Risicovol spelen – gedefinieerd als spannende en opwindende vormen van spel waarbij kinderen leeftijdsadequate risico's nemen – is een veelbesproken onderwerp in zowel wetenschappelijk als maatschappelijk debat. Hoewel de positieve impact van risicovol spel op de ontwikkeling van kinderen door diverse belanghebbenden wordt erkend, blijven de specifieke bepalende factoren in verschillende contexten onduidelijk. Het meeste onderzoek naar risicovol spelen beperkt zich tot gestructureerde omgevingen, zoals schoolpleinen en (avontuurlijke) speelplaatsen, waarbij het belang van de onafhankelijke exploratie van kinderen in woonomgevingen vaak over het hoofd wordt gezien. Bovendien zijn de stemmen van kinderen ondervertegenwoordigd in spelonderzoek en wijkplanning, waarbij de perspectieven van volwassenen op veiligheid doorgaans voorrang krijgen boven opwinding.
Dit PhD-project beoogt de volgende vraag te beantwoorden: Hoe beïnvloeden sociale en fysieke aspecten van woonomgevingen het risicovol spelen van kinderen, en hoe kan risicovol spelen vanuit het perspectief van kinderen worden bevorderd?
Het project bestaat uit twee fasen: een onderzoeksfase en een actiefase. In de onderzoeksfase onderzoeken we risicovol speelgedrag en -percepties tijdens de zelfstandige verkenning van de buurt door kinderen. Dit doen we door enquêtes uit te delen aan kinderen van 6 tot 12 jaar en hun ouders. Ook voeren we speelinterviews uit met de kinderen, gevolgd door focusgroepgesprekken. In de actiefase nemen we deel aan co-creatiesessies met kinderen om interventies te ontwikkelen die gericht zijn op hun fysieke omgeving (bijv. de inrichting van de openbare ruimte) en sociale omgeving (bijv. risicomijding bij ouders) om risicovol spelen in hun buurt te faciliteren.