Studieprogramma
De Wiskunde bachelor duurt drie jaar. Elk jaar bestaat uit vier blokken van tien weken. Per blok volg je twee vakken en elk blok wordt afgesloten met een tentamenweek. In de lijst op deze pagina staan alle wiskundevakken die aangeboden worden.
Vakken
Bekijk het uitgebreide aanbod van mogelijke (keuze)vakken. Dit geeft je een goed idee van wat je kunt verwachten bij het samenstellen van je eigen studieprogramma. In totaal bevat de bacheloropleiding 45 studiepunten aan keuzevakken. Je kan voor deze keuzeruimte kiezen uit het hele aanbod van de universiteit, maar het mogen ook wiskundevakken zijn. Ben je al student? Dan kunnen je vakken afwijken van deze lijst. Gebruik voor je studieplanning de studentenwebsite en CursusPlanner.
Studieadviespaden
In het tweede en derde jaar mag je zelf je vakken kiezen. Je kunt je hierbij laten leiden door de zogenaamde studiepaden, waarmee je binnen je studie al een bepaalde richting kiest. Maar je kunt ook je eigen studiepad bepalen: je kiest dan de vakken die jij het interessantst vindt. We noemen hieronder enkele voorbeelden.
Zuivere analyse en toegepaste analyse
Je gaat heel nauwkeurig en abstract kijken naar functies en naar differentiëren en integreren. Dit kan bijvoorbeeld toegepast worden op het oplossen van differentiaalvergelijkingen, die een cruciale rol spelen in de natuurkunde, biologie, meteorologie en op vele andere plekken.
Topologie & meetkunde, algebra en logica
Dit studiepad omvat de meest abstracte wiskunde. In de Topologie houd je je bezig met de eigenschappen van meetkundige figuren die niet veranderen als je ze vervormt (dus zonder te plakken, breken of scheuren). Voor een topoloog zijn de aarde en een voetbal hetzelfde, maar niet gelijk aan een donut of een DVD-schijfje. In de Algebra bestudeer je optellen en vermenigvuldigen, maar dan in de meest algemene vorm.
Geschiedenis van de wiskunde
Wiskunde kent een geschiedenis die minstens 4000 jaar terug gaat, tot de Babyloniërs en Egyptenaren. Hoe hebben ontwikkelingen in de Wiskunde de maatschappij beïnvloed - en andersom? Je kunt het vak Geschiedenis van de Wiskunde kiezen en je bachelorscriptie schrijven over een geschiedkundig onderwerp.
Scientific computing
Je leert om via wiskundige methoden snelle en nauwkeurige berekeningen uit te voeren met grote computers voor complexe maatschappelijke vraagstukken. Denk bijvoorbeeld aan medisch onderzoek (MRI scans), het opstellen van vliegschema's voor vliegvelden en het voorspellen van het weer en het klimaat.
Stochastiek
Stochastiek is een combinatie van statistiek en kansrekening. Je bestudeert de stochastiek heel abstract, maar je gebruikt het ook in toepassingen zoals sociaal-wetenschappelijk onderzoek of het analyseren van de beurskoersen.
Werkvormen
Er zijn verschillende soorten werkvormen die terugkomen in de vakken die je volgt. Een indicatie van de verhoudingen hiertussen in het eerste jaar is:
| Werkvorm | Tijdsbesteding |
|---|---|
| Hoorcollege | 20% |
| Werkcollege | 20% |
| Zelfstudie | 60% |
De colleges zijn voor het merendeel in het Nederlands. Ongeveer 50% van de literatuur is in het Engels.
Studielast
Het tempo van een universitaire studie ligt hoger dan je van de middelbare school gewend bent. Je maakt soms lange dagen en je moet in staat zijn om veel (vaak Engelse) stof snel te verwerken. Je moet rekenen op een volle werkweek als je wiskunde gaat studeren. Je volgt hoor- en werkcolleges op de universiteit. Daarnaast oefen je met de stof, zowel zelfstandig als samen met anderen.
Groepsgroottes
Er zijn gemiddeld 140 eerstejaars studenten die aan de studie Wiskunde beginnen. In de hoorcolleges zit je dan ook met 140 medestudenten. Bij een werkcollege zitten in het eerste jaar gemiddeld 30 studenten.
Naar het buitenland
Tijden de opleiding Wiskunde kun je in je profileringsruimte driekwart jaar aan een buitenlandse universiteit studeren. We hebben goede contacten met veel universiteiten in het buitenland, van Noorwegen tot Japan en van Spanje tot de Verenigde Staten. Je kunt ook tijdens je masterfase van de opleiding wiskunde voor een stage naar het buitenland gaan.
Educatieve minor
Je kunt een deel van je keuzevakken gebruiken om de educatieve minor te volgen, waarin je leert hoe je wiskunde aan leerlingen overbrengt. Naast de theorie loop je stage op een school. Maar het bereid je ook voor op andere vormen van educatie, zoals het geven van trainingen en workshops. Met deze minor ben je na het behalen van je bachelordiploma bevoegd om les te geven in alle klassen van het vmbo en de onderbouw van de havo en het vwo.
Bindend studieadvies
Net als op alle andere Nederlandse universiteiten hanteren we in Utrecht een bindend studieadvies (BSA). Dit betekent dat je in je eerste studiejaar een minimum aantal studiepunten moet halen om verder te mogen met je studie. Bij wiskunde ligt dit minimum op 45 studiepunten (van de in totaal 60 te behalen punten). Haal je dit niet, dan moet je met je studie stoppen. De studieadviseur helpt je bij het zoeken naar een studie die beter bij je past.