicht meer vertellen over de laatste maaltijd, of dat bestond uit zoet of zoutwater prooi”, aldus IJsseldijk.

Update 9 juni 2021

Bij Wageningen Marine Research is aanvullend onderzoek gedaan naar de maaginhoud van de bruinvis. Uit dit onderzoek blijkt dat de laatst gegeten prooien van de bruinvis allemaal uit zee afkomstig waren, er is geen spoor van zoetwaterprooien. Mardik Leopold (Wageningen Marine Research): "De meeste voedselresten waren zwaar versleten en zijn dus enkele dagen voor de dood van de bruinvis gegeten, behalve de overblijfselen van inktvis, die waren verrassend vers. Alles wijst er dus op dat (pijl)inktvissen de laatst gegeten prooien waren en dat de bruinvis tot kort voor haar dood gegeten heeft, in zee."