Kunstgeschiedenis: educatie en communicatie heeft een studielast van 120 studiepunten (EC), verdeeld over twee jaar.

Hoe je studieprogramma eruitziet is o.a. afhankelijk van het moment dat je start met het programma. Je kunt starten in september (aanmelddeadline 1 april) of in februari (aanmelddeadline 15 oktober).
Echter, als je bent toegelaten tot het U-TEAch programma, kun je alleen starten in september.

Studieprogramma bij een start in september

Het eerste jaar

Semester 1 - vakinhoud 1 Semester 2 - beroepsvoorbereiding 1
Blok 1 Blok 2 Blok 3 Blok 4
Historiografie Kunstgeschiedenis Kunst & Educatie Stage 1
Collectieobjecten en Monumenten Vakspecifieke keuzecursus Pedagogiek 1
Curating en publieksbemiddeling Vakdidactiek 1

 

Blok 1 en 2 (september - januari)

In het eerste jaar zijn blok 1 en 2 gevuld met drie cursussen op het gebied van moderne en hedendaagse kunst. Het doel hiervan is inhoudelijke verdieping van – en reflectie – op de vakkennis die je in de bacheloropleiding hebt opgebouwd. Daarnaast volg je in vakinhoudelijke keuzecursus blok 2 de cursus Kunst & Educatie, waarin je wordt uitgedaagd je kennis van de kunstgeschiedenis te relateren aan en verrijken met kennis van de kunsten van andere disciplines, zoals muziek, drama en dans. Diezelfde verbreding kun je opzoeken bij de vakspecifieke keuzecursus in blok 2, maar je kunt ook een cursus uit de Master Kunstgeschiedenis kiezen. De colleges vinden plaats in de binnenstad. 

Blok 3 en 4 (februari - juni)

Tijdens blok 3 en 4 volg je het eerste deel van het beroepsvoorbereidende gedeelte: je gaat je professionele competenties als leraar ontwikkelen. Dit gedeelte is georganiseerd in drie onderdelen: Vakdidactiek, Pedagogiek en Stage. In het onderdeel Masterstage doe je ervaring op in de schoolpraktijk en zal je op de universiteit uitwisselen over deze ervaringen en bepalen op welke manier je jezelf kan en moet ontwikkelen als docent.

In het onderdeel Didactiek (Vakdidactiek en Pedagogiek) verwerf je theoretische achtergronden bij het beroep van leraar en leer je hoe je je kennis over je schoolvak kunt vertalen naar de schoolpraktijk. Onderwijstheorieën worden aan de hand van centrale thema’s aangeboden en in aansluitende werkcolleges wordt de vertaalslag naar de praktijk gemaakt.

De colleges vinden plaats in het Utrecht Science Park.

Bij alle lerarenopleidingen in Nederland zijn er veel aanmeldingen voor de lerarenopleiding geschiedenis. Dat maakt het niet makkelijk om stageplaatsen te regelen. Sommige stageplaatsen zijn daardoor buiten de regio Utrecht (bijvoorbeeld in Noord-Brabant), wat langere reistijd kan betekenen.

Het tweede jaar

Semester 1 - beroepsvoorbereiding 2 Semester 2 - vakinhoud 2
Blok 1 Blok 2 Blok 3 Blok 4
Stage 2 Masterscriptie
Pedagogiek 2 Vakdidactiek 2
(Vak)didactisch onderzoek Keuzecursussen Vakinhoudelijke keuzecursus / stage Vakinhoudelijke keuzecursus / stage

 

In het tweede jaar van het masterprogramma staat de invulling van de twee semesters vast, maar de volgorde ervan niet. Bovenstaande volgorde heeft de voorkeur, maar je mag de twee semesters ook omdraaien.

Blok 1 en 2 (september - januari)

In blok 1 en 2 volg je het tweede deel van het beroepsvoorbereidende gedeelte. Je ontwikkelt je verder als eerstegraads leraar in de cursussen stage 2, pedagogiek 2 en vakdidactiek 2. Bij de stage ben je verantwoordelijk voor een eigen klas. Daarnaast oefen je met het opzetten, uitvoeren en presenteren van een kleinschalig (vak)didactisch onderzoek en volg je een keuzecursus.

Blok 3 en 4 (februari - juni)

Tijdens blok 3 en 4 schrijf je je masterscriptie. Hierin koppel je de theorie en praktijk van het kunsthistorisch onderzoek aan de kunsteducatieve praktijk en levert daarmee een bijdrage aan de wetenschappelijke discussie over het kunstonderwijs of de publieksbemiddeling binnen de discipline Kunstgeschiedenis. Daarnaast heb je in dit semester twee mogelijkheden. In het kader van de scriptie kun je een stage lopen in een andere dan een instelling voor Voortgezet Onderwijs, zoals bij de educatieve dienst van een culturele instelling. Je kunt ook een of twee vakspecifieke keuzecursussen volgen.

Studieprogramma bij een start in februari

Het eerste jaar

Semester 1 - beroepsvoorbereiding 1 Semester 2 - vakinhoud 1
Blok 3 Blok 4 Blok 1 Blok 2
Stage 1 Historiografie Kunstgeschiedenis Kunst & Educatie
Pedagogiek 1 Collectieobjecten en Monumenten Vakspecifieke keuzecursus
Vakdidactiek 1 Curating en publieksbemiddeling

 

Blok 3 en 4 (februari - juni)

Tijdens blok 3 en 4 volg je het eerste deel van het beroepsvoorbereidende gedeelte: je gaat je professionele competenties als leraar ontwikkelen. Dit gedeelte is georganiseerd in drie onderdelen: Vakdidactiek, Pedagogiek en Stage. In het onderdeel Masterstage doe je ervaring op in de schoolpraktijk en zal je op de universiteit uitwisselen over deze ervaringen en bepalen op welke manier je jezelf kan en moet ontwikkelen als docent.

In het onderdeel Didactiek (Vakdidactiek en Pedagogiek) verwerf je theoretische achtergronden bij het beroep van leraar en leer je hoe je je kennis over je schoolvak kunt vertalen naar de schoolpraktijk. Onderwijstheorieën worden aan de hand van centrale thema’s aangeboden en in aansluitende werkcolleges wordt de vertaalslag naar de praktijk gemaakt.

De colleges vinden plaats in het Utrecht Science Park.

Blok 1 en 2 (september - januari)

Blok 1 en 2 zijn gevuld met drie cursussen op het gebied van moderne en hedendaagse kunst. Het doel hiervan is inhoudelijke verdieping van – en reflectie – op de vakkennis die je in de bacheloropleiding hebt opgebouwd. Daarnaast volg je in blok 2 de cursus Kunst & Educatie, waarin je wordt uitgedaagd je kennis van de kunstgeschiedenis te relateren aan en verrijken met kennis van de kunsten van andere disciplines, zoals muziek, drama en dans. Diezelfde verbreding kun je opzoeken bij de vakspecifieke keuzecursus in blok 2, maar je kunt ook een cursus uit de Master Kunstgeschiedenis kiezen. De colleges vinden plaats in de binnenstad. 

Het tweede jaar

Semester 2 - beroepsvoorbereiding 2 Semester 1 - vakinhoud 2
Blok 3 Blok 4 Blok 1 Blok 2
Masterstage 2 Masterscriptie
Didactiek 2
Praktijkgericht onderzoek Beroepsvoorbereidende keuzecursus Vakinhoudelijke keuzecursus / stage Vakinhoudelijke keuzecursus / stage

 

In het tweede jaar van het masterprogramma staat de invulling van de twee semesters vast, maar de volgorde ervan niet. Bovenstaande volgorde heeft de voorkeur, maar je mag de twee semesters ook omdraaien.

Blok 3 en 4 (februari - juni)

In blok 3 en 4 volg je het tweede deel van het beroepsvoorbereidend gedeelte. Je ontwikkelt je verder als eerstegraads leraar in de cursussen stage 2, pedagogiek 2 en dvakidactiek 2. Bij de stage ben je verantwoordelijk voor een eigen klas. Daarnaast oefen je met het opzetten, uitvoeren en presenteren van een kleinschalig (vak)didactisch onderzoek en volg je een keuzecursus.

Blok 1 en 2 (september - januari)

Tijdens blok 1 en 2 schrijf je je masterscriptie. Hierin koppel je de theorie en praktijk van het kunsthistorisch onderzoek aan de kunsteducatieve praktijk en levert daarmee een bijdrage aan de wetenschappelijke discussie over het kunstonderwijs of de publieksbemiddeling binnen de discipline Kunstgeschiedenis. Daarnaast heb je in dit semester twee mogelijkheden. In het kader van de scriptie kun je een stage lopen in een andere dan een instelling voor Voortgezet Onderwijs, zoals bij de educatieve dienst van een culturele instelling. Je kunt ook een of twee vakspecifieke keuzecursussen volgen.