De oceaan als afvoerputje: Erik van Sebille over het lozen van radioactief afvalwater

Is het lozen van radioactief afvalwater in onze oceaan een goed idee? Oceanograaf en lid van de Utrecht Young Academy Dr. Erik van Sebille deelt zijn perspectief op NPO Radio 1.

Dr. Erik van Sebille
Dr. Erik van Sebille

Acht jaar geleden voltrok zich een ramp in de kerncentrale Fukushima I in Japan. Als gevolg van een zeebeving en de hieraan gepaarde tsunami raakten de koelinstallaties van de kerncentrale dusdanig beschadigd dat de temperaturen in de centrale bleven oplopen. Dit leidde uiteindelijk tot een kernsmelting. Om de kernen weer af toe koelen werden er de afgelopen jaren duizenden liters water in de centrale gepompt.

Nu de opslag van het radioactief vervuilde water langzaam vol raakt, gaan er vanuit de Japanse overheid geluiden op om het vervuilde water in de oceaan te lozen, waar het door de natuur verdund zou worden.

Veilige doses

Hoewel het plan enige verbazing bij Van Sebille opwekte, legt hij uit dat de grootte van de Stille Oceaan het radioactieve afvalwater flink kan verdunnen. In 2013 droeg Van Sebille bij aan een onderzoek naar de verdunning van radioactief afvalwater wat al ten tijde van de ramp vrijkwam in de oceaan. Een van de bevindingen was dat op een tijdschaal van twee jaar deze radioactiviteit ook de kust van Hawaii en Noord-Amerika kon bereiken. Echter waren deze doses ongeveer tienduizend keer lager dan de veilige limieten die door de Wereldgezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties worden voorgeschreven.

Daarnaast legt Van Sebille uit dat radioactiviteit -hoewel het door veel mensen als iets engs wordt gezien- altijd om ons heen is. Zo zijn bananen licht radioactief en krijg je in een vliegtuig meer straling binnen dan de achtergrondstraling die je normaal op de grond ontvangt.

De planeet als afvoerputje

Van Sebille is echter van mening dat de lozingsstrategie vanuit een moreel oogpunt minder goed te verdedigen is: "Dit is een oplossing die rechtstreeks uit de jaren 50 lijkt te komen, voordat we als samenleving ontdekten dat de planeet niet ons afvoerputje is." Hij stelt dat we de planeet niet kunnen blijven bevuilen en dat we dit probleem op een nette en constructieve manier moeten behandelen. Van Sebille geeft echter toe dat het feit dat dit wordt voorgesteld ook laat zien dat het een groot en lastig probleem betreft, waar de juiste oplossing niet zomaar voorhanden ligt.