4 juni 2013 van 12:30 tot 18:00

Dubbel-oratie Cok Bakker: Werken in het onderwijs vraagt om moed en zelfbewustzijn

Het huidige onderwijs rekent zich rijk met een anti-pestprotocol en hoge Cito-scores. Maar al die voorschriften en cijfers zijn niet de basis voor goed onderwijs. Goed onderwijs vraagt om leraren die niet slaafs de regels volgen maar ook (zelf)bewust rekening houden met subjectieve factoren – inclusief hun eigen morele opvattingen. Dat stelt prof. dr. Cok Bakker, hoogleraar Didactiek van levensbeschouwelijke vorming aan de Universiteit Utrecht en lector Normatieve professionalisering aan Hogeschool Utrecht. Op 4 juni houdt hij een oratie/openbare les als hoogleraar en lector. Voorafgaand vindt het symposium ‘Over onderwijs, leraren en levensbeschouwing’ plaats.

Wat is goed onderwijs, en wie bepaalt dat? vraagt Bakker zich af. Goed onderwijs bestaat volgens hem bij de gratie van de leraar die durft af te wijken van wat hij de ‘instrumentele professionalisering’ noemt: de kennis van de vakinhoudelijke canons, competenties en gedragscodes. In zijn rede (en in zijn werk als hoogleraar en als lector) richt Bakker zich op de ‘normatieve professionalisering’, oftewel op de morele en levensbeschouwelijke dimensie van het leraarschap.

Het belang hiervan blijkt al uit een simpel voorbeeld. Er mag dan nu een anti-pestprotocol bestaan, de kans is groot dat twee leraren in vergelijkbare gevallen heel verschillend zullen reageren wanneer een leerling gepest wordt. Ook wanneer de leraren zich allebei aan het protocol houden. “Het systeem bepaalt niet het handelen van de leraar, maar is slechts één van de beïnvloedende factoren,” aldus Bakker. Persoonlijke opvattingen (over het leraarschap, en over het leven in het algemeen) spelen altijd een rol. “De leraar is de bepalende factor in het toekennen van betekenis en impact aan het ‘systeem’.”

Bakker vraagt daarom meer aandacht voor dit aspect. Niet alleen in de klas, maar vooral tijdens de opleiding van de leraar. Een professionele houding betekent zowel voor leraren als voor lerarenopleiders: kunnen omgaan met open einden, ongrijpbaarheid en onzekerheden. En daar is moed voor nodig.

Symposium

Het symposium dat voorafgaat aan de dubbel-oratie, staat in het teken van dit thema én in het teken van het spanningsveld waarbinnen universitair en hogeschoolonderzoek plaatsvindt. Wat hebben universiteiten en hogescholen elkaar te bieden als het gaat om onderzoek?

Diverse partijen, waaronder universitaire onderzoekers, vragen zich af of het verrichten van onderzoek aan een hogeschool wel mogelijk is. Net zoals onderzoekers op hogescholen zich afvragen wat wetenschappelijk onderzoek de praktijk eigenlijk te bieden heeft.

Bakker tracht deze onderzoekswerelden bij elkaar te brengen. Zo begeleidt hij zo’n 17 promovendi vanuit de Hogeschool Utrecht of de Universiteit Utrecht als één groep, zonder zich te storen aan de grens van de universiteit of hogeschool, zij het met een sterke academische oriëntatie. Tenslotte ambiëren alle promovendi wetenschappelijk onderzoek te doen en aan de Universiteit Utrecht te promoveren.

Prof. dr. Cok Bakker is theoloog en onderwijskundige. Zijn onderzoek richt zich op de relatie tussen onderwijs en levensbeschouwing in brede zin, zoals die zich manifesteert op meso-niveau van het maatschappelijk middenveld en instituties, zoals bijvoorbeeld in vraagstukken over de identiteit van scholen en het vak godsdienst/levensbeschouwing, en op het micro-niveau van de professionele en levensbeschouwelijke biografie van leerkrachten.

 

Begindatum en -tijd
4 juni 2013 12:30
Einddatum en -tijd
4 juni 2013 18:00
Hoogleraar
Prof. dr. Cok Bakker
Leerstoel
Didactiek van Levensbeschouwelijke Vorming
Oratie
Het goede leren