tot

Promotie van A.M. Voorberg-Van Der Wel

Shedding light on malaria hypnozoites: Dissecting dormancy and activation

Bij vivax-type malaria kunnen ‘slapende’ vormen van de malariaparasiet, zogenaamde hypnozoieten, zich in de lever nestelen. Na verloop van tijd kunnen deze vormen weer actief worden, waardoor opnieuw ziekte kan ontstaan en transmissie via de mug opnieuw kan plaatsvinden. Dit maakt het moeilijk om malaria te elimineren en daarom zijn dringend nieuwe medicijnen nodig tegen dit latente parasietstadium. Er is echter vrijwel niets bekend over de biologie van hypnozoieten.

De vivax-type parasieten die in de mens malaria veroorzaken zijn moeilijk te bestuderen, omdat er geen goed in vitro- kweeksysteem bestaat voor de parasietvormen die nodig zijn voor transmissie. De nauw verwante apenmalariaparasiet Plasmodium cynomolgi biedt een toegankelijker hypnozoiet-onderzoeksmodel. Het onderzoek dat in dit proefschrift is beschreven, is met deze parasiet verricht. Het doel van dit proefschrift was om de genetische eigenschappen van hypnozoieten in kaart te brengen en deze kennis te gebruiken voor optimalisatie van geneesmiddelentesten tegen hypnozoieten.

Om deze zeldzame vormen te kunnen bestuderen hebben we DNA in de parasiet gebracht, waarmee we de parasiet zichtbaar konden maken en zuiver in handen konden krijgen. We zagen dat de hypnozoieten steeds ‘dieper in slaap’ komen naar mate de tijd vordert. Slechts bepaalde kern-processen blijven actief. We toonden aan dat deze parasieten desondanks toch weer kunnen ‘ontwaken’ in kweek en hun groei weer kunnen vervolgen. Bovendien konden we met behulp van de DNA-technologie hypnozoieten in kweek op een snelle en gevoelige manier detecteren. Dit maakt het mogelijk om op grotere schaal geneesmiddelen te testen die hypnozoieten kunnen doden.

Begindatum en -tijd
Einddatum en -tijd
Locatie
Online (link)
Promovendus
A.M. Voorberg-Van Der Wel
Proefschrift
Shedding light on malaria hypnozoites: Dissecting dormancy and activation
Promotor(es)
prof. dr. R.E. Bontrop
Co-promotor(es)
dr. C.H.M. Kocken