Profijtelijk vergroenen in de stad

De onderzoeken van Helen Toxopeus gaan over de leefbaarheid van de stad, meer specifiek over natuur in de stad. Stedelijk groen wordt traditiegetrouw gezien als een kostenpost op de begroting bij de afdeling groen. Het afgelopen decennium ziet Toxopeus dat er een verschuiving plaatsvindt. “Er wordt meer gekeken naar natuur als strategische investering. Natuur kan het antwoord zijn op allerlei sociaaleconomische maar ook culturele vraagstukken. Denken vanuit de natuur is niet langer een kostenpost, maar vooral een oplossing.”

Helen Toxopeus
Fotograaf: Wouter Verwijlen

Dr. Helen Toxopeus studeerde Internationale Economie en Bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vervolgens werkte ze bij ABN AMRO. Ze promoveerde op Financing sustainable innovation aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Binnen de Utrecht School of Economics is zij als universitair hoofddocent verbonden aan de onderzoeksgroep Strategie, Organisatie en Ondernemerschap. Daarnaast is ze bestuurslid bij het Sustainable Finance Lab, een Nederlandse denktank voor een duurzame financiële sector die verbonden is aan de Universiteit Utrecht.

In 2050 woont 70% van de wereldbevolking in steden. Steden verdichten en klimaatrisico’s –  hitte, wateroverlast en extreem weer – nemen toe. “De urgentie om nu iets te doen voor toekomstige generaties is ontzettend groot,” stelt Toxopeus. Stedelijke natuur helpt aantoonbaar bij hittestress en watertekort. Het bevordert biodiversiteit, gezondheid, welzijn, leefbaarheid en sociale cohesie. Natuur in de stad kan voor bewoners een wereld van verschil betekenen. Zeker in dichtbebouwde wijken waar de gevolgen van extreem weer door klimaatverandering hard aankomen. Natuur in de stad kost wel veel geld, maar het levert de bewoners ook veel op.

De urgentie om nu iets te doen voor toekomstige generaties is ontzettend groot.

In dit verband worden groene daken vaak als voorbeeld aangehaald. Die zorgen niet alleen voor een koelere omgeving, ook door de natuurlijke bescherming tegen uv-straling ontstaat minder schade. Groene daken gaan zo veel langer mee dan die van bitumen, weten verzekeraars inmiddels. “Maar er is meer mogelijk: het vergroenen van straten bijvoorbeeld. Het ziet er leuk uit en dat is natuurlijk een goede reden om te vergroenen. Maar je ziet óók dat door van twee naar één rijstrook te gaan, minder parkeerplekken en juist meer groen aan te leggen vergroening voor verkoeling zorgt, dat het insecten aantrekt, dat het water kan opvangen. Daarmee heeft het een risico-reducerende werking. Het levert bovendien duurzame mobiliteit op, omdat mensen gaan fietsen en wandelen. Zo kan het ook de gezondheid bevorderen.”

Multidisciplinair samenwerken

“Een van de kernpunten van mijn onderzoek is hoe je meerdere partijen enthousiast kan maken om mee te betalen. Dat kunnen burgers zijn maar ook gemeenten, verzekeringsmaatschappijen, bedrijven en fondsen.” Door middel van kwalitatief onderzoek – door veel met instanties te praten en interviews af te nemen bij mensen die zich op allerlei manieren bezighouden met het vinden van oplossingen – brengt Toxopeus in kaart wat er wereldwijd, binnen de EU maar ook in Nederland voor ontwikkelingen mogelijk zijn. Ook letterlijk, want in een eerder project heeft ze met collega's duizend cases van stedelijke natuur in voornamelijk Europa uit de Urban Nature Atlas geanalyseerd, om te kijken wie er voor deze natuur heeft betaald.

“Financiering van groen, de organisatie daarvan maar ook het onderzoek ernaar vraagt om multidisciplinair samenwerken. Dat doen we onder andere met Copernicus (het duurzaamheidsinstituut van de Universiteit Utrecht) en met nog vijf andere universiteiten in Europa. Ik ben betrokken bij HORIZON, een project dat gaat over onder andere cofinanciering van natuur in en om de stad. Ik ontwikkel momenteel een beleidsnota van de VN, over financiering van bomen in de stad. Het idee is dat die nota weer als input kan dienen voor het IPCC-rapport over steden, waaraan momenteel gewerkt wordt. Verder heb ik drie jaar meegedraaid in de City Deal over openbare ruimte in Nederland, heb ik een klimaatblog geschreven voor NRC over het idee dat natuur allemaal verschillende baten heeft, en niet alleen kosten. Ook ben ik onderdeel van het netwerk GIOS (Groen In en Om de Stad): een stedelijk natuurteam, ondergebracht bij drie verschillende ministeries. Daar heb ik mijn kennis ingebracht over financiering van nature-based solutions voor een stuk voor de Tweede Kamer. Eigenlijk wil je de puzzel leggen waarbij partijen die profiteren van natuur er ook aan meebetalen. Dat is tegelijk de moeilijkheid, het gaat niet om een puur privaat of publiek goed.”

Economie, natuur, welvaart en welzijn hangen op allerlei manieren met elkaar samen.

Groen en rechtvaardig 

Een ander aspect waar Toxopeus zich mee bezighoudt, is het vraagstuk van rechtvaardigheid. Vanwege het werk van haar ouders groeide ze op in verschillende landen. In onder andere Thailand  en Indonesië zag ze prachtige natuurgebieden, die haar de liefde voor natuur bijbrachten. Maar van jongs af werd ze er ook geconfronteerd met armoede. Ze zag vooral hoe ongelijk de welvaart verdeeld was. “Ik woonde in een gewoon huis, terwijl ik leeftijdsgenootjes zag die in een kartonnen doos onder de brug sliepen. Als zesjarige begreep ik dat niet en vroeg ik me af of dat ook anders zou kunnen. Economie, natuur, welvaart en welzijn hangen op allerlei manieren met elkaar samen. Ik wil nog steeds weten hoe dat precies werkt en waar het beter kan.” 

In haar werk laat ze zich leiden door diezelfde nieuwsgierigheid en datzelfde rechtvaardigheidsgevoel en onderzoekt ze de mogelijkheden van duurzame economische groei. “Door te investeren in natuur – in alles de basis waar we uit putten – investeer je ook in de draagkracht van de economie. Wat zijn de positieve effecten van vergroening in de stad? Als je dichtbebouwde straten groener maakt, worden de panden die er staan meer waard. Ook vastgoedeigenaren krijgen meerwaarde terug voor een straat die door de overheid vergroend is, maar hoe krijg je ze zover dat ze eraan meebetalen? Zo’n investering is nu eenmaal niet zo makkelijk in een kasstroom terug te zien, zoals bij zonnepanelen. Er zijn eigenlijk drie redenen om er geld in te stoppen. Door het risico op klimaatoverlast te verlagen (risicoreductie) kun je op een risicovolle plek toch voor de langere termijn gunstig bouwen. Ook bij inbreiding (bouwen binnen de stad) kun je door het toevoegen van natuur de vastgoedwaarde omhoog krijgen. En bij urban offsetting (het verplaatsen van bebouwing) gaat het om meestal van hogerhand opgelegde regels die ervoor zorgen dat als je op de ene plek in de stad gaat bouwen, je dat elders moet compenseren. Alle drie manieren om groen en tegelijk profijtelijk te kunnen blijven bouwen.” 

Als zo’n plek mooier en fijner wordt om te wonen, zie je vaak dat de huren omhooggaan.

Maar hoe zorg je er tegelijk voor dat je de mensen die er wonen niet uit het oog verliest? Als zo’n plek mooier en fijner wordt om te wonen, zie je vaak dat de huren omhooggaan. “Dat is, zeker voor kwetsbare groepen, geen goede ontwikkeling, dan kunnen die mensen er niet meer wonen. Het is een enorm ingewikkeld samenspel waar ook ik nog niet alle oplossingen voor heb. Maar ik breng het vraagstuk wel onder de aandacht. En hoop er nog lang onderzoek naar te kunnen doen.”

Het is een enorm ingewikkeld samenspel waar ook ik nog niet alle oplossingen voor heb.

Een vrolijke prijs

Helen Toxopeus won de Agnites Vrolikprijs 2025 van het Utrechts Universiteitsfonds. De nominatie stemt haar niet alleen vrolijk, het raakt haar echt. Bovendien onderstreept de voordracht het belang van groen en natuur in een omgeving die steeds meer verstedelijkt. Gewaardeerd worden om haar uitzonderlijke bijdrage aan de maatschappij is een fijne bevestiging van alle energie die zij in haar onderzoek steekt. Met het onderzoeksgeld van de Vrolikprijs zou ze verschillende dingen kunnen doen. “Een van de plannen is om alle Nederlandse actoren op een nationaal congres bijeen te brengen om al onze kennis te delen. Ook zou ik met hypotheekverstrekkers willen onderzoeken welke publieke en private partijen betrokken zouden kunnen worden bij het vergroenen van nu vaak versteende privétuintjes. Tot slot zou ik graag met een workshop, liefst in samenwerking met WNF, deelnemen aan de biodiversiteitsconferentie dit najaar in Armenië.”

Meer over de Agnites Vrolikprijs
José van Dijck overhandigt de Agnites Vrolikprijs aan Dr. Helen Toxopeus
Fotograaf: Bas van Hattum