“De afwezigheid van conflicten betekent niet per se samenwerking”
Water wordt wereldwijd gedeeld. Hoe werken we samen? Oratie prof. dr. Susanne Schmeier
Teheran en Kabul komen binnenkort zonder water te zitten. Het Amazoneregenwoud, waar dit jaar de VN-klimaatconferentie wordt gehouden, verandert waarschijnlijk in een savanne. Water is de bron van al het leven. En dat is een gedeelde bron, maar landen zijn niet opgewassen tegen de uitdaging om samen te werken over water. Susanne Schmeier, hoogleraar Water Cooperation, Law and Diplomacy, houdt op 3 december haar oratie. We interviewden haar over haar werk.
In je oratie vertel je dat water wereldwijd wordt gedeeld. Wat bedoel je daarmee?
Zelfs wanneer water geen internationale grenzen oversteekt, stroomt het door gemeenschappen, provincies, sectoren en ecosystemen die allemaal van elkaar afhankelijk zijn. De Mekong-rivier stroomt vanaf het Tibetaanse plateau door zes landen naar de Mekong-delta en mondt uit in de Zuid-Chinese Zee. De rivier verbindt meer dan 70 miljoen mensen en meer dan honderd verschillende etnische groepen – en overstijgt daarmee nationale grenzen en politieke belangen. Daarom moeten landen samenwerken om het water dat ze delen te beheren. Mijn onderzoek laat zien hoe landen kunnen samenwerken op het gebied van hun gedeelde watervoorraden, zodat zowel mensen als ecosystemen er nu en in de toekomst van kunnen profiteren.
We kunnen er niet vanuit gaan dat als samenwerking tot nu toe heeft gewerkt, dit in de toekomst ook zo zal blijven.
Wat zijn voor jou de meest interessante vragen over samenwerking op het gebied van water?
Het meeste onderzoek op het gebied van wateren die zich over grenzen bewegen richtte zich tot nu toe op de vraag of het gedeelde karakter van watervoorraden tot conflicten of tot samenwerking leidt. Maar er is minder aandacht besteed aan wat samenwerking daadwerkelijk betekent en inhoudt. Ik stel dat het meer is dan alleen de afwezigheid van conflicten en ik onderzoek hoe staten samenwerken, of hun samenwerking effectief is en hoe deze samenwerking zich in de loop van de tijd ontwikkelt. Mijn onderzoek toont aan dat samenwerking op het gebied van water – zoals die zich in het merendeel van alle gedeelde wateren over de hele wereld heeft ontwikkeld – daadwerkelijk gunstig is voor mensen, ecosystemen en landen, en wat de samenwerking zo gunstig maakt.
We kunnen er echter niet vanuit gaan dat als samenwerking tot nu toe heeft gewerkt, dit in de toekomst ook zo zal blijven. Een deel van mijn onderzoek richt zich daarom ook op de vraag of de bestaande samenwerkingsmechanismen geschikt zijn voor de toekomst. Aangezien de toekomst waarschijnlijk heel anders zal zijn dan we vandaag denken, is het belangrijk om mechanismen voor te bereiden op de vele verschillende toekomsten die zich kunnen voordoen, met ingebouwde flexibiliteit en veerkracht.
We moeten durven denken in meerdere toekomsten – sommige zullen turbulent zijn, andere rustig, net als rivieren – maar in alle toekomsten zal het water blijven stromen.
Je hebt een gezamenlijke aanstelling als hoogleraar aan de Universiteit Utrecht en IHE Delft. Hoe versterkt deze samenwerking beide instituten?
Alle Duurzame Ontwikkelingsdoelen zijn onlosmakelijk verbonden met water: voedsel, energie, handel, transport, vrede, noem maar op. IHE Delft houdt zich bezig met water vanuit elk perspectief, en het Copernicus Instituut voor Duurzame Ontwikkeling aan de Universiteit Utrecht bekijkt duurzaamheid op een geïntegreerde manier. Deze twee komen perfect samen in mijn expertise. Ik wil de waterdimensie van duurzaamheid versterken: hoe beheren we water zodat we het ook voor toekomstige generaties van mensen, ecosystemen en soorten kunnen behouden? Maar ook: hoe beheren we de bredere duurzaamheidstransitie op een manier die water ten goede komt in plaats van het verder in gevaar te brengen?
Hoe zie jij de toekomst van watersamenwerking?
Naarmate de wereld verandert, moet ook ons denken veranderen. Veel grens-overstijgend waterbeheer en internationale waterrecht-wetenschap is gericht op het verleden: hoe het internationale waterrecht zich heeft ontwikkeld, hoe verdragen zijn geïnterpreteerd en hoe instellingen zijn ontworpen. Maar de toekomst gaat er niet uitzien als het verleden. Om voorbereid te zijn op de toekomst en deze actief vorm te geven, moeten we durven denken in meerdere toekomsten – sommige zullen turbulent zijn, andere rustig, net als rivieren – maar in alle toekomsten zal het water blijven stromen.