De Peerobservatieprogramma-ervaring van Karin Fikkers: observerend leren van en met mededocenten

Afgelopen jaar was Karin Fikkers, universitair docent bij het Departement Talen, Literatuur & Communicatie, genomineerd voor de prijs Docent van het jaar 2026. Maar wie is zij als docent? Ze nam deel aan het Peerobservatieprogramma (POP) voor docenten om daar met andere collega’s over na te denken. Hoe kijkt ze daarop terug? Wat is voor haar de meerwaarde geweest van kijken in de keuken bij een andere docent?

Het POP draait om het nadenken over wie je bent als docent, samen daarover sparren, elkaars colleges observeren en dat weer nabespreken om zelf van te leren. Tijdens de gezamenlijke sessies sparren de deelnemers over hun rol als docent, hun ideale docent-zijn, hun kwaliteiten, valkuilen, uitdagingen en allergieën. Ze gebruiken reflectiemodellen om een observatievraag te formuleren: wat wil je gaan zien bij een collega, en waarom?

''Het leek mij leuk om van anderen te leren''

Karin deed mee omdat het haar leuk leek om van andere collega’s te leren, zeker van meer senior collega’s. Karin: Toen het programma begon, bleek ik de meest senior te zijn van het groepje. Ik vroeg me daardoor af wat ik er dan uit zou halen, maar achteraf bleek dat alsnog veel te zijn. Je kunt zoveel leren van andere mensen over hoe zij naar dingen kijken.

De focus in dit programma ligt heel duidelijk bij de ontwikkeling van de observerende docent. Je observeert om er zelf van te leren, niet om de ander feedback te geven. Wat ik er leuk aan vond was dat het inderdaad niet gaat om naar een ander kijken en hen beoordelen, maar naar een ander kijken om zelf te leren. Wat je leert vormt weer een extra puzzelstukje in de grotere puzzel: wie ben ik als docent en wie ben ik in het onderwijs?, aldus Karin.

Het Peerobservatieprogramma opent de deur naar nieuwe manieren van betekenisgeving

Het POP zet iets in gang. Bijvoorbeeld het nadenken over je kernkwaliteiten is een heel fijne kapstok om feedback of situaties die zich aan je voordoen te begrijpen en daar iets mee te kunnen voor de toekomst. Het dwingt je op een prettige manier om na te denken over hoe jij je verhoudt tot je onderwijs, je studenten en je collega’s, zegt Karin.

Naarmate ik me meer realiseer dat mijn kernkwaliteiten een soort superkrachten zijn durf ik er ook meer op te vertrouwen.

Karin Fikkers

Elke docent heeft manieren van doen die heel natuurlijk voelen, maar voor anderen bewonderenswaardig kunnen zijn. Dat zijn je kernkwaliteiten. Tijdens het proces rondom de nominatie voor Docent van het Jaar 2026 kreeg Karin veel positieve feedback over kwaliteiten waar ze zelf niet zo bij stil staat. Karin: Ik heb heel veel teruggekregen dat wat ik van nature doe goed genoeg is, dat dat onwijs gewaardeerd wordt zonder dat je dus iets hoeft aan te zetten. Naarmate ik me meer realiseer dat mijn kernkwaliteiten een soort superkrachten zijn durf ik er ook meer op te vertrouwen. Dat inzicht was ik gewoon echt heel dankbaar voor.

Waardevol leertraject voor docenten

Door te horen van anderen hoe zij iets doen, hoe zij docent zijn, kom je erachter dat wat jou heel natuurlijk afgaat, voor anderen nastrevenswaardig blijkt. Door met anderen te praten en anderen te observeren hoor je andere handelingsopties, die je zelf niet gebruikt of niet zou bedenken. Dat is de verrijking van zo’n groepssetting die het Peerobservatieprogramma biedt. Ik denk dat je alleen maar kunt ontdekken wat je kwaliteiten zijn als je in gesprek gaat met anderen, want dat kom je erachter dat jouw ‘normaal’ verschilt van dat van een ander, zegt Karin.

Karin volgde een aangepaste versie van het programma. Je kunt individueel deelnemen, waarbij je een groep collega’s vanuit verschillende faculteiten treft, maar in deze opzet bestond de groep uit collega’s van hetzelfde docententeam. Karin: Het feit dat je groep bestaat uit directe collega’s die je goed kent, voegt nog een extra waarde toe. Het doet heel veel voor de samenhang in het team. We mogen met elkaar fouten maken en leren daar samen van. Daarmee creëren we ook een soort veilige basis binnen de groep, die we dan ook durven uit te dragen en met een soort ripple effect verder de afdeling in kunnen verspreiden.

Onderwijs als doorlopend gesprek

De lerende houding die het POP van docenten vraagt, kun je uitstralen naar collega’s, maar ook naar je studenten. Onderwijs is eigenlijk een soort ecosysteem wat je met zijn allen maakt. Als docent heb je daar ook een lerende rol in, je staat daar als mens met sterke kanten, maar ook nog dingen te leren.

Ik gun het elke docent om op deze manier met mededocenten te kunnen sparren, groeien en ontwikkelen.

Karin Fikkers

Ik zie een cursus vaak als een editie in een reeks: nu doe ik dit en de volgende keer probeer ik weer iets anders. En daar leer je elke keer weer van. Het is bijna een soort doorlopend gesprek met elk jaar weer een nieuwe groep studenten. Experimenteren hoort daarbij en dan helpt het om met mededocenten te kunnen sparren over je docent-zijn. Ik gun het elke docent om op deze manier met mededocenten te kunnen sparren, groeien en ontwikkelen. Je wordt er niet alleen een betere docent van, maar ook gewoon echt een beter mens en een leukere collega, zegt Karin.

Interesse in het Peerobservatieprogramma?

Ben je enthousiast geworden over de mogelijkheden die het Peerobservatieprogramma biedt en wil je graag zelf dit leertraject aangaan? Meer informatie is te vinden op de pagina over het programma.

Meer over het Peerobservatieprogramma