Thuiswerken is geen nieuw verschijnsel

Thuiswerken © iStockphoto.com/hobo_018
Thuiswerken © iStockphoto.com/hobo_018

Sinds de coronacrisis moeten steeds meer mensen verplicht thuis werken. Werkgeversorganisatie AWVN voorspelt dat ook na de crisis werknemers ervoor kiezen meer vanuit huis te opereren. Werken vanuit huis is geen nieuw verschijnsel. Tijdens de Industriële revolutie was het zelfs de norm. Prof. dr. Elise van Nederveen Meerkerk (Economische en Sociale Geschiedenis) vergelijkt in Trouw de verschillen tussen toen en nu. 

Prof. dr. Elise van Nederveen Meerkerk. Foto: Ed van Rijswijk

"Een belangrijk verschil tussen thuiswerken driehonderd jaar geleden en nu zit in wat we überhaupt onder het woord ‘huis’ verstaan. Wij denken al snel aan een gezellige woonkamer, met een grote televisie, een goed ingerichte boekenkast en een hip Italiaans koffiezetapparaat in de keuken. Destijds was een woonkamer veel kaler, met niet meer dan een eettafel, wat harde stoelen en misschien één luie stoel in de hoek.”

Lessen uit het verleden 

Kunnen we meer lessen trekken uit het barre thuiswerkverleden? “Schroom niet om wat langer pauze te nemen”, zegt Van Nederveen Meerkerk. "Ondanks de zeer lange werkdagen van 10 tot soms wel 14 uur, namen knechten en werknemers in de zeventiende eeuw wel middagpauzes van één à twee uur, waarin ze konden eten, bijkomen en een dutje konden doen. Dat hadden ze ook echt nodig, omdat ze zwaar werk deden en minder energie uit hun eten haalden. Ook nu kan het prettig zijn voor thuiswerkers om écht even wat anders te doen midden op je werkdag, iets waar je op een fysiek kantoor misschien niet de kans voor had gekregen”.