Cursussen

Periode 1

Strategisch human resource management (verplicht)

In deze cursus verdiepen we ons in de grondslagen en toepassing van theorieën van publiek management en strategisch HRM. Centraal staat de vraag hoe in strategisch HRM invulling wordt gegeven aan het realiseren van organisatie-effectiviteit, welzijn van medewerkers en maatschappelijk welzijn, en hoe daarbij wordt omgegaan met mogelijke spanningen die er bestaan tussen de belangen van verschillende stakeholders.
Daarnaast gaan we in op de wijze waarop de maatschappelijke en bestuurlijke omgeving invloed heeft op de human resource strategie van (publieke) organisaties. Hierbij wordt een internationale benadering gehanteerd met aandacht voor de invloed van institutionele en culturele verschillen tussen landen en op het niveau van culturele verschillen binnen (internationale) organisaties.

Onderzoek naar de bijdrage van strategisch HRM aan organisatie-opbrengsten wordt gecontextualiseerd voor organisaties met een publieke functie. Wat betekent public service performance concreet, gelet op de missie van bijvoorbeeld scholen, verpleeghuizen en gemeenten? De effectiviteit van strategisch HRM beleid wordt bestudeerd door aandacht te besteden aan:

  • verticale integratie: de koppeling van strategisch HRM-beleid aan de strategische doelen van de organisatie;
  • horizontale integratie: de afstemming van HRM-activiteiten op elkaar in de vorm van bundels gericht op de abilities, motivation en opportunities to perform (AMO-model); en
  • people management: de implementatie van HRM-beleid door leidinggevenden en hun leiderschapsgedrag.

Daarnaast wordt in deze cursus aandacht besteed aan theoretische ontwikkelingen op het gebied van de organisatie van arbeid en arbeidsrelaties. Theorieën over 'nieuwe organisatieconcepten' claimen namelijk dat organisatieconcepten zoals high performance work systems bijdragen aan betere dienstverlening en aan betere kwaliteit van de arbeid. We gaan met behulp van de literatuur na hoe verschillende HRM-benaderingen deze concepten implementeren en in welke mate in organisaties dergelijke concepten in praktijk worden gebracht.
De literatuur wordt voortdurend geïllustreerd met en toegepast op praktijkcases.
Als subgroep werk je aan een strategisch management-advies voor een organisatie waarover je zelf informatie verzamelt aan de hand van het model van de Balanced Score Card. De beoordeling van de subgroepopdracht bestaat voor 80% uit het schriftelijk advies en voor 20% uit de presentatie van dit advies.

Deze mastercursus wordt in de eerste weekhelft geroosterd.

Advieskunde

Na je master aan de slag als adviseur? In deze cursus maak je zowel praktisch als theoretisch kennis met organisatieadvieswerk in de publieke sector. Je doet dat door in een adviesteam met medestudenten een adviesopdracht uit te voeren voor een publieke organisatie.

Drie belangrijke onderdelen in het adviesproces - de intake, de offerte en het adviesgesprek - vormen de leidraad van de cursus. Aan de hand hiervan train je adviesvaardigheden. Zo doe je onder andere ervaring op in het voeren van een intakegesprek met een (echte) opdrachtgever en oefen je met gespreksvaardigheden die gericht zijn op het bereiken van overeenstemming met de opdrachtgever over de offerte en het eindproduct. Je doet dat in samenwerking met medestudenten in je adviesteam. Daarnaast behandelen we literatuur en gaan we tijdens gastcolleges in gesprek met interne en externe adviseurs. Tot slot reflecteer je grondig op je eigen handelen in de rol van adviseur en het handelen als adviesteam, ondersteund door feedback van medestudenten, de begeleidend docent en de opdrachtgever.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag, geroosterd.

Beleidsvaardigheden

Professionals die te maken hebben met de ontwikkeling en uitvoering van beleid krijgen op verschillende manieren en in verschillende rollen te maken met het verzamelen, bewerken, beoordelen en interpreteren van informatie. De vaardigheden die beleidsmedewerkers nodig hebben in de verschillende stappen van het ontwerpen en beoordelen van beleid vormen het uitgangspunt van de cursus Beleidsvaardigheden.

We simuleren een situatie waarin je als beleidsprofessional werkt voor een bestuurder, zoals een wethouder, minister of directielid van een organisatie met een publieke functie. Je komt steeds in een andere fase in het beleidsproces en van daaruit krijg je een concrete opdracht. Deze opdrachten worden wekelijks in feedbackgroepen door medestudenten en de docent becommentarieerd. In de gezamenlijke bijeenkomsten introduceren we de achtergrond en kenmerken van de opdrachten. Dit mondt uit in een beleidsadvies dat je voor jebestuurlijke opdrachtgever schrijft.

Het beknopt schrijven van notities, die inhoudelijk en analytisch van niveau zijn en bruikbaar in een politiek-bestuurlijke context, staat centraal in deze cursus. Naast het beleidsadvies breng je dit in de praktijk door het schrijven van een Kamerbrief namens een minister of staatssecretaris, gebaseerd op een actuele casus.

We bediscussiëren de literatuur op bruikbaarheid voor beleidsprofessionals. Dit komt ter sprake in de wekelijkse bespreking van de artikelen en in het take home tentamen. Tot slot geven verschillende gastdocenten een kijkje in de keuken van het werk van beleidsprofessionals en gaan we op werkbezoek bij verschillende publieke organisaties.

Managementvaardigheden

Wil je je voorbereiden op een rol als manager? Dan ben je bij de cursus Managementvaardigheden aan het juiste adres. Tijdens deze cursus verplaats je je in de rol van manager in een organisatie en ga je aan de slag met verschillende vaardigheden en interventiemogelijkheden die bij het managementvak komen kijken. De volgende onderdelen staan hierbij centraal:

  • persoonlijke effectiviteit: reflectie op persoonlijke stijl, vragen en geven van feedback;
  • gesprekstechnieken die nodig zijn voor bijvoorbeeld een slechtnieuwsgesprek of functioneringsgesprek;
  • groepsgericht leidinggeven: van instrueren tot delegeren, stijlen van invloed uitoefenen;
  • derde partij-interventies: bemiddelen in conflicten, begeleiden van processen.

De vaardigheden, inzichten en kennis die je opdoet in de cursus dragen bij aan je effectiviteit als manager en geven bovendien zicht op je eigen professionele houding in deze rol. Hierover schrijf je een leerverslag. Daarnaast maak je ook in de praktijk kennis met de rol van manager. Je loopt een dag mee met een manager in een publieke organisatie en schrijft hierover een verslag waarin je observaties verbindt met bestudeerde literatuur.
Aan het eind van de cursus organiseer je met medestudenten een workshop over een zelfgekozen, relevant thema op het gebied van management, waarmee je je kennis en vaardigheden nog verder kunt vergroten.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Organisatiedynamiek

De vaardighedencursus Organisatiedynamiek legt een belangrijke basis voor de ontwikkeling van toekomstige professionals in leiderschaps- en adviesrollen. In deze cursus maak je kennis met de theorie en praktijk van de psychodynamische en systemische benadering van organisaties. Het uitgangspunt van deze benadering is dat er naast de bewuste en bedoelde gebeurtenissen in organisaties ook een andere, onbedoelde dynamiek meespeelt, of men zich daarvan bewust is of niet. Door een bewustzijn te ontwikkelen van deze verborgen ‘onbewuste’ motieven en processen, kun je de kwaliteit van het leiderschap en de effectiviteit van organisaties verbeteren.

In deze cursus maak je kennis met basisbegrippen uit deze benadering zoals systeem en systeemgrenzen, Organization-in-the-mind, rol, weerstand, projectie, overdracht, work- en basic-assumptiongroups, en ga je aan de slag met een intensieve vorm van ervaringsonderwijs. Zo werk je onder andere met je eigen voorbeelden van organisatiedynamiek uit werk- of studiesituaties, en leer je van je ervaringen in de leergroep. Door op deze ervaringen te reflecteren en door het ontwikkelen van werkhypothesen over onderliggende groeps- en organisatiedynamiek leer je jezelf en groepen beter te begrijpen. Op deze manier ontwikkel je het vermogen om leiderschap te nemen en te interveniëren op procesniveau.

De cursus bestaat uit:

  • een tweedaagse mini-conferentie ”Organizational Role Analysis”
  • organisatieobservaties en verwerkingen
  • een tweedaagse mini-conferentie “leerprocessen in organisaties”
  • literatuur besprekingen.

Er wordt van je verwacht dat je bij alle bijeenkomsten aanwezig bent.
Aan het eind van de cursus lever je een portfolio in. Dit bestaat uit:

  • een reflectie op de ervaringen tijdens de mini-conferentie Organizational Role Analysis;
  • een reflectie op de ervaringen tijdens de mini-conferentie Leerprocessen in organisaties en het eigen leerproces;
  • een recensie van twee artikelen;
  • een kritische reflectie op het psychodynamisch-systeem perspectief op organisatiedynamiek.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Bedrijfsvoering in de publieke sector: getting things done!

Publieke organisaties zoals scholen, ziekenhuizen, de Belastingdienst en sociale diensten zijn interessante studieobjecten door hun positie midden in de samenleving en het politieke debat. Maar het zijn ook gewoon hardwerkende bedrijven met concrete taken die efficiënt moeten worden uitgevoerd.

In de cursus Bedrijfsvoering krijg je inzicht in de praktische instrumenten die managers van publieke organisaties gebruiken om hun organisatie van dag tot dag te besturen. Je leert werken met de meetindicatoren, managementtaal, en rapportages die managers gebruiken. Concreet oefenen we met managementinstrumenten die inzicht geven op vier verschillende onderdelen van een organisatie:

  • operationele processen, zoals de afhandeling van klanten of het leveren van diensten;
  • planning en control van prestaties, zoals het opstellen van prestatie-indicatoren en het beoordelen van geboekte successen;
  • financieel beheer, zoals het lezen van een begroting, het opstellen van een balans en het sturen op financiële gezondheid;
  • informatiehuishouding, zoals het inrichten van IT-systemen en het verspreiden van informatie onder stakeholders.

In deze cursus werken we samen met een publieke organisatie in Utrecht, bijvoorbeeld UMC Utrecht, het Openbaar Ministerie (OM) en de gemeente. Elke week pas je de geleerde instrumenten toe op echte bedrijfsmatige vraagstukken van deze organisaties. Zo kijk je wekelijks in groepen naar de efficiëntie van de patiëntenzorg, de informatieveiligheid binnen het OM, of de maatschappelijke prestaties van de gemeente.
Het effectief overbrengen van de verkregen inzichten is een kernfunctie van bedrijfsvoering. Teksten zijn daarbij vaak ontoereikend. Daarom leer je in deze cursus je conclusies over te brengen in de vorm van visuele managementrapportages met schema’s, grafische hulpmiddelen en slides. De rapportages die je wekelijks met je groepje maakt, worden beoordeeld door de docent zodat je steeds beter wordt in het overbrengen van je bevindingen. Als eindopdracht maak je uiteindelijk individueel een managementrapportage.

Gedurende de cursus reflecteren we op de werkelijke waarde en betekenis van al deze managementinstrumenten. Bedrijfsvoering kan echt inzicht geven in het functioneren van organisaties, maar woorden als ‘cash flow’ en ‘lean production’ geven managers ook macht. Je leert de instrumenten te gebruiken als analyse-instrument en te zien als taal. Door deze cursus leer je die taal zelf te gebruiken, waar nodig te ontmaskeren en waar nuttig toe te passen.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.
body { font-size: 9pt;

Strategisch human resource management vaardigheden

De cursus Strategisch Human Resource Management vaardigheden is bedoeld voor toekomstige HR business partners, strategy consultants en leidinggevenden op het gebied van HR. De cursus richt zich op het kennismaken en oefenen met effectief ‘evidence based’ advies binnen de HR praktijk in organisaties. Het gaat hierbij om het kunnen toepassen van een context sensitieve benadering, waarin HR-inzichten uit de praktijk en wetenschap vertaald worden naar de daadwerkelijke praktijk in organisaties.

In deze cursus staan de volgende interne organisatie issues centraal:

  • de link tussen HRM en organisatie- en medewerker performance;
  • het overbruggen van de kloof tussen beleidsretoriek en werkelijkheid door toepassing van de Evidence Based Management (EBM) methodiek in het advies;
  • de inrichting van het HR-systeem van de organisatie.

Het accent van de cursus ligt op analyseren, adviseren en praktijkleren. Je maakt individueel een wetenschappelijk adviesrapport over een hedendaagse casus op basis van een HR Strategy Scan. Hierbij leer je HR interventies in kaart brengen en te bepalen of de HR praktijk goed aansluit op de interne en externe organisatie context. Daarnaast leer je in teamverband een business case op te stellen van een actueel en relevant HR-thema bij een organisatie in de praktijk. Hierin leer je de opbrengst van een HR praktijk/investering te kwantificeren aan de hand van de Evidence Based Management (EBM) en Evidence Based HRM (EBHRM) methodiek. De eindrapportage van de business case houd je in de vorm van een presentatie. Je presenteert de teamopdracht aan je collega studenten en docenten, waarbij de docenten zowel beoordelen op de kwaliteit van het advies als de gespreks- en presentatietechnieken. Omdat de opdracht een ‘real-life’ adviesopdracht is kan het zo zijn dat je gevraagd wordt de presentatie ook aan de klant te geven. In voorgaande jaren is het voorgekomen dat het gepresenteerde advies van studenten ook daadwerkelijk door de organisatie werd geïmplementeerd.

Voor het schrijven van een individueel paper zoek je zelf minimaal 5 wetenschappelijke artikelen die je in je paper gebruikt.

De docenten van de cursus zorgen voor het koppelen van de studententeams aan organisaties met relevante HR vraagstukken.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Samenwerken in interculturele teams

De wereld globaliseert in ijltempo en organisaties worden steeds internationaler. Dit betekent dat onze eigen cultureel bepaalde gedragingen niet langer vanzelfsprekend zijn en dat het belangrijk is om competenties te ontwikkelen om te kunnen samenwerken op een werkvloer die zich kenmerkt door culturele diversiteit
Deze cursus is interessant als je inzicht wilt verwerven in de complexiteit van het samenwerken met mensen uit andere (sub)culturen in organisaties, als je bereid bent te onderzoeken hoe intercultureel competent jijzelf op dit moment bent en als je wilt investeren in het oefenen en verbeteren van je eigen vaardigheden op dit punt.

Vier competenties staan centraal in deze cursus:

  • interculturele sensitiviteit: de manier en mate waarin iemand actief geïnteresseerd is in en informatie zoekt over normen, waarden, perspectieven en behoeften van mensen met een andere culturele achtergrond en de mate waarin iemand zich bewust is van zijn of haar eigen culturele achtergrond;
  • het opbouwen van commitment: investeren in het opbouwen van relaties met mensen die een andere culturele achtergrond hebben en oog hebben voor uit de cultuur voortvloeiende belangen;
  • interculturele communicatie: het bewust communiceren met mensen met een andere culturele achtergrond;
  • en het omgaan met onzekerheid: het hanteren van de ambiguïteit, complexiteit en spanning van een cultureel diverse omgeving en dit zien en benutten als plek voor leren en innoveren.

We bespreken wetenschappelijke artikelen en gaan aan de slag met gevarieerde trainingsvormen, oefeningen en simulaties. We zetten ook een wetenschappelijk onderbouwde test in om jouw eigen competenties te toetsen en op te zoeken waar voor jou je sterke punten en je uitdagingen liggen: de zogeheten Intercultural Readiness Check. Daarnaast gaan we actief interculturele settings opzoeken waar samenwerking nodig is, en vervolgens reflecteren op de opgedane ervaringen. Bovendien leg je contacten met mensen uit andere culturen die voor jou interessante partners en leermeesters zijn bij het oefenen van jouw interculturele competenties in de praktijk en bij het uitwisselen van jullie kennis en ervaring.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag, geroosterd.

Periode 2

HRM en Personeel (verplicht)

De cursus HRM en personeel richt zich op het vormgeven van arbeidsrelaties in organisaties met het individuele niveau van werknemers als startpunt.
Daar waar strategisch human resource management zich vooral richt op de strategie en HR-beleidsvraagstukken op organisatieniveau, gaat deze cursus over het zoeken naar het human resource management voor medewerkers als individu in de organisatie context. Concrete voorbeelden hiervan zijn medewerkers in teams en de relaties tussen leidinggevenden en medewerkers.

Het vormgeven van deze arbeidsrelaties kan op verschillende manieren. Ten eerste aan de hand van de functionele HRM-gebieden – zogenaamde ‘employment practices’ – zoals werving en selectie, training en opleiding, motivatie en beloning. Daarnaast zal aandacht worden besteed aan het vormgeven van HRM en arbeidsrelaties via arbeidsinrichting – zogenaamde ‘work practices’ – waarbij samenwerking, participatie en autonomie een rol kunnen spelen. Deze ‘employment’ en ‘work practices’ koppelen we in deze cursus aan de context waarin HRM vormgegeven wordt. Dat kunnen zowel private als publieke organisaties zijn. De ”juiste” medewerker op de ”juiste” plek is niet zomaar het toepassen van best practices, maar gaat over het inzetten van een breed scala aan instrumentaria om de juiste persoon te werven en te selecteren die past bij de functie en de organisatiecultuur.

Organisaties proberen op verschillende manieren greep te krijgen op de personeelsfactor die een bijdrage kan leveren aan de prestaties van publieke en private organisaties. Daarom is het belangrijk om inzicht te verwerven in de kenmerken van individuele medewerkers die als resource kunnen dienen voor organisatie-prestaties. Denk aan verschillende kennis en vaardigheden van mannen versus vrouwen, jongeren versus ouderen en verschillen in typen motivatie; in het bijzonder motivatie voor publieke dienstverlening en de manier waarop het HR-beleid hierop kan worden ingericht.

Het B&O perspectief -- de combinatie van bestuurskundige en organisatiekundige aspecten zoals organisatie van publieke dienstverlening en focus op publieke prestaties – krijgt binnen de cursus HRM en personeel niet alleen vorm via een specifieke focus op publieke organisaties en aandacht voor de organisatiecontext in wisselwerking met de individuele medewerker. We geven dit ook vorm door aandacht te besteden aan maatschappelijke thema’s die direct van invloed zijn op de vormgeving van arbeidsrelaties op individueel niveau: HRM en generaties; HRM en levensfasen van medewerkers; employability en duurzame inzetbaarheid; HRM en diversiteit (bijvoorbeeld HRM en gender, en de balans tussen vrouwen en mannen in alle lagen van de organisatie); HRM en vitaliteit of burn out; en HRM en public service motivation van medewerkers en de rol van (sectorspecifiek) leiderschap hierin.

In de cursus HRM en personeel is aandacht voor het internationale karakter van bovenstaande thematiek en wordt stilgestaan bij verschillen en overeenkomsten tussen culturen en landen. Een voorbeeld: hoe in Nederland of in Scandinavische landen over employee well-being en employability wordt gedacht en wie hier verantwoordelijk voor is, verschilt van een Angelsaksische opvatting. Dit heeft consequenties voor de invulling van HRM binnen organisaties.

In de cursus HRM en personeel gebruiken we verschillende (soorten) internationale journal- publicaties op het vlak van HRM in de publieke en private dienstverlening, ten behoeve van het ontwikkelen van uiteenlopende perspectieven voor relevante HRM-vraagstukken (analytical approach). In de eerste plaats dient HRM en Personeel gebaseerd te zijn op empirische bewijsvorming (‘evidence based’). Dat kan op verschillende manieren, o.a. kwantitatief en kwalitatief. Daarnaast dient HRM en Personeel gebaseerd te zijn op grondige theorieën en methodieken van onderzoek die voortkomen uit de HRM-discipline zelf en aanliggende disciplines zoals Organisatiepsychologie, Bestuurskunde en (Publiek) Management (‘methodological rigour’). Ten slotte dient HRM en Personeel ingebed te zijn in de organisatie-, sector- en nationale/culturele context (‘contextualized’).

In de onderwijsbijeenkomsten bespreken we literatuur die je voorbereidt door middel van leesvragen. We bestuderen deze literatuur vanuit de hierboven vernoemde analytical approach, waarbij we ook aandacht hebben voor de (historische) kwaliteitseisen van de verschillende disciplines, met inbegrip van eisen op het vlak van wetenschappelijke integriteit. We verwachten een actieve deelname in het onderwijs en tijdens colleges van door de docenten uitgenodigde gastsprekers uit de praktijk.
De toetsing is tweevoudig, met een individuele paper over een onderwerp naar keuze en een individueel mondeling tentamen. De paper richt zich op het kunnen formuleren van een onderzoeksvraag en een onderzoeksopzet, met bijzondere aandacht voor wetenschappelijke en maatschappelijke relevantie. Het mondelinge tentamen test zowel de wetenschappelijke verwerking van de behandelde literatuur als de toepassing hiervan in de praktijk (m.b.v. een casus). Op deze wijze leer je de behandelde stof in zijn volledigheid te beheersen. Bovendien vereist een mondeling tentamen vaardigheden van je – waar we in de cursus expliciet op oefenen – die in het latere arbeidsleven noodzakelijk zijn, zoals snel kunnen analyseren, structureren, toepassen en verbaal toelichten van argumenten.

Deze mastercursus wordt in de eerste weekhelft geroosterd.

Advieskunde

Na je master aan de slag als adviseur? In deze cursus maak je zowel praktisch als theoretisch kennis met organisatieadvieswerk in de publieke sector. Je doet dat door in een adviesteam met medestudenten een adviesopdracht uit te voeren voor een publieke organisatie.

Drie belangrijke onderdelen in het adviesproces - de intake, de offerte en het adviesgesprek - vormen de leidraad van de cursus. Aan de hand hiervan train je adviesvaardigheden. Zo doe je onder andere ervaring op in het voeren van een intakegesprek met een (echte) opdrachtgever en oefen je met gespreksvaardigheden die gericht zijn op het bereiken van overeenstemming met de opdrachtgever over de offerte en het eindproduct. Je doet dat in samenwerking met medestudenten in je adviesteam. Daarnaast behandelen we literatuur en gaan we tijdens gastcolleges in gesprek met interne en externe adviseurs. Tot slot reflecteer je grondig op je eigen handelen in de rol van adviseur en het handelen als adviesteam, ondersteund door feedback van medestudenten, de begeleidend docent en de opdrachtgever.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag, geroosterd.

Arbeidsrecht

Kennis, begrip en vaardigheden op arbeidsrechtelijk terrein zijn van groot belang voor Human Resource Management en beleid van organisaties. In deze cursus staan daarom de mogelijkheden en beperkingen voor het voeren van werving- en aanstellingsbeleid van een organisatie centraal. Er wordt zowel aandacht besteed aan de procedurele als aan de inhoudelijke aard van het beleid. Je raakt als niet-jurist bekend met de plaats van arbeidsrecht in het Nederlandse rechtssysteem en de actoren en rechtsbronnen die vanuit arbeidsrechtelijk perspectief een rol kunnen spelen bij het voeren van HR beleid.
De cursus kent een praktische en thematische aanpak waarin onderwerpen op het gebied van arbeidsrecht, zoals individuele en collectieve arbeidsovereenkomsten, de rol van vakbonden, medezeggenschap in organisaties en sociale zekerheid aan de orde komen.

De cursus bestaat uit drie hoofdthema’s: flexibiliteit, gezondheid en veiligheid en organisatie en reorganisatie.
Bij flexibiliteit gaan we in op de interne en externe flexibiliteit van organisaties. In het tweede thema wordt aandacht besteed aan re-integratie- en zorgverplichtingen die werkgevers hebben ten aanzien van werknemers. Tot slot bespreken we in het laatste thema de arbeidsrechtelijke kaders van onder meer ontslagbeleid, reorganisatieplannen, en herstructureringen.

Het accent van deze cursus ligt op het verwerven van vaardigheden om in de praktijk arbeidsrechtelijke mogelijkheden en beperkingen te herkennen en om in concrete gevallen oplossingen binnen de arbeidsrechtelijke kaders te bedenken. We vullen de bijeenkomsten in met theoretische uiteenzettingen, afgewisseld met verschillende werkvormen waarin je actief aan de slag gaat met de verkregen kennis. Zo presenteer je onder andere oplossingen in een concrete casus en ben je deelnemer aan een ‘moot court’, waarin een rechtszaak wordt gesimuleerd.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Managementvaardigheden

Wil je je voorbereiden op een rol als manager? Dan ben je bij de cursus Managementvaardigheden aan het juiste adres. Tijdens deze cursus verplaats je je in de rol van manager in een organisatie en ga je aan de slag met verschillende vaardigheden en interventiemogelijkheden die bij het managementvak komen kijken. De volgende onderdelen staan hierbij centraal:

  • persoonlijke effectiviteit: reflectie op persoonlijke stijl, vragen en geven van feedback;
  • gesprekstechnieken die nodig zijn voor bijvoorbeeld een slechtnieuwsgesprek of functioneringsgesprek;
  • groepsgericht leidinggeven: van instrueren tot delegeren, stijlen van invloed uitoefenen;
  • derde partij-interventies: bemiddelen in conflicten, begeleiden van processen.

De vaardigheden, inzichten en kennis die je opdoet in de cursus dragen bij aan je effectiviteit als manager en geven bovendien zicht op je eigen professionele houding in deze rol. Hierover schrijf je een leerverslag. Daarnaast maak je ook in de praktijk kennis met de rol van manager. Je loopt een dag mee met een manager in een publieke organisatie en schrijft hierover een verslag waarin je observaties verbindt met bestudeerde literatuur.
Aan het eind van de cursus organiseer je met medestudenten een workshop over een zelfgekozen, relevant thema op het gebied van management, waarmee je je kennis en vaardigheden nog verder kunt vergroten.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Normatieve beleidsanalyse

Op veel plaatsen in de (semi-)publieke sector moeten functionarissen normatieve betogen kunnen schrijven. Denk bijvoorbeeld aan:

  • een beleidsambtenaar op een ministerie die een standpunt moet kunnen innemen en beargumenteren over een politieke kwestie, over ‘oud’ beleid of over een rapport van een adviesorgaan. Hij moet toespraken schrijven voor de minister die deze kan voorlezen bijvoorbeeld bij de opening van een conferentie;
  • personen die werken bij een belangengroep die, namens die belangengroep, een opiniebijdrage schrijven voor de krant;
  • Medewerkers van adviesorganen die een mening moeten ontwikkelen over onderwerpen als intergenerationele solidariteit (hoe eerlijk is het pensioenstelsel?), selectie in het hoger onderwijs, topinkomens in het bedrijfsleven, bezuinigingen op de gezondheidszorg of de grenzen van vrijheid van meningsuiting.

Hoe vorm je je een oordeel over dit soort kwesties en hoe breng je dat oordeel vervolgens overtuigend onder woorden in een krantenartikel, een advies of een notitie voor de minister?

Tijdens deze cursus lezen we een aantal politiek-filosofische teksten om enkele klassieke argumenten over belangrijke beleidsvraagstukken te leren kennen. Aan de hand van On Liberty denken we na over vrijheid van meningsuiting en ‘slachtofferloze delicten’. Met behulp van Setting Limits discussiëren we over keuzen in de zorg en via het boek The Rhetoric of Reaction maken we kennis met een aantal vaste argumenten pro en contra beleidswijzigingen.
Je schrijft in de loop van de cursus enkele keren een korte normatieve beschouwing over een opgegeven onderwerp aan de hand van de bestudeerde teksten. Deze notities worden besproken in intervisie groepjes. Ook bereid je twee keer een mondelinge bijdrage voor. Het geheel van korte notities en enkele mondelinge bijdragen heet in de toetsing bij deze cursus ‘het vaardighedenpracticum’.

Voor je eindpaper kies je een eigen onderwerp. De eindopdracht bestaat uit twee onderdelen: 1) een column van 800 woorden voor een krant of website naar keuze en 2) een langere tekst (ongeveer 2000 woorden) in een zelf te kiezen genre, bijvoorbeeld een fractienotitie voor een Kamerfractie, een notitie voor een wethouder of minister, een kort advies voor een adviesorgaan, of een langere toespraak.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag, geroosterd.

Projectmanagement

Veel uitdagende klussen in de publieke sector worden projectmatig aangestuurd. Er wordt een tijdelijk verband met een specifieke groep mensen opgericht om samen met beperkte middelen een min of meer uniek en concreet resultaat te behalen.
Wil je meer weten over hoe je als toekomstig professional deze essentiële methodiek kunt beheersen? Maak in deze cursus dan kennis met de uitgangspunten van projectmanagement en leer hoe je deze in de praktijk kunt toepassen.
We behandelen onder andere thema’s als structuur, fasering, projectbeheersing, organisatie, opdrachtgeverschap, cultuur, communicatie en risico’s. Je wordt gedurende de cursus begeleidt door docenten met jarenlange ervaring als projectmanager.

De cursus bestaat uit twee delen: in het eerste deel maak je aan de hand van een casus kennis met de theoretische achtergronden van projectmanagement. Dit deel wordt afgesloten met een individuele ‘projectanalyse’ van een werkelijk projectplan.
In het tweede deel ga je in een team daadwerkelijk aan de slag met concrete opdrachtgevers van de gemeente Utrecht. Elke student is één keer in the lead van een simulatiegesprek met de opdrachtgever van zijn of haar team. In die gesprekken laat je jouw individuele projectmanagement vaardigheden zien. De uitkomsten van alle gesprekken ligt aan de basis van het opstellen van het ‘projectcontract’.

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag, geroosterd.

Coaching in organisaties

De vaardighedencursus ‘Coaching in Organisaties’ legt een belangrijke basis voor je ontwikkeling in de rol van coach. In deze cursus maak je kennis met de praktijk en theorie van coaching van medewerkers in organisaties en leer je te werken vanuit het psychodynamisch en systemisch perspectief op het coachingsproces.

We werken met de methodiek Organizational Role Analysis, zoals die door The Grubb Institute en anderen is ontwikkeld. Centraal in deze methodiek voor coaching en consulting staat de analyse van de ervaringen van de gecoachte medewerker in zijn/haar rol in een organisatie en een procesgerichte advisering.

Tijdens de cursus verkrijg je kennis en vaardigheden via concrete ervaringen en reflectie hierop. Om de specifieke vaardigheden van de coach aan te leren, krijg je onder andere training in gesprekstechnieken, in het werken met de methodiek, leer je hoe een coachingstraject eruit ziet, en zijn er literatuurbesprekingen. Daarnaast ga je ook zelf een coachingstraject uitvoeren met een externe cliënt waarin alle facetten (van intake tot afronding, de fasen van het coachingsproces, het belang van de coachingsrelatie en het omgaan met weerstand) aan bod komen. Je wordt hierin begeleid door ervaren coaches in de vorm van supervisie.

Aan het eind van de cursus lever je een portfolio in dat de volgende zaken bevat:

  • Een reflectie op de ervaringen tijdens de workshop Organizational Role Analysis; werken met de ‘organization-in-the-mind’. In deze reflectie worden de ervaringen beschreven en geduid aan de hand van de basisconcepten uit de ORA methodiek.
  • Een case beschrijving van het eigen coachingstraject met een externe client. De case beschrijving bestaat uit:
    • Een beknopte beschrijving van het traject;
    • Een reflectie op het eigen handelen in de rol van coach tijdens dit traject en op de feedback uit de supervisie. in de reflectie wordt gebruikgemaakt van de concepten uit de literatuur.
    • Een beschrijving van de ontwikkeling van eigen coachingsvaardigheden en attitude.
  • Een verdiepende bespreking van twee voor de studente relevante thema’s uit de literatuur;

Deze vaardighedencursus wordt in de tweede weekhelft, vanaf woensdagmiddag geroosterd.

Periode 3

De publieke dimensie van SHRM en het onderzoeksontwerp (verplicht)

Deze cursus bestaat uit twee samenhangende onderdelen. Eén deel van de cursus bouwt voort op de inhoudelijke mastercursussen uit semester 1 door aandacht te besteden aan de thematiek van SHRM en het publieke domein. Daarbij staat de vraag centraal hoe maatschappelijke/publieke vraagstukken op de HRM-agenda van organisaties terecht komen. Het andere deel van de cursus heeft een methodisch accent en biedt ondersteuning bij het maken van het onderzoeksvoorstel in het kader van het onderzoekseminar. Voorts worden methodenworkshops aangeboden die eveneens gericht zijn op je eigen afstudeeronderzoek.

In het methodisch deel van de cursus werk je deels onder begeleiding, deels zelfstandig aan het ontwikkelen van een onderzoeksvoorstel dat je in het onderzoekseminar uitvoert. Hierbij gaan we in op de eisen waaraan een goede onderzoeksvraagstelling moet voldoen; op de implicaties die de onderzoeksvraag heeft voor methoden van data-verzameling en data-analyse; op het beargumenteren van de maatschappelijke en wetenschappelijke relevantie van de onderzoeksvraag en op het uitvoeren van een wetenschappelijke literatuurstudie die erop is gericht centrale concepten uit de onderzoeksvraag te verhelderen en inzicht te krijgen in de wetenschappelijke ‘state of the art’ rond het thema van onderzoek.

Later in de cursus worden methodenworkshops aangeboden, gericht op kwalitatieve en kwantitatieve methoden van onderzoek. Hierin besteden we aandacht aan het maken van een instrument voor dataverzameling (topiclijst, enquête e.d.). In periode 4 wordt in het tweede deel van het onderzoeksseminar ook aandacht besteed aan methoden van data-analyse.
Tot slot wordt een aantal theorie-praktijkbijeenkomsten georganiseerd.

Het tweede deel van de cursus is theoretisch en besteedt aandacht aan de thematiek SHRM en het publieke domein. Kernpunt van het masterprogramma is dat SHRM altijd een publieke dimensie heeft en dat dit zowel voor publieke als private organisaties geldt. De kernvraag die we in dit deel van de cursus behandelen is: hoe komen maatschappelijke/publieke vraagstukken terecht op de HRM-agenda van organisaties? Hierbij besteden we aandacht aan:

  • De rol van institutionele druk op organisaties, waarbij te denken valt aan overheidsbeleid en aan collectieve overeenkomsten tussen werkgevers- en werknemersorganisaties;
  • ‘Vrijwillige’ initiatieven van organisaties en werkgevers in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen;
  • De betekenis die New Public Management in publieke organisaties heeft voor het agenderen van maatschappelijke vraagstukken.

Tijdens de bijeenkomsten verzorgen subgroepen een presentatie. Daarin wordt de bijdrage van de literatuur aan de thematiek ‘de publieke dimensie van SHRM’ geëvalueerd, en wordt de literatuur toegepast op een actueel thema. Deze presentatie wordt beoordeeld. Halverwege dit deel van de cursus schrijft je een individueel paper. Dit deel van de cursus sluit je af met een subgroepspaper waarin je een theoretische reflectie geeft over de publieke dimensie van een SHRM-vraagstuk.

Onderzoeksseminar Strategisch Human Resource Management (verplicht)

In de startcursus van het masterprogramma SHRM is aandacht besteed aan strategisch human resource management (SHRM) van organisaties in hun bestuurlijke en maatschappelijke context. Vervolgens ging het in de cursus HRM en personeel om de uitwerking van SHRM beleid in organisaties ten aanzien van medewerkers en andere relevante actoren. Binnen het inhoudelijk kader dat in semester 1 is verkend en binnen bepaalde randvoorwaarden heb je de ruimte om je theoretisch en empirisch te verdiepen in een zelf gekozen onderzoeksvraag. Empirisch onderzoek kan zich richten op organisaties in verschillende sectoren, waarbij altijd de publieke dimensie of het maatschappelijk belang van het personeelsbeleid een essentieel onderdeel van studie vormt.

In periode 3 start het onderzoeksseminar naast de cursus De publieke dimensie van SHRM. In periode 4 loopt het onderzoeksseminar door en schrijf je je afstudeerscriptie. De onderdelen in periode 3 sluiten nauw op elkaar aan voor wat betreft inhoud door de publieke dimensie in SHRM onderzoek en voor wat betreft methoden en technieken door collectieve onderzoekssessies en workshops (kwalitatief en kwantitatief onderzoek).

De publieke dimensie van SHRM gekoppeld aan het B&O domein kan op een drietal manieren terugkomen in het onderzoeksseminar:

  • HRM vraagstukken in publieke organisaties zoals ziekenhuizen, scholen, gemeenten, ministeries en politie;
  • HRM thema’s met een publiek karakter. Concrete voorbeelden hiervan zijn duurzame inzetbaarheid, employability, een leven lang leren, diversiteit in organisaties, vrouwen in topposities en het raakvlak sociaal beleid/HR-beleid ten aanzien van kwetsbare groepen medewerkers;
  • De discussie over organisatieprestaties. Bijvoorbeeld productiviteit, omzet en winst versus meervoudige organisatieprestaties zoals organisatie effectiviteit, individueel welzijn en maatschappelijk welzijn.

Met deze invulling van de publieke dimensie in het onderzoeksseminar SHRM is er expliciet aandacht voor zowel publieke als private organisaties in semester 1 en in mogelijkheden voor het afstudeeronderzoek.

In het onderzoeksseminar staat het schrijven van de masterscriptie centraal. Hiervoor zet je een empirisch onderzoek op, voer je dit onderzoek uit en werk je de resultaten uit in een eindproduct. De opzet van het seminar ondersteunt je bij dit proces.

Voorafgaand aan dit onderzoeksseminar lever je een eerste onderzoeksopzet in bij de coördinator van het seminar. Op basis van deze eerste opzet word je ingedeeld bij een begeleider. De begeleiding van het afstudeeronderzoek in periode 3 en 4 vindt plaats in tutorgroepen onder supervisie van een docent. Deze tutorgroepen vormen een kennisgemeenschap van studenten op het gebied van SHRM vraagstukken in het B&O domein.

In de startfase van het seminar ligt de nadruk op literatuurstudie en bijeenkomsten met presentaties, co-referaten en debat gericht op de afbakening van de onderzoeksvraag en de opzet van het onderzoek. Gaandeweg verschuift de nadruk naar uitvoering, met subgroeps- of individuele contacten, afhankelijk van de aard van het onderwerp. In maart presenteer je je onderzoeksopzet in de tutorgroep. De eerste en tweede beoordelaar bepalen of deze opzet goed genoeg is om verder te gaan. Studenten geven elkaar ook feedback door middel van co-referaten. Bij een goedkeuring van de onderzoeksopzet ga je verder met de uitvoering en uitwerking van je onderzoek.

In juni presenteer je je scriptie, waarbij je feedback krijgt van medestudenten en van beide beoordelaars.

Periode 4

Onderzoeksseminar Strategisch Human Resource Management (verplicht)

In de startcursus van het masterprogramma SHRM is aandacht besteed aan strategisch human resource management (SHRM) van organisaties in hun bestuurlijke en maatschappelijke context. Vervolgens ging het in de cursus HRM en personeel om de uitwerking van SHRM beleid in organisaties ten aanzien van medewerkers en andere relevante actoren. Binnen het inhoudelijk kader dat in semester 1 is verkend en binnen bepaalde randvoorwaarden heb je de ruimte om je theoretisch en empirisch te verdiepen in een zelf gekozen onderzoeksvraag. Empirisch onderzoek kan zich richten op organisaties in verschillende sectoren, waarbij altijd de publieke dimensie of het maatschappelijk belang van het personeelsbeleid een essentieel onderdeel van studie vormt.

In periode 3 start het onderzoeksseminar naast de cursus De publieke dimensie van SHRM. In periode 4 loopt het onderzoeksseminar door en schrijf je je afstudeerscriptie. De onderdelen in periode 3 sluiten nauw op elkaar aan voor wat betreft inhoud door de publieke dimensie in SHRM onderzoek en voor wat betreft methoden en technieken door collectieve onderzoekssessies en workshops (kwalitatief en kwantitatief onderzoek).

De publieke dimensie van SHRM gekoppeld aan het B&O domein kan op een drietal manieren terugkomen in het onderzoeksseminar:

  • HRM vraagstukken in publieke organisaties zoals ziekenhuizen, scholen, gemeenten, ministeries en politie;
  • HRM thema’s met een publiek karakter. Concrete voorbeelden hiervan zijn duurzame inzetbaarheid, employability, een leven lang leren, diversiteit in organisaties, vrouwen in topposities en het raakvlak sociaal beleid/HR-beleid ten aanzien van kwetsbare groepen medewerkers;
  • De discussie over organisatieprestaties. Bijvoorbeeld productiviteit, omzet en winst versus meervoudige organisatieprestaties zoals organisatie effectiviteit, individueel welzijn en maatschappelijk welzijn.

Met deze invulling van de publieke dimensie in het onderzoeksseminar SHRM is er expliciet aandacht voor zowel publieke als private organisaties in semester 1 en in mogelijkheden voor het afstudeeronderzoek.

In het onderzoeksseminar staat het schrijven van de masterscriptie centraal. Hiervoor zet je een empirisch onderzoek op, voer je dit onderzoek uit en werk je de resultaten uit in een eindproduct. De opzet van het seminar ondersteunt je bij dit proces.

Voorafgaand aan dit onderzoeksseminar lever je een eerste onderzoeksopzet in bij de coördinator van het seminar. Op basis van deze eerste opzet word je ingedeeld bij een begeleider. De begeleiding van het afstudeeronderzoek in periode 3 en 4 vindt plaats in tutorgroepen onder supervisie van een docent. Deze tutorgroepen vormen een kennisgemeenschap van studenten op het gebied van SHRM vraagstukken in het B&O domein.

In de startfase van het seminar ligt de nadruk op literatuurstudie en bijeenkomsten met presentaties, co-referaten en debat gericht op de afbakening van de onderzoeksvraag en de opzet van het onderzoek. Gaandeweg verschuift de nadruk naar uitvoering, met subgroeps- of individuele contacten, afhankelijk van de aard van het onderwerp. In maart presenteer je je onderzoeksopzet in de tutorgroep. De eerste en tweede beoordelaar bepalen of deze opzet goed genoeg is om verder te gaan. Studenten geven elkaar ook feedback door middel van co-referaten. Bij een goedkeuring van de onderzoeksopzet ga je verder met de uitvoering en uitwerking van je onderzoek.

In juni presenteer je je scriptie, waarbij je feedback krijgt van medestudenten en van beide beoordelaars.