'Utrechts Psalter'

Een uniek meesterwerk

Doorgedraaide godelozen, detail uit het Utrechts Psalter, topstuk uit de Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek Utrecht

Een tekening van doorgedraaide goddelozen en zondaren. Het is een kenmerkend voorbeeld van de surrealistische en dynamische stijl van de afbeeldingen uit het Utrechts Psalter. De 150 psalmen en zestien Bijbelse liederen zijn stuk voor stuk rijk geïllustreerd met verhalende tekeningen. Het Utrechts Psalter is vernieuwend voor zijn tijd, uniek in zijn soort en een trendsetter. Rond het jaar 830 werd het gemaakt, sinds 1716 wordt het bewaard in de Universiteitsbibliotheek Utrecht. Het is het kroonjuweel van Bijzondere Collecties.

Bijzondere waarde

In oktober 2015 wordt de bijzondere waarde van het Utrechts Psalter bekroond met het bijschrijven van dit manuscript in het Memory of the World Register for Documentary Heritage van UNESCO. Een topstuk pur sang, waar Bijzondere Collecties extra trots op is. In dit filmpje krijgt u uitleg wat het belang is van historische materialen als het Psalter en waarom het Utrechts Psalter op deze lijst staat.

Blader door het Utrechts Psalter

Een eerste kennismaking met het Utrechts Psalter is geen liefde op het eerste gezicht. Het is niet direct duidelijk wat de schoonheid en betekenis van dit handschrift zijn. Je moet het Psalter leren kennen en dan raak je gebiologeerd. Je moet zijn verhaal weten om de impact van dit wonderlijke manuscript te kunnen begrijpen. Vele wetenschappers zijn gefascineerd door het Utrechts Psalter. Hoe dit komt? Dit komt door de manier waarop de 166 psalmen en liederen worden uitgebeeld, en de intrigerende compositie en stijl.

Surrealistische stijl

Waarschijnlijk hebben acht verschillende kunstenaars aan de afbeeldingen gewerkt. Toch is hun stijl betrekkelijk eenduidig. Je kunt deze omschrijven als ‘nerveus’, ‘dynamisch’, ‘surrealistisch’ en ‘barok’. De afbeeldingen roepen soms vergelijkingen op met het werk van Jeroen Bosch. Het is het summum van de Reimse school uit het begin en midden van de negende eeuw, een tijd waarin meer handschriften en voorwerpen daar zijn vervaardigd. Wie de tekeningen in detail bekijkt en ze koppelt aan de tekst, ontdekt hoe verfijnd en spectaculair ze zijn. Zo word je als het ware het meesterwerk ingetrokken.

Revolutionaire kunst

Een vergelijking tussen de tekeningen in het Utrechts Psalter en die in andere handschriften uit dezelfde of voorafgaande periodes, maakt duidelijk hoe anders, vernieuwend en modern deze zijn. Het is alsof de kunst een grote stap voorwaarts doet, alsof een revolutie heeft plaatsgevonden in het bijna schetsmatig neerzetten van de scènes die de psalmverzen uitbeelden. We zien gebouwen, landschappen en hemelen, gevuld met bijvoorbeeld koningen, soldaten, engelen, heiligen, zondaars, ambachtslieden, muzikanten, kinderen of een selectie uit het dierenrijk. Christus, de psalmist of David spelen vaak een centrale rol. Maar ook Atlas, de muil van de hel of demonen met drietanden komen voor.

Tot leven gewekt

Conservator Bart Jaski met het Utrechts Psalter, topstuk uit de Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek Utrecht
Conservator Bart Jaski met het Utrechts Psalter, fotograaf Ivar Pel

Het is niet eenvoudig om psalmen tot leven te wekken. Het zijn namelijk geen verhalende teksten. Hoe moesten de kunstenaars de hulpkreten en smeekbeden van de psalmist om van zijn vijanden verlost te worden, zijn meditatie, zijn gebeden, lofredes en klachten in beeld brengen? Eén van de mogelijkheden was om de concrete beelden die opgeroepen worden door geïsoleerde woorden of verzen in de psalmteksten te illustreren. De kunstenaars van het Utrechts Psalter zijn erin geslaagd om de elementen in de psalmteksten die een letterlijke illustratie toelieten en opriepen, zo volledig mogelijk in beeld te brengen. Zij combineerden die voorstellingen in zorgvuldig opgebouwde tekeningen, die steeds over de volle breedte van de pagina boven elke psalm staan.

De eerste psalm verbeeld

We kunnen de eerste psalm als voorbeeld nemen (vgl. Van der Horst et al., 1996, 56-57). De tekst staat op fol. 2r, en die wijkt op enige punten af van de standaardtekst van de Bijbel zoals die nu gangbaar is. De afbeelding op fol. 1v is de enige die paginagroot is. Links zien we de gelukkige, welzalige man (de beatus vir uit vers 1) die zich met een boek in Gods wet verdiept (vers 2). Hij doet dat dag en nacht. Dit wordt uitgebeeld door de zon, maan en sterren boven hem. Hij zondert zich af van de zondaars die in het gestoelte der pest (in cathedra pestilentiae) zitten. Deze bevinden zich rechtsboven, ze zijn duidelijk gewapend. Kleine slangen kronkelen via de rechter pijler bij de stoel omhoog. De beatus vir, daarentegen, is als een boom die geplant is aan stromend water (vers 3), zoals we links in het midden zien. De wettelozen worden echter als kaf door de wind verstrooid (vers 4). Rechts van de boom zien we de wind, uitgebeeld door een blazend hoofd die de gewapende figuren in het midden aan het wankelen brengt. Zij houden niet stand waar Gods wet regeert (vers 5), en hun weg loopt dood (vers 6). We zien dat zij, geholpen door gevleugelde demonen, in de muil van de hel worden gedreven. Zij zijn verdoemd.

fol 1v Utrechts Psalter, topstuk uit de Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek Utrecht
fol. 1v van het Utrechts Psalter

Waar, wanneer, voor wie en meer vragen

Alle 150 psalmen en zestien cantica worden op deze manier verbeeld. Door de combinatie van het intellectuele programma om dit te volbrengen en de vernieuwende en beeldende stijl waarin dit wordt gedaan, is het Utrechts Psalter zo fascinerend. De wetenschap vraagt zich natuurlijk af wie dit hebben gemaakt, waar, wanneer, voor wie en waarom, en waardoor zij geïnspireerd raakten. Deze vragen hebben geleid tot een lange reeks onderzoeken, interpretaties en discussies. The Utrecht Psalter in medieval art: picturing the psalms of David uit 1996 geeft in de meeste opzichten de laatste stand van zaken, al bestaat er nog steeds geen consensus over kwesties als de datering en de interpretatie van bepaalde afbeeldingen.

Ontstaan van het Utrechts Psalter

De meeste specialisten onderschrijven dat het Utrechts Psalter in de jaren 820-30 werd vervaardigd in Reims of de nabij gelegen abdij Hautvillers, waarschijnlijk in opdracht van aartsbisschop Ebbo. Het was mogelijk een geschenk voor Karel de Grotes zoon Lodewijk de Vrome , zijn vrouw Judith, of anders hun pasgeboren zoon, de latere keizer Karel de Kale. Men wijst verder naar de laat-Romeinse iconografie en het gebruik van de laat-Romeinse capitalis rustica als schrift om aan te tonen dat de afbeeldingen (ten dele) teruggrijpen op een of meerdere modellen uit de vijfde eeuw of rond die tijd. Het gaat echter niet om een kopie hiervan. De afbeeldingen lijken Karolingische elementen, interesses en interpretaties te bevatten. Sommigen vermoeden zelfs politieke boodschappen in bepaalde afbeeldingen.

Het Psalter verhuist naar Engeland

De Reimse stijl van het Utrechts Psalter, maar zeker ook de afbeeldingen van bepaalde psalmen, bleven nog decennia lang een inspiratiebron, zeker aan het hof van Karel de Kale (†877). Om nog onbekende redenen kwam het handschrift omstreeks het jaar 1000 in het Engelse Canterbury terecht, en was de directe inspiratiebron voor de vervaardiging van het Harley Psalter (elfde eeuw), het Eadwine Psalter (twaalfde eeuw) en het Parijse (Anglo-Catalaanse) Psalter (twaalfde eeuw). Het Utrechts Psalter was een trendsetter, dat eeuwen na zijn vervaardiging nog invloed uitoefende op de productie van nieuwe psalters. Dat is uitzonderlijk bij handschriften.

Op weg naar Utrecht

Na de Reformatie kwam het handschrift in handen van de beroemde verzamelaar Robert Cotton (†1631), die het opnieuw liet inbinden, en er twaalf bladen van een evangelie uit Northumbrië uit de vroege achtste eeuw aan toevoegde – fragmenten van eveneens een bijzonder handschrift. Ook de ontvreemding van het Psalter uit Cottons collectie en hoe het in De Nederlanden belandde is een opmerkelijk verhaal. Tenslotte kwam het in handen van de Utrechter Willem de Ridder, die het in 1716 aan de Universiteitsbibliotheek in de Janskerk schonk. Vandaar dat het nu het Utrechts Psalter heet.

fol 90v uit het Utrechts Psalter, topstuk uit de Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek
fol. 90v uit het Utrechts Psalter

Controverses

Het Utrechts Psalter bevat een afschrift van de zogenaamde geloofsbelijdenis van Athanasius, die rond 1870 in Groot-Brittannië de inzet van een verhitte discussie vormde: hoorde deze tekst (ook bekend als Quicumque vult) bij de vroegchristelijke geloofsleer of niet? Zo ja, dan hoorde zij in de Anglicaanse kerkdienst, ook al was de tekst inhoudelijk vele anglicanen een doorn in het oog, omdat ze te katholiek werd bevonden. De ouderdom van het Utrechts Psalter (laat-Romeins of Karolingisch), met daarin Quicumque vult (fol. 90v-91r) werd als beslissend gezien. Vandaar dat uiteindelijk de Engelse regering de Universiteit Utrecht verzocht of zij in Londen een facsimile mochten laten produceren, zodat het beter bestudeerd kon worden. En daarmee kwam het handschrift in de schijnwerpers te staan. Ook al werd uiteindelijk geconcludeerd dat het Utrechts Psalter in de negende eeuw thuishoorde, de geloofsbelijdenis van Athanasius bleef zijn plaats houden in de Anglicaanse kerk. De controverses die het handschrift nu nog oproept, worden vooral uitgevochten onder kunsthistorici.

Replica's van het Utrechts Psalter

Het Utrechts Psalter is een van de eerste handschriften die volledig in een fotografische facsimile is uitgegeven. Dit gebeurde in 1873, naar aanleiding van het bovengenoemde verzoek van de Engelse regering. De oprichting van de Palaeographical Society in Londen was daarmee ook een feit. Er volgde een nieuwe facsimile met uitgebreid commentaar in 1932, een in kleur in 1984, een destijds innovatieve CD-ROM in 1996, en een nieuwe en complete online editie in 2013. Daarnaast zijn er verschillende wetenschappelijke monografieën over het handschrift verschenen (bv. De Gray Birch 1876; Tikkanen 1903; DeWald 1932; Wormald 1953, Engelbregt 1965; Dufrenne 1978), tientallen artikelen die het als onderwerp hebben, en het aantal publicaties dat naar het Utrecht Psalter verwijzen loopt richting de duizend. In 1996 verscheen een bundel naar aanleiding van de tentoonstelling The Utrecht Psalter in medieval art: picturing the psalms of David in het Catharijneconvent. Het Utrechts Psalter is natuurlijk ook opgenomen in I.F. Walther, The world's most famous illuminated manuscripts 400 to 1600 (2001). Tevens wordt het afgebeeld in standaardwerken die door duizenden studenten zijn gelezen, zoals Barbara Rosenwein’s A short history of the Middle Ages (3e ed., 2009), of Peter Brown’s The rise of Western Christianity (herz. ed., 2013).

Een wereldberoemd handschrift

Het Utrechts Psalter is het kostbaarste handschrift dat zich in een Nederlandse collectie bevindt. Er is geen enkel handschrift in een Nederlandse collectie waar zoveel over is geschreven, en waarvan er zoveel reproducties zijn gepubliceerd, zowel in boekvorm als digitaal op internet.