4 november 2014

Bas van Bavel reageert in diverse kranten op Piketty’s ideeën

De ongelijkheid in Westerse economieën neemt alleen maar toe, aldus de Franse econoom Thomas Piketty. Sociaal-economisch historicus prof. dr. Bas van Bavel reageerde de afgelopen dagen in verschillende media op Piketty’s ideeën. Op 31 oktober was hij samen met prof. dr. Ingrid Robeyns te gast bij het televisieprogramma Het Filosofisch Kwintet. In de dagen rondom dit media-optreden werd Van Bavel genoemd in het Reformatorisch Dagblad (30/10),het Algemeen Dagblad (31/10), Trouw (2/11 en 5/11), de Volkskrant (3/11) en de Telegraaf (05/11).

Vermogenskadaster

Het CBS gaat meer gegevens verzamelen over de vermogens in Nederland, schreef de Volkskrant op 3 november. Dat dit hard nodig is bleek onlangs uit het onderzoeksrapport Hoe ongelijk is Nederland, van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid. Van Bavel, een van de auteurs van het rapport, vertelde aan de krant dat de Tweede Kamer onterecht concludeert dat het wel meevalt met de vermogensongelijkheid in Nederland. Hij pleit daarom voor een vermogenskadaster, waardoor de groei van vermogens gemonitord kan worden.

Kritiek

In een artikel in Trouw bekritiseerde ex-staatssecretaris Willem Vermeend het laatste boek van Piketty en het WRR-rapport. Zijn boodschap: we moeten de vermogenden niet al te pessimistisch benaderen. zij investeren immers ook en zorgen zo voor werkgelegenheid. Het WRR-rapport noemde Vermeend “een puur politiek stuk”.

Een paar dagen later verschijnt de Quote 500 en laat Van Bavel aan Trouw weten daar blij mee te zijn. “Nu zie je dat alleen al de rijkste 500 individuen 83 miljard bezitten. Dan weet je dus zeker dat een heleboel bestanddelen van vermogen niet in de officiële cijfers zitten,” vertelde hij aan de krant.

Misleidend beeld

Op de dag dat Piketty te gast was in de Tweede Kamer (5 november), sprak de Telegraaf met zes experts over zijn waarschuwing voor vermogensongelijkheid. Van Bavel legt ditmaal uitgebreider uit waarom minister Asscher ten onrechte stelt dat de ongelijkheid in Nederlandse vermogens niet extreem is. Hij baseerde zijn standpunt op grafieken die over zeer uiteenlopende vermogenssoorten gaan, stelde Van Bavel onder andere. Bovendien vallen de topvermogens vaak buiten de berekeningen, aldus de hoogleraar, omdat daar geen vermogensbelasting over betaald wordt.