11 april 2018 van 09:15 tot 18:00

Groot Aanbestedingsrechtcongres: 'De stand van het aanbestedingsrecht: coherent kader of belemmering?'

logo's uu vu
Dit congres is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Utrecht en de Vrije Universiteit Amsterdam en wordt georganiseerd door de VU Law Academy.

Datum: woensdag 11 april 2018
Locatie: Auditorium hoofdgebouw Vrije Universiteit Amsterdam

De politiek-bestuurlijke visie op inkopen en aanbesteden is de laatste jaren aanzienlijk veranderd. Aanbestedingen worden niet (uitsluitend) gezien als instrument van economisch beleid voor het creëren van economische groei en banen, maar als krachtig instrument om de samenleving op duurzame, slimme en rechtvaardige wijze in te richten.

De vraag die tijdens dit congres centraal staat luidt: in hoeverre biedt de huidige Aanbestedingswet een geschikt juridisch kader om die gewenste ontwikkeling te faciliteren? Schiet de wet niet tekort, nu zij overheidsaanbesteders onvoldoende handvatten biedt voor het maken van keuzes met het oog op het optimaal realiseren van de inkoopdoelstellingen? 

Programma
09:00-09:30

Ontvangst met koffie en thee

09:30-09:40

Opening door Elisabetta Manunza.

09:40-10:00

Chris Jansen - Juridisering van het inkoopproces? 

10:00-12:10

Deelthema 1: Wie hebben toegang tot de aanbestedingsprocedure? 
Over burgerparticipatie, MKB, sociale ondernemingen, start-ups en andere nieuwe deelnemers in een veranderende samenleving.

  • Korte, opiniërende bijdrage door Niels Bosma
  • Maarten Schurink (onder voorbehoud): Hoe verdedigbaar is een voorkeursbehandeling voor nieuwe spelers?
  • Willem Janssen: De sociale markteconomie leidt tot juridische spanningen
  • Pieter Kuijpers: Daadwerkelijke of 'eerlijke' mededinging? De nieuwe inschrijvers en het mededingings- en staatseunrecht
  • Elisabetta Manunza - Synthese: de nieuwe inschrijvers en het aanbestedingsrecht. Dwingende of optionele regulering? 

De sprekers hebben een gemiddelde spreektijd van 15 minuten en gaan na afloop van hun inleidingen in gesprek met elkaar en met de deelnemers

(Tussen 10:45 en 11:15 uur wordt er gepauzeerd)

12:10-13:10

Lunch

13:10-14:50

Deelthema 2: Hoe moet de aanbestedingsprocedure worden voorbereid, ingericht en afgewikkeld? 
Over het realiseren van aanvullende beleidsdoelstellingen die verband houden met sociale en duurzaamheidsaspecten

  • Korte, opiniërende bijdrage door Richard Sandee 
  • Sprekers: Matthijs Huizing - Aanbesteden en inkopen is geen bijzaak: basisbehoeften en aanvullende beleidsdoelstellingen
  • André Weimar - Een betere wereld via aanbestedingen bereiken is een hele uitdaging
  • Ditmar Waterman - Bij onze gemeente doen we het zo, en dat lijkt te werken
  • Jan-Michiel Hebly - Synthese: welke afslag kiezen we? Regulering of beleidsinstrumenten? 

De sprekers hebben een gemiddelde spreektijd van  minuten en gaan na afloop van hun inleidingen in gesprek met elkaar en met de deelnemers

14:50-15:20

Pauze

15:20-17:00

Deelthema 3: Hoe moet verspilling tijdens de contractuitvoering worden voorkomen? 
Over het realiseren van aanvullende beleidsdoelstellingen die verband houden met het beperken van transactiekosten

  • Korte, opiniërende bijdrage door Siem Eikelenboom, onderzoeksjournalist bij het Financieele Dagblad
  • Jeannine Peek - Waarom kost het altijd meer dan gedacht (en duurt het ook nog eens langer)?
  • Joost Fijneman - Contracteren zonder 'blinde vlekken'? We krijgen het maar niet georganiseerd! 
  • Steven van Garsse - Optimaal afstemmen van vraag en aanbod en tijdens een aanbestedingsprocedure
  • Chris Jansen - Synthese: flexibele aanbestedingsprocedures de norm? 

De sprekers hebben een gemiddelde spreektijd van  minuten en gaan na afloop van hun inleidingen in gesprek met elkaar en met de deelnemers

17:00-17:10

Afsluiting door Elisabetta Manunza

17:10-18:00

Kleine rinfresco

Achtergrond en thematiek van het congres

Naar een sociale markteconomie

De politiek-bestuurlijke visie op inkopen en aanbesteden is de laatste jaren aanzienlijk veranderd. Oorzaak hiervoor zijn onder andere de politieke paradigmaverschuiving van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving en de wijziging in het Verdrag van Lissabon van het oude concept van de open markteconomie met vrije mededinging in een ‘sociale markteconomie’. De aandacht is niet meer primair gericht op de traditionele inkooprelatie tussen de overheid als opdrachtgever en het bedrijfsleven als opdrachtnemer. 

De burgers als eindgebruiker

Via overheidsinkoop worden tal van diensten georganiseerd die – direct of indirect – essentieel zijn voor het leven en welzijn van burgers. Daarom is de aandacht inmiddels verschoven naar de burgers als eindgebruiker van de diensten die de overheid voor hem organiseert. Deze burgers verwachten in ruil voor hun belastinggeld dat die diensten van hoge kwaliteit zijn. Bewoners verwachten dat steden duurzaam, slim en veilig worden ingericht; reizigers verwachten veilige en hoogwaardige infrastructuur; patiënten verwachten gezondheidszorg van de hoogste kwaliteit en de meest innovatieve medische uitrusting en diagnostische instrumenten. Burgers als individuen of verenigd in corporaties of initiatieven vragen aandacht voor betere lokale leefomstandigheden en eisen inspraakrechten in de besluitvorming, ook in het kader van aanbestedingen. Daarmee worden aanbestedingen niet (enkel meer) gezien als instrument van economisch beleid voor het creëren van economische groei en banen, maar als krachtig instrument om de samenleving op duurzame, slimme en rechtvaardige wijze in te richten. 

Inkoop- en aanbestedingsprocessen complexer

Diensten van hoogwaardige kwaliteit tegen de beste prijs inkopen en tegelijkertijd allerlei andere doelen nastreven, zoals sociale en duurzaamheidsaspecten, de bescherming van mensenrechten, de bevordering van innovatie, het verbeteren van de toegang voor het MKB en de beperking van de met de totale inkoop gemoeide transactiekosten, maakt inkoop- en aanbestedingsprocessen complexer. Dat vergroot op zich al de kans dat de met die processen beoogde doelstellingen onvoldoende worden gerealiseerd. De Aanbestedingswet lijkt eerder bij te dragen aan dat probleem dan het op te lossen. Immers, die wet biedt aanbesteders weliswaar flexibiliteit en allerlei keuzemogelijkheden, bijvoorbeeld voor de toe te passen procedure, de selectie-eisen om de technische en beroepsbekwaamheid van de inschrijver te toetsen, de gunningscriteria om het kwaliteitsniveau van de aangeboden dienst te meten en de gunningsmethodieken die uiteindelijk de winnende inschrijving zullen bepalen, maar geeft aanbesteders onvoldoende handvatten die hen helpen om te kiezen.

Europese Commissie

De Europese Commissie heeft onlangs impliciet erkend dat de laatste generatie Aanbestedingsrichtlijnen (2014) (nog) niet voor de gehoopte vereenvoudiging van procedures heeft gezorgd. Zij deed dat in een aanbeveling aan de lidstaten waarin zij de inzet op langdurige professionaliseringstrajecten bepleit. De Commissie is van oordeel dat slimme, duurzame en inclusieve inkoop vraagt om nieuwe deskundigheid die bij overheidsinkopers ontbreekt. En dat leidt volgens de Commissie tot een verlies van jaarlijks 200 miljard euro. 

Wat doet Nederland (niet)?

Nederland heeft de Commissie laten weten dat zij professionalisering met het oog op slimme en duurzame overheidsinkoop een nationale en niet een Europese aangelegenheid vindt. Die professionalisering kan volgens Nederland ook worden bereikt met minder vergaande maatregelen, zoals het uitwisselen van kennis en ervaringen. Aan die uitspraak lijkt de veronderstelling ten grondslag te liggen, zoals de minister van Economische Zaken en Klimaat al eerder heeft verklaard, dat de problemen met betrekking tot de naleving van het aanbestedingsrecht niet in de Aanbestedingswet zelf zitten, maar in de toepassing daarvan. Daar zou tegen kunnen worden ingebracht dat de noodzaak tot investeren in verdere professionalisering van overheidsinkoop, buiten de Aanbestedingswet om, nu juist mede lijkt te worden veroorzaakt doordat diezelfde wet overheidsaanbesteders met onnodig veel keuzemogelijkheden belast. Daardoor moeten zij iedere keer weer onnodig veel knopen doorhakken, met als gevolg dat het risico op suboptimale inkoop onnodig groot blijft. 

Vraagstelling en doelstelling van het congres

De politiek-bestuurlijke visie op inkopen en aanbesteden is de laatste jaren aanzienlijk veranderd. Aanbestedingen worden niet (enkel meer) gezien als instrument van economisch beleid voor het creëren van economische groei en banen, maar als krachtig instrument om de samenleving op duurzame, slimme en rechtvaardige wijze in te richten. De vraag die tijdens dit congres centraal staat luidt: in hoeverre biedt de huidige Aanbestedingswet een geschikt juridisch kader om die gewenste ontwikkeling te faciliteren? Schiet de wet niet te kort, nu zij overheidsaanbesteders onvoldoende handvatten biedt voor het maken van keuzes met het oog op het optimaal realiseren van de inkoopdoelstellingen? 

In het verlengde van de beantwoording van deze vragen hopen we tijdens het congres duidelijk te maken dat:
(i)    er een juridische grondslag bestaat voor de verplichting van aanbestedende diensten om aanvullende beleidsdoelstellingen te realiseren met hun inkoop, 
(ii)    de Aanbestedingswet daaraan in de weg staat, althans dit onvoldoende faciliteert en dat
(iii)    hier onvoldoende over is nagedacht in het politieke besluitvormingsproces dat tot de huidige regulering heeft geleid zowel op EU als op nationaal niveau. 

Het congres zou aldus een bijdrage kunnen leveren aan het verdere debat over de volgende vragen:
(i)    zou de wetgever de verplichtingen van aanbestedende diensten om via overheidsinkoop aanvullende beleidsdoelstellingen te realiseren niet beter moeten verduidelijken en moeten zorgen voor een  coherente inbedding van die verplichtingen in het bestaande juridisch kader?; 
(ii)    zou de wetgever niet moeten voorzien in een beter juridisch kader, dat aanbestedende diensten beter in staat stelt om van geval tot geval antwoord te kunnen geven op vragen als: ‘Wat zijn de specifieke behoeften waar ik met mijn inkoop in wil voorzien?’; ‘Hoe kan ik dat organiseren?’; ‘Welke middelen heb ik daarvoor tot mijn beschikking’?; ‘In hoeverre ben ik in dat kader aan het recht gebonden en in hoeverre beschik ik over beleidsvrijheid?

Drie deelthema’s

De centrale thematiek, vraagstelling en doelstelling zullen tijdens het congres worden uitgewerkt aan de hand van een drietal deelthema’s. De volgorde van behandeling van deze deelthema's loopt synchroon met het normale verloop van een inkoop- en aanbestedingsproces. De deelthema’s zijn:

1.     Wie hebben toegang tot de aanbestedingsprocedure? 
    
Over burgerparticipatie, MKB, sociale ondernemingen, start-ups en andere nieuwe deelnemers in een veranderende samenleving.Burgers als individuen of verenigd in corporaties of initiatieven vragen aandacht voor betere lokale leefomstandigheden en eisen inspraakrechten in de besluitvorming, ook in het kader van aanbestedingen. Sociale ondernemingen menen oplossingen te kunnen aandragen voor de grote maatschappelijke uitdagingen van deze tijd. Maar in welke juridische relatie staan zij tot de overheid? Zijn burgerinitiatieven als ‘inschrijvers’ te beschouwen en dienen zij naast reguliere ondernemingen in competitie opdrachten te verwerven? En wat te denken van sociale ondernemingen? Kan (of moet?) de overheid dit soort nieuwe spelers op de markt (inclusief start-ups) bevoordelen ten opzichte van reguliere ondernemingen?

2.    Hoe moet de aanbestedingsprocedure worden voorbereid, ingericht en afgewikkeld? 
    
Over het realiseren van aanvullende beleidsdoelstellingen die verband houden met sociale en duurzaamheidsaspecten.

De voorbereiding, inrichting en afwikkeling van een aanbestedingsprocedure is van oudsher afgestemd op de traditionele doelstelling van het tot stand brengen van een inkooprelatie tussen de overheid als opdrachtgever en het bedrijfsleven als opdrachtnemer. Wanneer aanbestedingsprocedures echter tevens gebruikt gaan worden als instrument om aanvullende sociale en milieubeleidsdoelstellingen te realiseren, vergt dat een nadere doordenking en herijking van de opzet en organisatie van die procedures in het licht van de vragen die tijdens het congres centraal staan. 

3.    Hoe moet verspilling tijdens de contractuitvoering worden voorkomen?
    
Over het realiseren van aanvullende beleidsdoelstellingen die verband houden met het beperken van transactiekosten.

Een regelmatig voorkomend fenomeen – met name bij de inkoop van prestaties die specifiek moeten worden toegesneden op de individuele behoeften van de aanbestedende dienst – is dat tijdens de fase van de contractuitvoering vertragingen en meerkosten ontstaan die mede hun oorzaak vinden in de voorbereiding, inrichting en afwikkeling van de voorafgaande aanbestedingsprocedure. Dit fenomeen doet zich bijvoorbeeld voor bij overheidsinkoop in de bouw, de ict en is inmiddels ook zichtbaar in de zorg. Ook dit fenomeen kan worden geproblematiseerd aan de hand van de vragen die tijdens het congres centraal staan.

Opzet

Voor elk deelthema is tijdens het congres voldoende tijd beschikbaar. Per deelthema zullen de volgende vragen aan bod komen:

1.   Wat vinden we er van dat inkoop- en aanbestedingsprocedures, die van oudsher gericht waren op het voorzien in behoeften van de overheid, nu gekoppeld worden aan het realiseren van doelen van algemeen belang, zoals duurzaamheid, solidariteit, innovatie?

2.   Hoe moet een aanbestedende dienst in het concrete geval zijn keuzes maken om wel/niet op die doelstelling in te zetten?

3.   Zijn de te maken keuzes ten aanzien van de met de inkoop te realiseren doelstellingen dwingende of optioneel? Nationaal of Europees bepaald?

4.   In hoeverre wordt het realiseren dan die doelstellingen door het bestaande juridische kader belemmerd?

5.   Welke mogelijkheden biedt het juridisch kader op dit moment reeds om die doelstellingen mede te realiseren?

6.   Concluderend: wat zijn in de kern nog de (juridische) problemen en wat zou door de Europese dan wel de nationale wetgever moeten worden opgelost?

Elk deelthema zal worden ingeleid met een verrassende ‘amuse’, waarna de bovenstaande vragen in een viertal inleidingen besproken zullen worden. Een eerste korte provocatieve inleiding zal tot uitdrukking brengen waar de maatschappelijke spanningen liggen. Vervolgens komt in een tweede problematiserende inleiding de focus te liggen op het juridische spanningsveld. In de derde inleiding wordt gepoogd beargumenteerde oplossingsrichtingen aan te dragen, waarna in een slotbeschouwing op de voorafgaande inleidingen wordt teruggekeken. Voor elk deelthema is voorzien in een gedachtewisseling tussen sprekers en deelnemers aan het congres.

Sprekers

Dr. Niels Bosma, universitair docent duurzaam/sociaal ondernemerschap verbonden aan het Social Entrepreneurship Initiative van de Universiteit Utrecht

Mr. drs. J. (Joost) Fijneman, Hoofd Bouwend Nederland Advies. 

Prof. dr. S.A.D. (Steven) van Garsse, hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit Hasselt en aan de Antwerp Management School van de Universiteit van Antwerpen (onder voorbehoud).

Prof. mr. J.M. (Jan-Michiel) Hebly, advocaat Benthem Gratama Advocaten en hoogleraar bouw- en aanbestedingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Drs. M.E. (Matthijs) Huizing, Aanjager Traject Beter Aanbesteden.

Prof. mr. C.E.C. (Chris) Jansen, hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam, gasthoogleraar (TPR-wisselleerstoel) bij het Centrum voor Overheid en Recht (CORe) aan de Universiteit Hasselt en voorzitter van de Commissie van Aanbestedingsexperts (CvAE).

Mr. W.A. (Willem) Janssen LL.M, docent en onderzoeker verbonden aan het Public Procurement Research Centre (PPRC) van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. P.H.L.M. (Pieter) Kuypers, advocaat AKD te Brussel en bijzonder hoogleraar Europees en nationaal aanbestedingsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen (onder voorbehoud).

Prof. mr. E.R. (Elisabetta) Manunza, hoogleraar Europees en internationaal aanbestedingsrecht aan de Universiteit Utrecht en codirecteur Public Procurement Research Centre van de Universiteit Utrecht.

Ir. J. (Jeannine) Peek, Algemeen Directeur Dell Nederland en voorzitter ICT Nederland (onder voorbehoud).

R. (Richard) Sandee, redacteur Staatscourant en coördinator Gemeente.nu  

Drs. M.R. (Maarten) Schurink, secretaris-generaal Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (onder voorbehoud).

Mr. D. (Ditmar) Waterman, directeur Stichting Regionaal Inkoopbureau IJmond en Kennemerland (RIJK).

Mr. drs. A.M. (André) Weimar, directeur Faciliteiten, Huisvesting en Inkoopbeleid Rijk bij het directoraat-generaal Organisatie en Bedrijfsvoering Rijk, van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Begindatum en -tijd
11 april 2018 09:15
Einddatum en -tijd
11 april 2018 18:00