Promotie: Baanonzekerheid en mentale gezondheid

tot
Academiegebouw

Op 29 augustus om 10.15 uur verdedigt Peter Douwe van der Meer zijn proefschrift over baanonzekerheid en mentale gezondheid aan de Universiteit Utrecht. De volledige titel van zijn proefschrift luidt: Job insecurity and mental health. Essays on the effect of job insecurity on mental health and the moderating effect of religiousness and psychological factors.

Samenvatting

Is er een verband tussen baanonzekerheid en mentale gezondheid? Eerdere onderzoeken tonen een negatief verband aan. Maar is baanonzekerheid ook echt de oorzaak van een verminderde mentale gezondheid? Of spelen persoonskenmerken hier ook een rol? Optimisme kan bijvoorbeeld zorgen voor minder baanonzekerheid en een betere mentale gezondheid.

In dit onderzoek naar de effecten van baanonzekerheid op de mentale gezondheid wordt een onderzoeksmethode gehanteerd die dergelijke persoonskenmerken als verklaringsgrond uitsluit en puur kijkt naar hoe veranderingen in baanonzekerheid samenhangen met veranderingen in mentale gezondheid. Met dezelfde methode onderzoeken we vervolgens ook of iedereen in dezelfde mate een achteruitgang in mentale gezondheid ervaart als gevolg van baanonzekerheid, of dat sommige groepen meer van baanonzekerheid te lijden hebben dan andere. We maken daarbij hoofdzakelijk gebruik van gegevens van Nederlandse werknemers over de jaren 2008-2018.

Met deze weinig gebruikte onderzoeksmethode vinden we dat baanonzekerheid een gemiddeld genomen vrij klein effect heeft op de mentale gezondheid; veel kleiner dan het verband dat gesuggereerd werd met de gebruikelijke onderzoeksmethoden. Hieruit blijkt dat het in eerdere onderzoeken gevonden verband in belangrijke mate gedreven wordt door verschillen in persoonskenmerken. Achter het door ons gevonden gemiddeld vrij kleine effect gaan echter grote verschillen schuil; sommige groepen hebben duidelijk meer moeite dan andere met het omgaan met baanonzekerheid. 

Mannen versus vrouwen

Alleen bij mannen wordt bijvoorbeeld een achteruitgang in mentale gezondheid door baanonzekerheid gevonden, bij vrouwen gemiddeld genomen niet. Dat heeft niet te maken met vermeend mannelijk kostwinnerschap, mogelijk wel met sociale normen omtrent betaald werk.

Hogere versus lagere opleiding

Verder worden negatieve gevolgen voor de mentale gezondheid vooral gevonden bij mannen met een middelbaar opleidingsniveau en in mindere mate bij mannen met een hoger opleidingsniveau. Negatieve effecten van baanonzekerheid op de mentale gezondheid worden alleen gevonden bij mannen met een vast contract. 

Hoger versus lager inkomen

Bovendien nemen de negatieve effecten van baanonzekerheid toe met het inkomen. In dit onderzoek blijkt het nadelige mentalegezondheidseffect van baanonzekerheid het grootst voor mannen (en in dit geval ook vrouwen) met een netto maandinkomen van minimaal €3.000.

Religieus versus ongelovig

In het onderzoek blijken religieuze werknemers in het algemeen, en protestanten onder hen in het bijzonder, ondanks een juist hoger risico vanwege een sterker arbeidsethos, gevrijwaard te blijven van nadelige mentalegezondheidseffecten van baanonzekerheid. Een onwrikbaar geloof in het bestaan van God en geloof in een leven na de dood zijn hiervoor vermoedelijk verantwoordelijk. Het geloof in God en in het hiernamaals lijkt alleen werknemers te beschermen die vaak religieuze bijeenkomsten bijwonen.

Big5 persoonlijkheidstrekken

In het onderzoek naar de invloed van de bekende Big5-persoonlijkheidstrekken (openheid, zorgvuldigheid, extraversie, vriendelijkheid en neuroticisme) op het mentalegezondheidseffect van baanonzekerheid worden Nederlandse, Duitse en Australische data gebruikt. Tegen de verwachting in wordt in Nederlandse en Duitse data (vrijwel) geen bewijs gevonden dat de Big5-persoonlijkheidstrekken van invloed zijn op het mentalegezondheidseffect van baanonzekerheid. Australische data suggereren dat extraversie een dempend effect heeft op de verslechtering van de mentale gezondheid bij baanonzekerheid, en dat openheid voor ervaring en neuroticisme een versterkend effect hebben op de verslechtering van de mentale gezondheid bij baanonzekerheid.

Hogere of lagere zelfeffectiviteit

Eerder onderzoek toonde aan dat zelfeffectiviteit, de overtuiging die mensen hebben over de eigen bekwaamheid om met succes de omgeving te beïnvloeden, op enkele uitzonderingen na gunstig is in allerlei uitdagende omstandigheden. Een opvallende bevinding in dit proefschrift is dat zelfeffectiviteit - alleen voor vrouwen - een risicofactor blijkt te zijn wanneer zij geconfronteerd worden met baanonzekerheid: een hogere initiële zelfeffectiviteit versterkt bij vrouwen het negatieve mentalegezondheidseffect van baanonzekerheid.

Conclusie

Met dit onderzoek kunnen we meer zeggen over het effect van baanonzekerheid op de mentale gezondheid. Het effect blijkt kleiner te zijn dan met eerdere onderzoeksmethoden werd gerapporteerd. Hoewel we een aantal zaken hebben kunnen uitsluiten, mag het door ons gevonden effect niet als oorzakelijk worden geïnterpreteerd; we kunnen de mogelijkheid niet uitsluiten dat veranderingen in de mentale gezondheid juist de oorzaak zijn van veranderingen in de perceptie van baanonzekerheid. Ons onderzoek geeft verder inzicht in groepen die kwetsbaarder lijken voor de gevolgen van baanonzekerheid dan andere. Op de werkplek kan hier door werkgevers en werknemersorganisaties bij dreigende baanonzekerheid rekening mee worden gehouden.
 

Begindatum en -tijd
Einddatum en -tijd
Locatie
Academiegebouw, Domplein 29, Utrecht
Promovendus
Peter Douwe van der Meer
Proefschrift
Job insecurity and mental health. Essays on the effect of job insecurity on mental health and the moderating effect of religiousness and psychological factors.
Promotor(es)
prof. dr. J. Plantenga
Entree
Niet van toepassing
Aanmelden

Niet nodig

Meer informatie
Full text via Utrecht University Repository